Artikelen
Online cursus hengelbouwen Deel 2
Het handvat is inmiddels gereed. Staat dat er strak bij, dan kun je uiteraard niet wachten op de laatste stappen, het wikkelen en het lakken. De cursus is niet voor niets in twee delen gemaakt. Beide delen kosten ongeveer evenveel tijd en zijn twee totaal verschillende disciplines. Werk ook hier weer zeer geduldig en overhaast vooral niets voor het mooiste resultaat.
Oogverdelingen
Tja, hier zijn zovele variaties
op dat ik besloten heb ze vooral niet op papier te zetten.
Afstandshengels, korte afstandshengels, penhengels, licht,
zwaar, enz. en dan ook nog hoge en lage ogen met verschillende
diameters, maken vele verdelingen mogelijk.
Voordat ik begin met bouwen en nog voordat ik de materialen
koop maak ik een tekening met autocad zodat alle verhoudingen
goed inzichtelijk worden gemaakt en je niet voor verassingen
komt te staan. Stuur gerust een PB-tje als je hier vragen
over hebt. Ik ben vooral gespecialiseerd in reelhengels
en heb voor alle lengtes de ideale verdeling op papier staan.
![]() |
| Tekeningetje van de oogverdeling en het handvat uitgedetailleerd... |
Topoog lijmen en de top uitlijnen
Het achterdeel is al uitgelijnd. Dat is handig
om nu ook de top te gaan doen. Zet de twee delen losjes
in elkaar en hou het achterdeel zoals deze hoort. Boven
op de reelhouder zit een sleufje dat je mooi als referentie
kunnen gebruiken zodat je precies kunt zien dat je het achterdeel
heel nauwkeurig in de goede houding hebt. Door de top rond
te draaien t.o.v. het achterdeel kun je deze mooi uitrichten
zodat deze zo recht mogelijk wordt uitgelijnd samen met
het achterdeel. Plaats de hengel vervolgens schuin tegen
een kastje aan o.i.d. en fixeer hem even zodat het sleufje
van de reelhouder precies aan de bovenkant zit. Het topoog
kun je er nu op lijmen zodat deze precies aan de onderkant
komt te zitten.
Zie ook de opmerkingen hierover in deel 1.
Het echte werk, het wikkelen
Daar valt eigenlijk niet eens
zo gek veel over te vertellen. Het wikkelen is een vaardigheid
die met enige oefening ontwikkeld moet worden. Oefenen op
een oud hengeldeeltje kan dus zeker geen kwaad. Veel tijd
gaat in het begin verloren door foutjes zoals dubbele draadjes,
losspringen van het laatste eindje enz. Als alles in één
keer goed gaat, neemt het wikkelen van een karperhengel
met 10 ogen incl. sierwikkelingen, niet meer dan enkele
uurtjes in beslag. Met wat oefening ben je zelfs binnen
een uur klaar. Als je ziet hoe gecompliceerd sommige rigs
zijn die we gebruiken dan is dit een fluitje van een cent.
Eerst slijp je de voetjes van de ogen mooi schuin en rond
af zodat de wikkeling er gemakkelijk tegenaan te leggen
is, zonder dat er een kiertje ontstaat. Voorkom wel scherpe
randjes aan de zijkanten van de voetjes!
Je begint met de plaatsing van de ogen af te tekenen op
de blank met dunne reepjes afplakband. Plak deze vooral
op de zijkant van de blank zodat ze gemakkelijk weer te
verwijderen zijn na het wikkelen. Vervolgens plaats je het
eerste oogje achter het topoog op de blank. Even vastzetten
met tape, ongeveer uitgelijnd met het topoog. Vervolgens
perfect uitlijnen met het topoog en wikkelen maar.
Voordat je gaat wikkelen leg je vast het nylon lusje klaar,
een scherp schaartje en een vlijmscherp (breek)mesje.
Tijdens het wikkelen is het gemakkelijk om het klosje wikkelgaren
in een limonadeglas o.i.d. te leggen zodat het klosje draait
als je aan het wikkelen bent. Dat voorkomt kinken van het
wikkelgaren.
Zeer belangrijk: WIKKEL NOOIT TE STRAK!!! Ten eerste kun je de blank ermee beschadigen omdat je de voetjes van de ogen erin zou kunnen drukken. Dit gaat vooral op bij oude dunwandige glasblanks i.c.m. hard verchroomde ogen met smalle voetjes. Ga maar na bij een wikkeling van 20 mm breed en wikkelgaren van 20/100 mm. Dat zouden dus 100 omslagen zijn x de trekkracht die (ongeveer) op de blank drukt. Ten tweede is het wikkelgaren een gevlochten nylon. Bij te strak wikkelen zet je er te veel spanning op waardoor er vezeltjes knappen. Daar is niets van te zien en je komt er pas achter bij het lakken, omdat dan pas hele kleine pluisjes ontstaan als het garen wat oplost in het oplosmiddel van de lak. Dat komt niet meer goed en je kunt opnieuw beginnen. Met 2-K lak heb je daar dan weer geen last van. Vooral bij blanks met een grote diameter ben je al snel te strak aan het wikkelen omdat je meer grip hebt op de blank dan bij een dun hengeltje. Bij dikwandige carbon blanks kun je zo strak wikkelen als je wilt, mits het wikkelgaren het toelaat. Gebruik altijd wikkelgaren van het merk Gudebrod. Ik heb eens spul gehad van een ander merk dat ging pluizen, wat pas zichtbaar was na het lakken…………De dunste soort (maatje A) is het meest ideaal voor karperhengels.
Het eerste eindje van het garen komt onder de wikkeling te liggen. Dat eindje leg je dwars op de blank en je begint daar overheen te wikkelen. Als je wat verder van het voetje van het oog begint dan waar je eigenlijk wilt beginnen, kun je door aan het uiteinde te trekken en de hengel te draaien het begin van de wikkeling in één keer strak en recht krijgen.
![]() |
| Het begin van de wikkeling... |
![]() |
| Nu beginnen met wikkelen. Het losse eindje trek je strak zodra er zo’n 5 slagen op liggen... |
![]() |
| Na het straktrekken knip je het losse eindje af... |
Enfin, een millimeter of 6 voor het eind van de wikkeling leg je het nylon lusje eronder en wikkelen deze mee. Aan het eind van de wikkeling haal je het wikkelgaren door dat lusje heen en trekt deze voorzichtig terug totdat het wikkelgaren klem zit tussen de wikkeling en het lusje. Nu snij je dat uiteinde van het garen zo kort mogelijk af tegen het lusje aan en terugtrekken maar. Je zult zien dat het uiteinde van het garen nu een mm of 5 onder de wikkeling komt te liggen zonder dat het uiteinde weer tussen de wikkelingen door komt, wat een zeer irritant pluisje veroorzaakt wat je bijna niet meer weg krijgt. Dit laatste vereist wel wat oefening. Bij te strak gewikkelde wikkelingen werkt deze truc niet. Het lusje moet vrij gemakkelijk terug te trekken zijn, anders is de wikkeling te strak gelegd. Wees niet bang dat de ogen te los zouden zitten. Na het lakken zitten deze altijd muurvast!
![]() |
| Na het afknippen van het losse eindje wikkel je ontspannen verder. Zie ook het afgeslepen voetje... |
![]() |
| Nu wordt het tijd om het nylon lusje mee te wikkelen... |
![]() |
| Eitje toch? |
![]() |
| Hier is het wikkelgaren door het lusje heen gehaald en kun je het lusje aan gaan trekken totdat het uiteinde strak tegen de laatste wikkeling aanligt. Het uiteinde hou je daarbij lekker strak... |
![]() |
| Strak tegen de laatste wikkeling aan dus.... |
![]() |
| Snij het uiteinde strak af en trek voorzichtig het lusje aan. Met deze methode heb je nooit een pluisje tussen je wikkelingen. Wel in één keer doorsnijden, anders kan er alsnog een pluisje ontstaan. Op de foto gaat het dus niet helemaal goed.... |
![]() |
| Nadat het lusje is aangetrokken kun je met je nagel alle wikkelingen op z’n plaats leggen door er voorzichtig over te ‘krabbelen’ zoals op deze foto. Resultaat is een superstrakke wikkeling, klaar om gelakt te worden... |
Smalle sierwikkelingen vereisen iets meer oefening. Die gewenste 5 a 6 mm om de uiteindjes onder te leggen heb je dan niet. Tot vervelens toe zal de wikkeling losspringen, totdat je het door hebt en dit een klusje van niks is. Niet te snel opgeven dus. Eenieder heeft hier z’n eigen handigheidje voor. Tijdens het maken van een wikkeling kun je alvast het stukje garen voor het sierrandje onder de wikkeling leggen b.v. en ook kun je alvast een extra nylon lusje leggen om daarna weer het uiteinde van de sierwikkeling terug te trekken.
![]() |
![]() |
| Staat wel leuk zo’n sierrandje. Van mij hoeft het echter niet zo nodig. Deze wikkelingen staan nog niet in de lak.... |
Hoera, we gaan lakken!
Lastige materie het lakken, hier kan
het resultaat héél mooi zijn dan wel een verschrikking.
Verschillende technieken en vele laksoorten maken dat het
eindresultaat enorm kan verschillen. Zelf lakte ik altijd
met de ‘ouderwetse’ P.U.-lakken of ‘jachtlakken’
deze 1 component lakken bestaan voor een groot deel uit
oplosmiddelen welke verdampen tijdens het hardingsproces.
Daar zit hem nou net de kneep. Onze nylon wikkelgarens houden
helemaal niet van oplosmiddelen. Ze gaan vaak verkleuren
en lossen vaak zelfs gedeeltelijk op, wat niet echt een
mooi resultaat geeft. De lak moet dus zo snel mogelijk drogen
om dit te voorkomen. Het beste resultaat heb ik altijd gehad
met ‘Diaglass’ van het merk Frenken. Deze lak
is bedoeld voor aanrechtbladen e.d. dus het kan goed tegen
water en schoonmaakmiddelen en wordt knoerthard. Bovendien
droogt het lekker snel.
De ‘ouderwetse’ methode
Het eerste laagje over de wikkelingen moet je dus vooral lekker dun aanbrengen zodat het lekker snel droogt en de oplosmiddelen niet de kans krijgen de wikkelingen te verzieken. Het is een klusje waar veel geduld bij komt kijken. De tweede laag mag er pas op nadat de eerste goed droog én uitgehard is. Na 2 dagen kan dus pas de tweede laag erop en je hebt er nog een stuk of 7 a 8 te gaan voordat de wikkeling er echt glad en glanzend uit gaat zien………… Let wel, het resultaat kán erg mooi zijn, zeker voor de liefhebber van een klassiek ogende hengel die niet houdt van de opzichtige glanzende dikke laklaag van een 2-componentenlak. Vooral als naderhand ook nog eens heel de hengel wordt afgelakt met dezelfde lak kan het resultaat werkelijk verbluffend zijn. Dit vraagt wel erg veel van de aspirant hengelbouwer.
Doorgaans lak je, in geval van een nieuwe blank, niet heel
de hengel af, maar alleen de wikkelingen. Er zit namelijk
al een perfecte laklaag op die zelfs in een oven is gebakken.
Een klassieke lak met satijnglans of zelfs een matte lak
op de wikkelingen kan een hengel een hele aparte uitstraling
geven. Wat camouflage betreft heeft dit meer zin dan drie
camouflagepakken over elkaar heen aantrekken met ‘real
tree’ tassen erbij.
Lak, totdat je bij de laatste paar laagjes bent, tot aan de rand van de wikkeling om een net strak randje te krijgen. Laat bij de laatste laagjes pas wat lak naast de rand van de wikkeling vloeien waarbij je bij de laatste laklaag het randje af zou kunnen plakken met schilderstape. Tape direct weer verwijderen na het lakken!
![]() |
| Blank in zwart satijnglans gelakt met matte wikkelingen... |
Lakken met tweecomponenten lak
Zeer aanbevelenswaardig voor de moderne slank ogende hengels, het geeft de hengel een zeer chique professionele uitstraling.
Wat je nodig hebt is de juiste lak, penseel, vaste hand,
ronddraaiapparaat en een zeer geringe hoeveelheid geduld.
Het lastigste van deze techniek is om aan een apparaat te
komen dat de hengel zeer langzaam doet ronddraaien. Heb
je dat voor elkaar dan kun je zo aan de slag. Ik ben deze
dingetjes eens tegen gekomen bij een Engels firma. Ze zijn
er speciaal voor gemaakt en werken op batterijen. Liefhebbers
zouden met een ruitenwissermotor aan de slag kunnen gaan.
De lak is gewoon te koop bij de betere hengelsportzaken met een eigen hengelbouwafdeling. Penselen kun je kopen bij kunstenaarswinkels. Ze dienen lange zachte haren te hebben zoals het ding op de foto.
De lak moet in 2 gelijke delen gemengd worden. Handig daarvoor
zijn de potjes van de apotheker, welke je meestal gratis
en voor niks meekrijgt als je het vriendelijk vraagt aan
de meestal erg vriendelijke dames daar.
Het mengen doe je het beste met een metalen stiftje, vooral
niet met een satéprikker omdat het schijnt dat daar
olie uit kan komen wat oplost in je lak.
Het flesje ‘resin’ deel van de lak moet even
worden voorverwarmd in heet water, anders is het niet in
je mengbekertje te gieten. Aan totaal 5 ml heb je genoeg
voor alle wikkelingen. Doe je alles ineens, dan moet je
flink opschieten omdat anders de lak al te dik wordt bij
de laatste wikkelingen.
![]() |
| 2-K lakbenodigdheden... |
Het lakken gaat vervolgens hetzelfde in z’n werk
als op de klassieke methode, met het grote verschil dat
je het veel dikker opbrengt dan de 1-K lak. Na het opbrengen
van de lak laat je immers de hengel enkele uren ronddraaien
zodat zakkers niet kunnen ontstaan. Tijdens het lakken draai
je de hengel al in horizontale positie rond zodat dit vanzelf
gaat. De eerste laklaag dient om het garen te verzadigen
met lak, zodat tot de randen aflakken volstaat. De ruimte
naast de voetjes van de ogen zullen bij deze eerste laag
ook compleet verzadigen en dicht lopen zodat dit geen extra
aandacht nodig heeft. Boven de holle ruimtes even een druppel
lak opbrengen en daarna netjes over de wikkeling verdelen
kan dit proces nog wat bevorderen zodat de lak boven deze
holle ruimtes niet geheel in die ruimtes verdwijnt en er
ter plaatse geen schrale plek ontstaat.
Nu kan de hengel ingespannen worden in het –eventueel
geïmproviseerde- ronddraaiapparaat. Zelf heb ik iets
met een klein draaibankje en een rodpod in elkaar geknutseld.
![]() |
| Geïmproviseerd ronddraaiapparaat. 6 toeren per minuut is al voldoende... |
![]() |
| Een uurtje of 4 laten draaien en genieten maar van het resultaat... |
![]() |
| Aanbrengen van de eerste laklaag... |
![]() |
![]() |
| Resultaat na de eerste laklaag... |
De tweede en meteen ook laatste laag wordt ook lekker ‘vet’ aangebracht. Het verdient de aanbeveling om de buitenste randjes van de wikkelingen even af te plakken met schilderstape, wat meteen na het lakken weer verwijderd wordt. Tegen de tape aan dien je de lak dun op te brengen anders gaat er alsnog lak vloeien en krijg je geen mooi strak randje. Op deze manier krijg je een lekkere bolle laklaag en een onverwoestbaar geheel. Bij de binnenste randjes van de wikkeling volg ik zelf altijd gewoon de rand van de wikkeling met lak. Voorheen zag je wel eens dat heel deze ruimte tussen de wikkelingen mee werd gelakt. Moet je eens een oog vervangen dan krijg je daar veel spijt van…………Bovendien maakt het een hengel onnodig zwaar en lomp van uiterlijk. Doe mij maar die strakke randjes ertussen, al is er wel een vaste hand voor nodig.
![]() |
![]() |
| KLAAR!!!!!!!!!!!!!!!! |
Opknappen van oude meuk
Eén ding is nog niet beschreven en dat is het kaal
maken en opnieuw lakken van de blank. De goede methode hiervoor
is erg afhankelijk van het soort blank en de laklaag die
erop zit. Helaas is de oude laklaag bijna nooit te redden
zodat deze er in zijn geheel vanaf moet. Dat is geen éénvoudig
werkje. Na het verwijderen van de ogen en het handvat is
de blank aan de beurt. Zijn de wikkelingen met 2K lak behandeld,
dan kan deze lak goed worden verwijderd door het even op
te warmen boven een fluitketeltje en is misschien de originele
laklaag van de hengel te redden. Als die laklaag nog goed
intact is –in geval van zo’n transparante kleurlak
b.v.- dan hoeft deze laklaag alleen maar een heel klein
beetje te worden opgeschuurd met waterproof 800 of staalwol
en daarna worden gelakt met blanke lak, indien nodig.
Bij een gladde blank kan de lak er met een vlijmscherp verfverwijdermesje
van de blank worden geschraapt waarbij het mesje haaks op
de blank moet worden gehouden. Niet blindelings schrapen
dus, maar met beleid. Na deze bewerking moet de blank nog
wat geschuurd worden met zeer fijn waterproof schuurpapier
met minimaal korrel 600. Dan nog komen er vezeltjes los
die nauwelijks te zien zijn. Pas na het aflakken van de
blank zijn er een soort pluisjes te zien doordat er nu lak
op zit. Nog maar eens schuren met korrel 800 en weer lakken,
net zo lang tot de hengel helemaal strak is.
Let op: dit is zeer ongezond werk. Gebruik een goed stofmasker!
Bij een blank met b.v. kevlar kruiswikkelingen (tjonge jonge,
wat zaten daar toch goed blanks bij!) kun je natuurlijk
niet eventjes zomaar met een mesje gaan schrapen. Heel voorzichtig
met fijn schuurpapier of zelfs staalwol te werk gaan is
hier de methode. Let op dat je die kruiswikkelingen niet
beschadigt!
Het lakken van de blank gaat heel goed met diezelfde Diaglass
van Frenken. Moet de blank een kleurtje krijgen of zwart
worden, dan zijn de kleurlakken van Histor erg geschikt.
Vooral in satijnglans geeft het een erg mooi resultaat.
De lak zet je lekker dik op zodat het alle kans heeft om
te vloeien. Na het opzetten van de lak draai je de blank
regelmatig om zakkers te voorkomen. Door de oppervlaktespanning
van de lak om de ronde blank, zal de lak perfect strak uitvloeien
als het met de juiste dikte is opgebracht. Ook hier weer
even proberen op afgeschreven materiaal.
![]() |
| Een opnieuw opgebouwde Bruce & Walker welke in erbarmelijk staat verkeerde. Het handvat en het B&W stickertje zijn gered. Helaas moest Rini Groothuis er vanaf worden gekrabbeld (sorry Rini) Deze hengel is helemaal kaal gemaakt en vervolgens afgelakt met Histor lak in satijnglans. De oogjes zijn vervangen door SIC-jes met ook een betere verdeling. Het is nu een ideale penhengel geworden.... |
Nawoord
Dit waren ze dan, alle technieken om je eigen hengels te kunnen bouwen. Zoals je hebt kunnen zien valt het allemaal reuze mee. Staat je ideale hengel toch niet in het rek van de hengelsportwinkel en wil je ook niet één van de Nederlandse hengelbouwers ernstig verrijken, dan weet je wat je te doen staat. Niet dat die hengelbouwers zo veel rekenen voor hun diensten. Probeer er zelf maar eens wat mee te verdienen. Toch levert zelf bouwen vaak een leuke besparing op.
Na het uitkomen van deel 1 is mij verschillende malen om
een kostenplaatje gevraagd. Het ging hier om mensen die
alleen maar genoegen nemen met absolute topkwaliteit (waarom
zou je ook voor minder gaan?!). Wat is dan topkwaliteit
als het om blanks en verdere benodigdheden gaat? Moet een
blank dan 200 euro kosten omdat deze van een fabrikant met
een Engelse klinkende naam is? Moet er Fuji op de voetjes
van de ogen staan? Veel van dit soort vragen houden mij,
in een voortdurende zoektocht naar de ideale hengels, de
laatste tijd flink bezig. Ik kan niet anders zeggen dat
je flink teleurgesteld kunt raken als je voor het allerduurste
gaat omdat dit vanzelfsprekend ook het allerbeste zou zijn.
Pak dus ook eens een goedkopere blank uit het rek en ga
er even mee zwiepen en buigen. Vele blanks, zeker van Duitse
makelij, zijn gewoon heel erg goed. Hou er wel rekening
mee dat er nog wat gewicht bij komt door de oogjes. De kale
blank voelt dus altijd veel strakker aan dan wanneer deze
is afgebouwd.
Moeten er SIC-oogjes op, dan zijn die van Fuji een veelgemaakte
keuze. Is echter helemaal niet nodig, er zijn ook andere
fabrikanten die SIC-oogjes maken voor een fractie van de
prijs. Ook deze verslijt je niet en zijn net zo glad. Reelhoudertjes
kun je wel gerust van Fuji nemen, mocht je deze het mooist
vinden. Die zijn niet eens zo duur, maar er zijn ook andere
fabrikanten die mooie en goede reelhouders maken.
Aan goede kurk komen blijft lastig. De betere soort hoeft
namelijk niet geplamuurd te worden, maar kost wel het dubbele
t.o.v. de mindere soort. Toch zou ik hier niet op bezuinigen,
omdat het je hengels kwalitatief veel beter maakt. Bezuinigen
is in deze materie toch het juiste woord niet omdat de zelfbouwer
zeer hoge eisen stelt. Anders had hij wel een fabriekshengel
gekocht. Kwaliteit zit hem echter niet alleen maar in de
prijs van de losse componenten!
Alles bij elkaar ben je toch wel meer kwijt dan met een
fabriekshengel die meestal ergens in Azië is geproduceerd.
Maar dan zit je wel met iets speciaals te vissen en vormen
je hengels het absolute pronkstuk van je uitrusting.
Het leukste om mee te beginnen is het opnieuw opzetten van je oude geliefde hengel die gezien zijn staat echt toe is aan een opknapbeurt omdat alles er los bij hangt en er al enkele oogjes gesneuveld zijn zodat het ding toch al niet meer in originele staat is.
In dat geval moet meestal heel de hengel tot op de blank worden kaal gemaakt en opnieuw worden opgebouwd. Je weet nu hoe dat moet, dus veel plezier!
![]() |
![]() |
![]() |
![]() |
| Voorbeeld van een zelfbouwproject, de meervalhengels van Hans Brinkel welke ik voor de veiling voor Azië heb gemaakt. Dubbel gewikkeld vanwege de enorme krachten die (hopelijk) op de ogen komen te staan. Kurk is gelijmd met constructielijm wat gaat bruisen bij het drogen. Doe dit nooit als het niet echt nodig is, het komt overal tussenuit zetten. In dit geval moest het wel omdat het buttend van deze hengels uit een rechte carbon fibre pijp bestaat.... |
Bas Breetveld
Gerelateerde Artikelen:
| Titel | Auteur | Datum |
|---|---|---|
Ongekend dressuur ![]() |
Jeroen op 't Hof | 29-06-07 |
| Karpervissen vanuit de boot | Bob van Biemen | 07-01-07 |
| De stilte doorbroken II | Jordy & Jeroen op 't Hof | 10-12-06 |
| De stilte doorbroken | Jordy & Jeroen op 't Hof | 05-12-06 |
| Online Cursus Hengelbouwen, deel 2 | Bas Breetveld | 29-08-05 |
| Online Cursus Hengelbouwen, deel 1 | Bas Breetveld | 01-08-05 |
| Dag-licht -gewicht | Piet Vogel | 17-01-05 |
| Fotograferen een tactiek apart | Rene Berger | 08-07-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 3 | Rob Kuijkhoven | 04-02-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 2 | Rob Kuijkhoven | 20-01-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 1 | Rob Kuijkhoven | 12-01-04 |
| Zelf een voerboot bouwen | Gert-Jan Terluin | 03-01-04 |
| Penvissen, deegvissen en drijvend vissen | Ruud Laros | 17-02-03 |
| Koude Karper | Mike van Zijl | 28-12-02 |
| De boiliemachine | Lennart Hoomoedt | 12-05-02 |
| Kookkunst | Michiel Pilaar | 26-01-02 |
| Mijn Wintervisserij | Saron Debets | 15-01-02 |
| Karpervissen in de winter | Wim Deenik | 01-12-00 |
| Zelfbouw rodpod | Frenk de Gruiter | 09-10-00 |
| Xtreem dichtbij! | Bart Verbakel | 11-06-00 |
| Praktijkervaringen | Huub Dings | 03-05-00 |
| Koude karper, waar en wanneer. | Richard van de Bosch | 21-03-00 |
| Omgaan met dressuur | Martijn Nederpel | 19-02-00 |
| Karpervissen met haken zonder weerhaak | Arend Bleijerveen | 10-11-99 |
| The Method | Bertil Wielink | 12-10-99 |
| De kurkentrekker | Frank Huisman | 12-10-99 |






























