Succes aan het Kanaal

Door: Ed Kruijff

Eind juli, voor de zoveelste maal dit seizoen hebben we weer een sessie aan het kanaal gepland. Ondanks tegenvallende resultaten in voorgaande sessies zijn we overtuigd van het feit dat hier goede vangsten mogelijk moeten zijn. Ervaring heeft ons geleerd dat het op deze stek vaak alles of niets is. Sessies met slechts een of twee aanbeten worden afgewisseld met sessies met acht of negen aanbeten. Een zo'n sessie met veel aanbeten vond plaats half mei. Hoewel we betreffende sessie maar liefst negen aanbeten kregen kwamen er slechts twee vissen op de kant met als topper een schubkarper van 22 p bij 82 cm. Overige aanbeten werden domweg verspeeld doordat er lijnbreuk optrad of dat de vis zich vastzwom in de rieten of andere obstakels. Deze obstakels vormen op dit kanaal een ware plaag. Onbekend is waar de obstakels uit bestaan maar geruchten gaan dat het een deel is van de originele, houten, beschoeiing. Waarschijnlijk is deze, toen er een nieuwe beschoeiing werd geplaatst niet netjes verwijderd, maar van de kant geslagen en te water gelaten. Logisch dat hier regelmatig vis wordt verspeeld!

De oude schub van 22 pond
Afgesproken is dat we beiden rond vijf uur op de stek aanwezig zullen zijn. Aangezien ik deze dag echter weinig te doen heb besluit ik om, in tegenstelling tot andere sessies, niet te wachten tot Edwin mij ophaalt, maar op eigen houtje naar het kanaal te rijden. De spullen vlug in de auto, de vrouw een kus en gauw naar het water. Hier aangekomen ziet de stek er fantastisch uit. Een licht windje blaast tegen de kom in en een lekker zonnetje zorgt ervoor dat al gauw het T-shirt uitgaat.

Nadat de rodpod een plaatsje heeft gevonden op de ietwat schuin aflopende oever worden de hengels beiden beaast met een Attractor Range fish-boilie. Dan dient er zich een probleem aan waarbij ik nog niet had stilgestaan: de stek ligt buiten werpafstand! Normaal gesproken roeien wij de lijnen hier uit, om zo verzekerd te zijn van een compacte voerstek rond het haakaas. Aangezien Edwin echter de boot meeheeft zal ik het werpend moeten doen. Na enig gepeins besluit ik om dan maar een kleine stringer aan de haak te bevestigen en het hele zaakje zo goed en zo kwaad als mogelijk richting stek te werpen. Dit valt niet mee, het aas komt op een meter of 7 a 8 bij de rietkraag vandaan in het water terecht. Ook de tweede en derde hengel worden op deze manier ingegooid. Vervolgens wordt aan alle drie de hengels een toplood bevestigd zodat de lijn, vanaf de omhoogstaande toppen, recht naar beneden het water in gaat. Het toplood is hier nodig omdat er vrij veel scheepvaart plaatsvindt op dit kanaal. De toppen van de hengels staan omhoog omdat we er vanuit gaan dat indien er een aanbeet plaats vindt, de hoofdlijn loskomt van het toplood en vervolgens gestrekt wordt op de vis. Op deze manier lopen we minder kans dat de lijn tijdens de run vastloopt in een of ander obstakel. Zonder al te veel vertrouwen in een eventueel succes plaats ik mezelf op de stretcher, draai een shaggie en trek een blikje bier open om lekker te genieten van de rust, de omgeving en het mooie weer. Plotseling hoor ik een raar soort sputterend geluid uit een van mijn optonics. Het blijkt de middelste optonic te zijn die op een of andere manier kortsluiting lijkt te maken. Aangezien ik altijd een reserve optonic bij me heb, besluit ik om de optonic te vervangen. Na de goede optonic op de bankstick te hebben gedraaid ga ik wat zitten prutsen aan de defecte optonic. Terwijl ik hier mee bezig ben hoor ik een piep uit de zojuist geplaatste optonic. Omdat ik deze net vervangen heb schenk ik er niet veel aandacht aan. Waarschijnlijk ligt de lijn nog niet helemaal goed strak denk ik nog. Plotseling ontlaadt het ene piepje zich echter in een keiharde run. De onderdelen van de gedemonteerde optonic vliegen in de rondte en in no-time sta ik met een ontzettend kromme hengel in mijn handen. Omdat ik de vis niet de kans wil geven om zich vast te zwemmen in de obstakels loop ik een aantal meter naar achter. Dit maakt echter weinig indruk op de vis die zich nu, langzaam, evenwijdig aan de rietkraag richting meerpalen verplaatst. Aangezien ik niet wil dat de vis deze meerpalen bereikt loop ik met de vis mee en probeer zo een aantal meters lijn te winnen. Een uiterste krachtsinspanning zorgt ervoor dat de vis net voorlangs de meerpalen zwemt en zich nu richting brug verplaatst. Omdat de vis zich steeds sneller gaat verplaatsten loop ik nu, het net voor mij uit gooiend, hard achter de vis aan. Deze mag ik absoluut niet verspelen. Zoiets heb ik hier nog nooit aan de lijn gehad! Een honderdtal meters bij de stel vandaan lukt het mij uiteindelijk om de vis tot stoppen te dwingen. Nu wordt het een strijd van geven en nemen. Iedere keer als ik denk een aantal meters lijn gewonnen te hebben neemt de vis een schot en pikt op die manier weer een aantal meters terug. Van de vis zelf heb ik nog steeds niets gezien. Ik verwacht echter wel dat dit een goeie is. Na een minuut of tien zie ik eindelijk voor het eerst een flank van de, zoals nu blijkt, schubkarper. En inderdaad!!!! Het is een grote. Voorzichtig laat ik het landingsnet te water en probeer ik de vis boven het net te trekken. Met een uiterste krachtsinspanning lukt dat en til ik de vis over de beschoeiing heen de kant op. Dan pas besef ik dat het echt een groot exemplaar is. Deze moet ruim in de twintig pond zijn. Misschien wel een nieuw persoonlijk record!!!!. Snel onthaak ik de vis, leg de hengel in de rieten en loop met de vis nog in het net naar de stek terug om vervolgens de weegzak nat te maken en de vis te wegen. Gespannen hang ik de weegzak aan de unster en begin ik te tillen. Bij ruim 26 pond stopt de naald van de unster en besef ik dat ik, eindelijk, een nieuw persoonlijk record heb. De vis blijkt 86 cm lang te zijn en weegt, na aftrek van de natte weegzak precies 26 pond. Wat een verrassing. Binnen 20 minuten vissen, buiten bereik van de eigenlijke stek een schitterend resultaat. Snel maak ik een bewaarzak nat en hang de vis in het kanaal. Was Edwin er nu maar vast gaat het door mijn hoofd. Hij had hier zeker bij moeten zijn.

Ed met de schitterende 26 ponds schubkarper
Uitgelaten haal ik de hengel en de rieten, monteer snel een nieuwe boilie en stringer en gooi het hele zaakje richting stek. De hengel gaat weer in de steunen en tevreden pak ik een pils en draai nog een shaggie. Nagenietend van het hele gebeuren tuur ik richting brug om te kijken of ik Edwin al aan zie komen. Ik kan haast niet meer wachten tot hij er is. Terugdenkend aan de dril van de 26-ponder begint opeens de linker optonic luidt te piepen: weer een run, hoe is het mogelijk. Snel gris ik de hengel uit de steunen, leg mijn hand om de spoel, loop naar achter en schakel handmatig de baitrunner uit. Ook deze vis probeert de rietkraag te bereiken, aangezien dit echter met minder kracht gepaard gaat als de vorige vis lukt het mij vrij goed om dat te voorkomen. Enthousiast laat ik het landingsnet vast te water en dril ik, enigszins geforceerd de karper. Na een tijdje laat de vis zich voor het eerst zien. Tot mijn verbazing zie ik dat ook dit een zeer mooi exemplaar is. Iets voorzichter dril ik de vis en na een minuut of vijf kan ik hem boven het landingsnet trekken. Een schitterende schubkarper van 17 pond blijkt het resultaat. Blij en overmoedig doe ik ook deze vis in een bewaarzaak en hang hem naast de andere zodat Edwin bij aankomst beide vissen kan bewonderen. Kompleet "over de moon" monteer ik een boilie en werp de hengel opnieuw in. Terugdenkend aan alles zie ik dan, eindelijk, in de verte het rode autootje van Edwin aankomen. Hardlopend en zwaaiend ga ik hem tegemoet, de emoties krijgen bijna de overhand als ik hem, schreeuwend bijna, vertel dat ik een nieuw persoonlijk record heb gevangen. Nuchter maar toch enigszins teleurgesteld over het niet bij de vangst aanwezig kunnen zijn informeert hij naar het gewicht van de vis. Lachend vertel ik hem het hele verhaal en help hem vervolgens bij het uitpakken van zijn spullen.

Dan is het moment daar om de vissen weer in vrijheid te stellen. Nadat we de weegzak, centimeter en fotocamera's klaar hebben gelegd haal ik de bewaarzak met de 26-ponder uit het water. Dan pas dringt ook tot mij door hoe groot zo'n vis eigenlijk is. Ook Edwin vindt het allemaal schitterend en uitbundig slaan we elkaar op de schouders. Als ook Edwin zich ervan overtuigt heeft dat de vis 26 pond weegt nemen we een aantal foto's, zetten de vis terug in zijn element en kussen hem gedag. Als ook de 17-ponder gefotografeerd en teruggezet is beginnen we met het opzetten van de tent en het opblazen van de boot zodat de lijnen uitgeroeid kunnen worden. Voor het echter zover is meldt zich nog een vis bij, opnieuw de middelste hengel. Aangezien ik in mijn enthousiasme echter te veel druk uitoefen op deze vis schiet deze na een aantal seconden los.

Als we, later in de avond het een en ander nog eens de revue laten passeren besluiten we om ons voorlopig toe te leggen op deze stek. Wie weet wat er hier nog meer rond zwemt!!!!

Die avond wordt het laat. Om de vangst te vieren worden de nodige biertjes genuttigd. Licht beneveld maar zeer voldaan kruipen we om ongeveer half twee in de tent. Als we de volgende ochtend wakker worden weten we dat deze sessie erop zit. Geen aanbeten meer gekregen, ook Edwin niet. Tevreden ruimen we ons kampement op en rijden we het thuisfront weer tegemoet.

Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox