De Gigant
Door: Gerrit Ritmeester
Het is begin oktober 1998 als de telefoon gaat. Het is Bertil, mijn neef en vismaat. Omdat we niet dicht bij elkaar in de buurt wonen en we slechts een paar keer per jaar met elkaar vissen bellen we elkaar geregeld op om elkaar op de hoogte te houden van de vangsten en belevenissen van het karpervissen. Nadat we weer wat bijgepraat zijn stel ik Bertil voor weer eens bij mij te komen vissen op 'mijn' rivier. Ik heb al een redelijk goed jaar achter de rug wat vangsten betreft dus Bertil heeft er wel zin in. We spreken af dat ik drie dagen voer voor ons beiden en dat we dan in de herfstvakantie er een nacht gaan vissen.
Met Bertil zijn auto tot de nok toe vol met viszooi rijden we naar het water. Daar aangekomen sjokken we met volle bepakking naar de stek. Ondertussen is Menno, een bekende van ons ook al gearriveerd op zijn fiets. Via de mail hadden we al afgesproken dat hij bij ons zou komen kijken.
Buiten is het pikkedonker en beestenweer. Binnen is het best gezellig met wat waxinelichtjes en dat regengekletter op de tent. Het is tegen tienen en de hamburgers zijn bijna bruin als ik een run op mijn buitenste linkerhengel krijg. Ondanks dat de lijn meters door het riet loopt krijg ik toch een run! Snel trek ik mijn laarzen aan en klauter ik de helling op naar mijn hengels. Bijna glijd ik tussen mijn hengels door als ik uitglijd maar ik kan me nog net in evenwicht houden. Ik pak de hengel op en loop gelijk evenwijdig met de oeverkant richting de plek waar de vis zich heeft gehaakt. Al lopend schud ik voorzichtig de lijn los van het riet en draai ik de lijn binnen. Als de lijn helemaal vrij is voel ik de vis. Rustig en traag zwemt de karper in het midden heen en weer. Hij voelt zwaar aan! Ondertussen komt Bertil er ook aan met schepnet en onthakingsmat. Heb je hem der nog aan? vraagt Bertil. Gelukkig wel. Voorzichtig probeer ik de vis verder af te drillen. Bertil gaat al vast in de kant staan met het schepnet in het water. Een twintigponder zegt Bertil als de vis zich voor de eerste keer laat zien. Nog steeds onhoudbaar zwemt de karper traag door de zwaar afgestelde slip. Maar na een paar minuten wordt het minder en kan ik de vis richting schepnet loodsen. Beheerst als altijd schept Bertil de vis in één keer raak. Wel een hele zware twintigponder zegt Bertil gelijk. Snel gooi ik de hengel neer en samen tillen we de vis uit het water op de onthakingsmat. In het licht van de zaklamp bekijken we hem eens wat beter, en ik kan mijn ogen niet geloven. Wat een groot beest! Die gaat wel richting de meter en over de dertig pond. Inwendig juich ik en snel ren ik terug naar mijn tent om mijn unster te halen, Bertil achterlatend met de vis. Na de unster gevonden te hebben ren ik weer naar Bertil die ondertussen de vis al onthaakt heeft. Met trillende handen probeer ik de vis secuur te wegen maar door de zenuwen kan ik de naald niet stil krijgen. Kom maar hier zegt Bertil dan zal ik het wel even doen. Ja hoor ruim 35 pond. Na aftrek van de onthakingsmat blijft er nog ruim 34 pond over. En dat bij een lengte van 96 cm en een omvang van 76 cm. Ik besef dat ik nu zeer waarschijnlijk de top van het water te pakken heb. En wat voor een top! Karpers van dit formaat zijn niet zo vanzelfsprekend in Nederland zoals sommigen zeggen, tenminste niet bij mij in de buurt. Ik ben dan ook verschrikkelijk blij met deze vis, wie niet? Voorzichtig hangen we hem in een bewaarzak in het water om de volgende morgen bij licht foto's te kunnen nemen.
De volgende morgen nemen we in de regen wat foto's en geven we de vis weer de vrijheid. Met een paar machtige slagen van zijn staart verdwijnt de vis langzaam in de diepte. Het vissen op dit water zal voor mij nooit meer hetzelfde zijn…..