Home  |  Contact  
 

Artikelen


De Onderwaterwereld


Michiel Lieverdink

Wat zou er nu onder water gebeuren?
Wat zou er nu onder water gebeuren?
Na het verschijnen van dit artikel op Karperwereld Online eind 2000, bleek het artikel interessant genoeg om nogmaals te worden gepubliceerd in een wat uitgebreidere vorm aangezien er veel vragen/opmerkingen/complimenten bij mij binnenkwamen die ik nu in dit bijgewerkte en uitgebreidere stuk heb verwerkt.

Het artikel "De Onderwaterwereld" bevat een aantal meningen en conclusies over zaken waar ik nog nooit ergens iets over heb gelezen in een karperblad/artikel.

Ik ben 32 jaar oud, woon in eibergen (Gelderland) en ik vis nu ongeveer 16 jaar op karper. Ik vis hoofdzakelijk in de avonduurtjes en slechts af en toe een nachtje.

In het najaar, in de winters en in het voorjaar vis ik echter hoofdzakelijk overdag of `s morgens vroeg omdat de karper op "mijn" wateren voornamelijk dan aast, wat volgens mij op de meeste andere wateren al niet veel anders is. Mede hierdoor kom ik aan een gemiddelde van ongeveer 200 visuren per jaar, niet echt een verslaving dus, maar ik heb meer hobby's (waaronder duiken, maar dit komt verderop) en het moet voor mij geen obsessie worden, want er zijn meer dingen in het leven dan karpervissen. Ga maar eens op een vliegvakantie naar de zon (zonder hengels dus) en ik weet zeker dat een deel van de karpervissers dit nog nooit heeft gedaan, omdat dit zonde is van de kostbare vistijd, denken ze, maar goed dit is mijn mening en ieder z`n meug.


Trekroutes


De trekroute is gevonden..
De trekroute is gevonden..
Ik wil jullie proberen uit te leggen hoe de onderwaterwereld van de karper in mijn ogen in elkaar steekt en ik trek hierbij enkele conclusies die niet perse de waarheid hoeven te zijn (ik hoop van wel), ik ben tenslotte geen wetenschapper maar ik kan op z`n minst vertellen wat ik zie en trek hieruit mijn conclusies, waar dan weer gespreksstof uit voort kan vloeien en hopende dat we weer verder komen in een aantal mysteries die onze grote vriend nog steeds omsluieren.

Ik wilde beginnen met hoe een school karper eruit ziet onder water. Ik kom wel eens (scholen) karper tegen onder water, helaas minder vaak dan ik zou willen, omdat over het algemeen geldt dat witvis en met name karper en brasem, een stuk schuwer is dan roofvis en je dus een veel kleinere kans hebt om onder water een karper tegen te komen dan bijvoorbeeld een snoek of baars, dit in tegenstelling tot als je niet duikt en vanaf de kant naar het water kijkt, dan heb je juist een grotere kans om een brasem of karper te zien, dan bijvoorbeeld een snoek. Het kan echter ook zijn dat dit zo is, omdat roofvis, bijvoorbeeld een snoek in een hinderlaag ligt en niet rondzwemt als een karper, en dat alle witvis dus ook de grootste karpers, een duiker als een gevaarlijke roofvis zien. Alleen in de paaitijd verliezen ze hun schuwheid naar de duikers (en wandelaars) en dan is de kans het grootst om ook onderwater een karper of brasem tegen te komen.

Ik kom dus wel eens een school karpers tegen die er altijd weer anders uitzien qua grootte van de vis en aantallen karpers, wat wel over het algemeen geldt, is; "hoe groter de school des te kleiner de vis." Men moet zich niet voorstellen dat een school karpers dicht opeen gepakt met een tussenruimte van enkele centimeters hun rondes zwemmen. Nee ik heb gezien (in helder water, dit zeg ik er bij omdat het in troebel water of `s nachts anders kan zijn, maar dat denk ik niet) hoe een school karpers met tussenruimtes per vis van zo`n 3 tot 6 meter, in ongeveer 4 meter diep water zwom, waarbij de grootste vissen in het midden van de school en laag in deze school zwommen, de laagste vis zat ongeveer 1 meter van de bodem Dit kan normaal zijn, maar ook betekenen dat ze niet aan het azen waren op deze plek. Ik kan echter niet altijd zien hoeveel karpers er zich in een school bevinden omdat het zicht dit niet toelaat, en omdat ze dus met grote tussenruimtes per vis rondzwemmen. (In die gevallen die ik heb gezien).

Ook een probleem om ze tegen te komen is dat de schuwe karpers jou veel eerder zien/opmerken met hun, aan hun omgeving aangepaste zintuigen dan jij hun opmerkt/ziet, als indringer zonder deze onderwater-zintuigen. Je snapt het al, erg vaak kom je ze dus niet tegen, maar je kunt je kansen wel vergroten door te zwemmen op een diepte van ± 1- 4 meter, (en dit is ook weer afhankelijk van het soort water, de drukte en het jaargetijde) rustig te duiken, dus geen gezwaai met je armen etc. en bij elke adem-teug zo lang mogelijk (niet overdrijven!!) je adem in te houden, omdat de bellen die je produceert bij het uitademen, vissen kunnen verschrikken!! Je kunt, als je lang je adem in kunt houden (ik bijvoorbeeld meer dan 3 minuten in rusttoestand) dus beter gaan snorkelen tot een diepte van 4 meter, en dan heb je een grotere kans dat je ze tegenkomt dan met perslucht, omdat je nu minder bellen produceert (herrie). Blijf wel rustig met je gezwaai van benen en armen, en neem geen risico`s door in water met slecht zicht en obstakels te gaan snorkelen.

Ik kon de tijd erop gelijk zetten...
Ik kon de tijd erop gelijk zetten...
Neem nu de Vinkeveense plassen: Op deze plassen hebben wij waargenomen (en waarschijnlijk meerdere van ons, en niet alleen op de Vinkeveense plassen) tijdens het vissen, dat karpers vaste trekroutes hebben en elke nacht op dezelfde tijd en plaats weer opduiken. Je kunt de klok er (bijna) op gelijk zetten. (Echter ook geldt dat dit een bepaalde periode later weer kan verschillen, m.a.w. deze tijden worden met het jaargetijde verlegd). Gaan we nu op een doorgang tussen 2 eilanden zitten, dan kunnen we er (meestal) op wachten tot we beet krijgen, echter dit zijn niet de aasplekken en er zijn waarschijnlijk slechts enkele karpers die een paar boilies graaien en hierna weer doorzwemmen. Let op, deze doorgangen waren alleen productief als het water ongeveer 20 graden of meer was, was dit echter niet het geval, dan kregen we geen tot weinig runs en dan gingen we tegen de kop van een veen-eilandje (dus geen zandeiland) vissen waar ook gold, ga maar klaar zitten op die bepaalde tijd waar je de dag ervoor ook op die tijd een run kreeg. (Nogmaals: DEZE TIJDEN EN PLEKKEN ZIJN NATUURLIJK AFHANKELIJK VAN HET JAARGETIJDE, DE INVLOED VAN DE ZON OVERDAG, HOEVEELHEID VOEDSEL EN RUST)

En ook geldt dat je na deze run/tijd kunt inpakken, omdat de kans erg klein is dat er nog een run/aanbeet komt binnen 24 uur, tenzij een andere (of dezelfde) school karpers met een andere trekroute later ook nog langs(terug) komt.

Op de Vinkeveense plassen en andere grote en diepe meren wordt de kans om met duiken een karper tegen te komen natuurlijk een stuk kleiner. Ook omdat ik denk dat de karpers op de noordplas van Vinkeveen zich overdag voornamelijk in het diepe gedeelte tussen de ring van zand-eilanden ophouden op grote diepte (meer dan 10 meter).

Ik nam voor het vissen op de vinkeveense plassen behalve m`n visspullen ook m`n duikspullen (incl. flessen enz.) mee, belachelijke hobby zullen veel mensen gedacht hebben, ach ik kon nog net in m`n auto (alleen natuurlijk) en voor de rest was deze opgevuld met visspul, duikspul, veel eten, een buitenboordmotor enz. enz.

De veegstok
De veegstok
Afijn, ik ging dus ook overdag duiken. Vooral op de plekken waar de runs kwamen en ik zwom rond om te kijken of er nog voer lag van de vorige avond, en om te kijken waar de vissen evt. vandaan konden komen en wat bleek: vaak was er (in de buurt) een oneffenheid te vinden in de bodem, hetzij een steile kant, een onderwaterrug of een geul, die door het water kronkelde en ik in enkele gevallen deze route`s honderden meters kon volgen. Af en toe werd de route onderbroken door een groot gat (±1-2m in doorsnede) waar dan schijnbaar volop geaasd werd (was). Dit kon ik zien aan vele kleinere "hapgaten" van ±20 cm in omtrek, in de bodem waar de karpers dus happen zand hadden opgenomen om (eventuele) voedseldeeltjes eruit te filteren. Deze "aasgaten" (lees geen hapgaten) kwam ik ook op andere plekken tegen waar ik geen trekroutes in deze omtrek hiervan kon ontdekken maar waar dus wel geaasd werd.(was).

Deze aasplekken, met of zonder aasgaten, kunnen heel groot zijn in omtrek, wel 10m2, of zelfs nog groter, waar dus letterlijk overal "hapgaten" te zien zijn en ik zie deze plekken dus als de echte aas-plekken waar de trektocht van de karpers `s nachts dus heenleidt. Dit in t.s.t. de kleine aasgaten die zich soms in de trek -routes bevonden, en deze dus waarschijnlijk dienden als tussenstops omdat er wat bespeurd werd, om even snel wat naar binnen te werken.

Het kan echter wel zijn dat niet iedere nacht op dezelfde plek wordt geaasd en dat af en toe een andere plek wordt bezocht. Dit weet ik echter niet omdat ik `s nachts zelden duik en (`s nachts) nog nooit een karper ben tegen gekomen. En bovendien kan ik niet zien hoe oud een hapgat is.

Bijna altijd waren deze aasplekken te vinden op 4 - 6 meter diepte. Dit is echter waar ik ze gezien heb dus ze kunnen ook wel dieper of ondieper te vinden zijn, maar ik heb ze daar zelden aangetroffen. (een enkele keer tot ± 10 meter, dus in het koude water) Dit kan ook weer afhankelijk zijn van het soort water/land/jaargetijde.

Ook kwam ik een keer in een gebied terecht waar de hele bodem begroeid was met waterplanten en tot mijn stomme verbazing ging de trekroute gewoon verder. En het mooiste was dat ik deze nog steeds kon volgen, omdat door de waterplanten heen een mooi kronkelpad (dus zand) was ontstaan door alle vis die hier doorheen zwom (vergelijk dit maar met een autoweg waar ook geen gras groeit omdat er continue auto`s overheen rijden), en de waterplanten kregen dus ook niet of nauwelijks de kans om daar te groeien, omdat deze wegen steeds werden gebruikt door vis en ik denk niet alleen karper. (ook zeelt en snoek gebruiken deze routes waarschijnlijk wel) Af en toe werden ook deze wegen door de waterplanten onderbroken door een groot gat, wat echter ook ontstaan kan zijn door een boot die even flink gas heeft gegeven. Maar ook in deze gaten wordt geaasd, wel of niet door een boot veroorzaakt.

Schitterende 28 ponder van de snelweg..
Schitterende 28 ponder van de snelweg..
Men moet nu echter niet denken dat deze kale route evt. door de kiel van een boot of zo was gemaakt, want dit kan niet omdat er ook diepteverschil in de route zat, en ook omdat deze al kronkelend door de waterplanten ging. Bovendien bevonden zich ook in deze paden hapgaten. (Deze route kon misschien wel bijvoorbeeld door een voortgesleept anker zijn veroorzaakt, maar werd hoe dan ook, wel als trekroute gebruikt).

Men moet ook niet denken dat de complete trekroute onderwater te volgen is, het zijn hooguit kleine gedeeltes die voor het menselijk oog te zien zijn. De karper houdt waarschijnlijk ook (voor ons onzichtbare) paden aan d.m.v. punten/richtlijnen die de karper alleen kan waarnemen, en wij niet. De karper is tenslotte uitgerust met organen die wij niet hebben om onderwater zijn eigen "snelwegen" en "fietspaden" enz. te volgen. Een school karpers kan volgens mij zelfs op half water een trekroute hebben om van de ene naar de andere aasplek te komen (denk aan bijvoorbeeld postduiven/paling/zalm die ook hun weg weten te vinden), hetzij deze misschien niet zo nauwkeurig zal zijn als een trekroute over de bodem. Je moet je dit gewoon zo voorstellen dat als een karper kon lopen en ademen boven water en onze intelligentie zou hebben zou hij ook niet weten dat die asfaltwegen door ons worden gebruikt om ons te verplaatsen van x naar y, en dan heb ik het nog niet eens over de verkeersborden die bijvoorbeeld aangeven waar het wegrestaurant zich bevindt. Ik bedoel maar, je weet niet wat een karper onder water aanhoudt om zijn "restaurant" te vinden.

Als duiker heb je natuurlijk een groot voordeel dat je overdag je stekken kunt bekijken of bepalen waar je gaat vissen na onderwater een kijkje te hebben genomen en vindt je een mooie plek, dan zet je er een marker op die je onderwater had meegenomen en vissen maar, Je kunt kijken of er "hap-gaten" aanwezig zijn, obstakels, planten, of je kijkt na het vissen of er nog boilies (c.q. ander aas) lig(t)gen. Ik krijg uiteraard een beter beeld van de visplek met duiken op die bepaalde plek dan dat je met een fishfinder kunt zien, want hapgaten, kleine waterplanten en de trekroute kun je volgens mij op de beste fishfinder nog niet zien.

Wat mij ook gaaf lijkt om te zien en dit heb ik nog niet gezien, is; hoe een school karpers in het wild neerstrijkt op een voerplaats van bijvoorbeeld boilies en dat ik daar een film van kan maken en ik weet zeker dat dit me zou lukken als ik een onderwatercamera had, kon ik meteen een trekroute er op zetten en "hapgaten", maar deze camera` s(en de omhuizing) zijn mij te duur.

Er bestaat natuurlijk ook een groot verschil in de trekroutes met betrekking tot het soort water (en het jaargetijde op het soort water). In een grote zandafgraving houden ze denk ik hun trekroutes minder secuur aan dan op een kanaal of veenplas is mijn ervaring. Dit komt denk ik omdat een zandafgraving minder herkenningspunten heeft dan een kanaal of veenplas (het is gewoon een grote zandbak) Denk hierbij aan mosselbanken en obstakels. Maar ook hier geldt: de ene zandplas is de andere niet. Bovendien kunnen de aastijden op zo` n zandplas ook per nacht verschillen, net als bijvoorbeeld op het Twentekanaal (waar ze echter wel weer hun trekroutes strikt aanhouden). Dit komt denk ik omdat ze op het Twentekanaal (ik weet niet of dit voor alle gedeeltes geldt) in tegenstelling tot bijvoorbeeld de vinkeveense plassen GEEN "vaste" aasplekken hebben, en overal een beetje azen op hun vaste trekroutes van bijvoorbeeld de ene mosselbank naar de andere.

Ook geldt op het Twentekanaal naar mijn eigen ervaringen dat je de karpers bijvoorbeeld in mei onder de kant vangt en in juni op een talusd, of in het midden en niet snel meer onder de kant. (ligt er ook aan hoe diep het onder de kant is) Dus de trekroutes worden wel verlegd per periode.

Voorzichtige conclusie: Ik denk dat karpers niet of nauwelijks van hun (1 of meerdere) trekroute(s) afwijken en dit is volgens mij instinctief bepaald. Ze weten door ervaring/instinct wat de beste/snelste/veiligste route is naar het "restaurant" En misschien ook: toen ze enkele centimeters groot waren hadden ze vele vijanden en ik denk hoe groot ze ook zijn, dat ze niet beseffen dat dit nu niet meer het geval is (tenzij ze een hele grote snoek, meerval of steur tegenkomen) en daardoor dus instinctief zo vast houden aan hun vaste trekroute(s). (veiligheid dus) Dit verklaart ook, dat als je op een goede en bewezen vangende stek zit te vissen en je gooit een paar meter te ver of te dichtbij, dat je dan geen beet krijgt. Niet altijd natuurlijk, en niet op alle wateren. Het is vaak wel mogelijk om de karpers van hun vaste trekroute te laten afwijken door middel van voeren.

Springende karpers


Vismaat Chris weet springende vissen te waarderen
Vismaat Chris weet springende vissen te waarderen
Gevaarlijk onderwerp. Je kan jezelf met een conclusie/mening tegenwoordig zo voor gek zetten en sommige lieden schijnen hier veel plezier aan te beleven. Misschien denken ze, behalve door het tonen van veel grote vissen op foto`s (Wat ook lang niet altijd iets zegt over de kwaliteiten als karpervisser) dat ze door anderen af te zeiken die wel wat durven te beweren/vertellen hun eigen aanzien kunnen vergroten. (ik praat nu dus niet over eerlijke kritiek en/ of een andere mening (dit geldt natuurlijk ook voor alle artikelen) maar als er nooit gediscussieerd werd, waar waren we dan?

Laten we eerst het parasieten-verhaal maar eens "elimineren". Vissen springen (volgens mij dus) niet omdat ze last zouden hebben van beestjes. Dit om de eenvoudige reden dat vissen hiervoor o.a. gebruik maken van een z.g. "schuurstok" ofwel "veegstok". Dit is een stok (/tak/boom/auto/lijk etc.), meestal een vrij rechte, die op de bodem ligt op het zand en waaronder een gat is ontstaan doordat de vissen met heftige zwembewegingen hier tegenaan schuren om hun huid (schubben) zo van eventuele parasieten te ontdoen. Deze stokken zijn ook altijd mooi schoon zonder wier en andere zaken, zoals mosseltjes en schelpjes. (Ook worden deze plekken wel eens door een snoek gebruikt als perfecte hinderlaag.) Van deze stokken heb ik er meerdere gezien onder water en ik heb er ook wel een foto van maar deze staat in een boek en ik denk niet dat ik zomaar foto`s uit boeken mag gebruiken zonder toestemming van de uitgever.

Ook een manier voor de vissen om van parasieten af te komen is gewoonweg tegen de bodem aan te zwemmen met hun zijkant, wat het bekende flitsende effect geeft. Maar dit kan natuurlijk ook een andere betekenis/functie hebben.

Meer dan 30 pond perfectie..
Meer dan 30 pond perfectie..
Waarom springen ze dan wel? Ik denk, en velen met mij dat het een vorm van communicatie is.

Een vis heeft, denk ik, weinig andere manieren dan springen, om een andere vis ergens attent op te maken. Ze kunnen elkaar n.l. niet op de rug kloppen en zeggen; "hé, daar ligt wat te vreten" o.i.d.

Deze opmerking past dan weer samen in het verhaal in het begin van dit artikel over de tussenruimtes in een school karpers, vooral `s nachts. Ik weet natuurlijk niet wat een karper `s nachts allemaal kan zien, maar als dit niet zoveel is en ze komen een plek tegen waar 1 of enkele van de karpers b.v. voer ziet/ruikt (b.v.onze boilies) hebben ze volgens mij maar 1 manier om de groep hierop attent te maken, en dat is springen, om hun collega`s b.v. te attenderen dat ze moeten wachten, omdat ze als scholen-vis niet alleen willen achterblijven. o.i.d.

Jaja, ik weet al wat jullie willen vragen; en als het nou 20 meter diep is ter plekke? Ook op half (of hoog in het) water kunnen ze azen! Wie zegt n.l. dat ze alleen op de bodem hun voedsel kunnen vinden!!! Maar ook hier kan gelden dat het een signaal is naar andere karpers wat niet alleen met voedsel te maken hoeft te hebben, (ja, maar dat willen we zo graag).

Rollende karpers


Waarschijnlijk bijna hetzelfde als springen, maar nu zijn ze allemaal op de plek en eventueel wel aan het azen, (of slechts enkele karpers) en om toch een vorm van contact te houden wordt er dan gerold. (er kan natuurlijk ook nog steeds gesprongen worden).

Watertemperatuur (de lagen in het water)


Als ik ga duiken in de zomer (bijvoorbeeld in dit geval, een zand-afgegraven meer) en ik ga het water in van een graad of 22 en ik daal langzaam af via de bodem, wordt het natuurlijk langzaam steeds kouder, tot ik op ongeveer een meter of zes in de z.g. "spronglaag" terechtkom, waar dan het grootste temperatuursverschil plaatsvindt. Het water was al langzaam afgekoeld tot, zeg een graad of 18, maar nu wordt het binnen ongeveer een meter, dus onder de spronglaag in 1 keer een graad of 11. Deze spronglaag is dus ongeveer een meter dik en scheidt een diep water van een bovenste laag en meestal is het zicht plotseling heel slecht (troebel). Onder de spronglaag kan het zicht weer heel goed zijn. Soms zelfs nog beter dan boven de spronglaag, hetzij het wel donkerder is. (logisch) Het ontstaan van de spronglaag berust op het feit dat water bij verwarming een lager soortelijk gewicht oftewel dichtheid heeft/krijgt. Bij het opwarmings-proces overdag blijft dit lichtere water aan de oppervlakte drijven, en `s nachts koelt het weer af en zakt naar beneden tot op een niveau van gelijke dichtheid. De ligging van de spronglaag of thermocline hangt echter af van de windwerking, bijvoorbeeld op een groot meer zonder bomen ligt hij dieper dan op een klein meer met veel bomen.

Pb 35 pond, te danken aan mijn kennis van de onderwaterwereld??
PB van 35 pond, te danken aan mijn kennis van de onderwaterwereld??
De meeste vis kom je als duiker zomers dus tegen op 1 tot 6 meter, omdat het hier het warmst is en ook omdat de meeste plantengroei zich hier bevindt. Tot hoe diep de plantengroei zich bevind is afhankelijk van tot hoe ver de zon de bodem kan bereiken. Dit alles wil echter niet zeggen dat zich onder de 6 meter geen vissen zouden bevinden. Ik kom wel eens vis tegen al zijn het er bar weinig.

Ik heb wel eens gehoord dat vissen zich in de zomer niet in het koude en plantenloze gebied zouden ophouden, ook omdat hier weinig zuurstof aanwezig zou zijn. Nou ik heb het nooit opgemeten maar ik denk dat er soms misschien zelfs nog wel meer zuurstof kan zijn dan boven de spronglaag aangezien koud water meer zuurstof kan opnemen dan warm water (dit alles is echter afhankelijk van een heleboel factoren, bijvoorbeeld algen, bacteriën enz.) en bovendien nemen de planten `s nachts ook nog eens zuurstof op (welke zich dus over het algemeen boven de spronglaag bevinden) dus als je `s nachts al eens een karper op bijvoorbeeld 12 meter diepte vangt, sta ik niet gek te kijken. Alhoewel ik wel denk dat dit dus hoofdzakelijk `s nachts zal gebeuren. Bovendien, s als er veel hengeldruk is heeft de vis een extra impuls om het rustige diepe op te zoeken. Wat wel over het algemeen geldt is dat onder de spronglaag weinig leven is omdat de zuurstof-uitwisseling met de lucht door de spronglaag wordt verhinderd en ook de vele algen en andere micro-organismen zoals bacteriën die wel in de diepte leven ook heel veel zuurstof verbruiken in hun afbraakprocessen en waaruit zich dan weer giftig zwavelwaterstof vormt. Dit verklaart dan ook weer de vissterfte die je wel eens ziet in sommige wateren in de herfst als de spronglaag langzaam verdwijnt en de waterlagen zich weer vermengen. Ook dit alles is echter weer afhankelijk van factoren als: invloed van grondwater, doorstroming, geïsoleerde ligging of regenwater toevoer enz. , maar deze materie is teveel en te groot om verder op in te gaan, evenals de temperatuursverschillen in verschillende wateren in verschillende omstandigheden. Namelijk ook teveel voeren in een klein water met teveel vis kan de gifvormings-processen op gang brengen (Zorg dus gewoon als visvereniging, dat je wateren diep genoeg zijn en stop er niet teveel vis in, ook in verband met ziektes, zet ook geen vissen over!!)

Mijn advies voor `s nachts vissen in de diepte is: zoek een plek waar de bodem plotseling steil afloopt bijvoorbeeld onder een kam of een steile helling (of kuiltjes). Dit ook o.a. voor het naar beneden vallende en rollende voedsel.

In de winter


Als het winter is ga ik over het algemeen weinig duiken (te koud!!) ,maar als ik het doe zijn alle waterplanten verdwenen op enkele stronkjes na en als je dan vis (of zoetwater-kreeft) tegenkomt zijn deze in een soort slaap (ze lijken wel in coma) verwikkeld waardoor je ze zelfs kan aanraken. Als je dan bijvoorbeeld een kreeft aanraakt beweegt hij alleen z` n voelsprieten (terwijl hij er zomers vandoor zou schieten nog voor je hem aanraakt), tenzij je hem blijft aanraken, dan zwemt `hij op een gegeven moment wel weg hetzij erg langzaam en hooguit 1 meter ver, hetzelfde geldt voor vis, als je ze aanraakt kantelen ze een beetje en ook hun ademhaling is erg langzaam vergeleken met zomers tenzij je ze blijft pesten (ligt er ook aan welke vissoort, sommige zwemmen als je ze aanraakt wel meteen weg) Dus je snapt wel dat `s winters een karper vangen een stuk moeilijker is, omdat deze koudbloedige dieren zich aan de watertemperatuur aanpassen en in koud water minder voedsel tot zich nemen (nodig hebben) dan in de warmere periodes. (ook de grootte van de vis speelt mee in z` n voedselbehoeften, alsook stroming/warmte van het water). Ook het soort water is afhankelijk van de moeilijkheid van het winter-karperen. Op een kanaal vang je eerder een karper dan in een koude diepe zandplas (en dan heb ik het natuurlijk niet over een warmwaterlozing in bijvoorbeeld een kanaal), omdat de stroming van het kanaal zelf en de scheepvaart de karper actiever houdt, dus hier moet je ze `s winters zoeken op de rustigere gedeeltes in bijvoorbeeld een zwaaikom, tussen stilliggende boten en tegen obstakels/riggels enz.

Ik heb geprobeerd dit artikel zo kort mogelijk neer te zetten. Maar jullie begrijpen dat er nog heel veel meer over te vertellen valt. Ook heb ik geprobeerd het artikel zo duidelijk mogelijk te houden en dat is volgens mij aardig gelukt. Je hebt ook wel gemerkt dat voor het ene water een andere conclusie kan gelden dan voor het andere water en dat dit ook weer geldt voor het jaargetijde enz. dat komt dus omdat deze materie zo complex en uitgebreid is. Er staan in dit artikel een aantal onderwerpen en / of conclusies, die ik nog nooit ergens heb gelezen in een karperboek of karperartikel, dus als er nu veel gespreksstof uit voortvloeit, ben ik tevreden en is dit artikel geslaagd.

Met vriendelijke groeten,

Michiel Lieverdink

Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox

 
Naar top van pagina
© 1999-2007 Karperwereld Online. Alle rechten voorbehouden.      Disclaimer