Artikelen
Zelf een voerboot bouwen
Gert-Jan Terluin
Het is winter, voor veel karpervissers een tijd van minder activiteit. Ben je handig, heb je interesse in een voerboot en heb je zin om te klussen? Dan is dit artikel misschien een goede opstap naar de bouw van je eigen voerboot!
Toepassing
De vraag naar voerboten is de laatste jaren, evenals het gebruik ervan, sterk gestegen en niet geheel onterecht; het gebruik van een voerboot is eenvoudig. Aanzetten, voer in het bakje, rig erin, en varen. Ideaal voor de kortere sessie waarbij het niet altijd loont een rubberboot op te blazen. Voorwaarde voor succesvolle inzet van de voerboot is echter wel dat je de bodemstructuur kent! Blind uitvaren levert net als blind uitwerpen vaak niet optimale resultaten. Op werpafstand is de bodemstructuur, diepte etc. goed te bepalen met een peilhengel, op grotere afstand kan je een dieptemeter inbouwen in je voerboot. Een kostbare zaak waarmee ik geen ervaring heb waardoor ik het ook niet zal behandelen in dit artikel. Het water een middag goed verkennen met een boot en dieptemeter en / of peilstok en de details in kaart brengen levert je een goed beeld op van het water wat je bij een korte sessie tijd bespaard. Zelf ben ik van mening dat dit uiterst nuttig is omdat je het water vaak veel beter leert kennen dan als je voor het vissen nog even vlug gaat peilen.
Waarom een voerboot zelf maken?
Een factor welke vaak de aanschaf van een voerboot verhinderd is de flinke prijs van een voerboot. Een andere factor welke de aanschaf verhinderd is de functionaliteit welke soms niet aan de eisen voldoet. Om deze factoren te elimineren kun je er voor kiezen zelf een voerboot te bouwen. De kosten worden nu flink gereduceerd en je kunt de boot aanpassen zoals jij wilt! Als je bijvoorbeeld vaak zeer groot water bevist kan je op de huidige markt niet echt een voerboot vinden welke ik met vol vertrouwen inzet (fabrikanten claimen anders maar goed…). Ook kun je een voersysteem aanbrengen zoals jij dat wilt. Als je zelf een voerboot maakt biedt dat dus een aantal voordelen, er zijn echter ook enkele nadelen: je moet de nodige tijd hebben om een voerboot te maken, en er bestaat een risico van mislukking. Iemand die zichzelf niet geheel vertrouwd met de bouw van een voerboot zal ik middels dit artikel proberen wat extra informatie te verschaffen.
Hoe moeilijk is het?
Toen ik aan mijn eerste voerboot bouwde wist ik niet precies wat me te wachten stond. In je hoofd kan je alles nog zo mooi bouwen, je handen willen dat ook wel maar je hebt niet het juiste gereedschap of materiaal tot je beschikking. Hierdoor kwam ik wel problemen tegen. Hoe los je een dergelijk probleem op? Beetje technisch inzicht en wat gezond verstand en je komt een heel end! Waarom gezond verstand en technisch inzicht? Ik zal dat kort toelichten. Als je een voerboot bouwt volgens een bouwtekening welke op ieder vlak exact klopt hoef je dit (min of meer) enkel en alleen maar op te volgen. Mislukken kan dan bijna niet. In dit artikel echter, geef ik niet zo'n exacte bouwtekening. Ik geef globaal aan hoe je de onderdelen plaatst en geef richtlijnen voor wat betreft de maatgeving. Om de bouw van een voerboot hiermee tot een succes te laten worden moet je wel een beetje handig zijn. (met andere woorden: het volgen van dit artikel is geen garantie voor succes!) Hieronder zal ik een aantal factoren (proberen) aan te geven welke bepalend zijn voor het succes van de bouw.
Factoren om rekening mee te houden voordat je begint:
De romp
Het meeste werk, de basis voor je voerboot en zeer belangrijk voor de juiste vaareigenschappen: de romp. De romp kan gemaakt worden in veel soorten en maten. Wat voor romp je kiest is geheel afhankelijk van je eigen wensen. Vis je vooral op kleiner water dan kan je af met een kleinere romp. Vis je veel op groter water dan moet je rekening houden met vaareigenschappen van je model. Naast de vorm en het formaat van de romp zijn ook factoren als materiaal en de hierbij komende moeilijkheidsgraad van belang. Een romp van PVC buizen is bijvoorbeeld makkelijker te maken dan een romp uit triplex of zelfs polyester. Ik zal hier de bouw van een romp uit PVC (uitgebreid) en een romp uit triplex (beknopt) behandelen. Een polyester romp is ook mogelijk, echter door het ontbreken van mijn ervaring hiermee zal ik dit niet behandelen. Wel is me bekend dat hiermee meer en wellicht betere vormen kunnen worden gemaakt.
De PVC romp
Wellicht de makkelijkst te bouwen voerboot, perfect stabiele vaareigenschappen (ook op groter water) en erg functioneel. Ook zijn er nadelen aan dit model. De voorkant van de boot dient zo gestroomlijnd als mogelijk te worden afgewerkt in verband met de vaarweerstand. Daarnaast is het materiaal redelijk zwaar waardoor de kale romp redelijk zwaar uit valt, dit heeft consequenties voor de snelheid van de boot, snelheid is natuurlijk geen factor welke het meest bepalend is maar het scheelt wel in de tijd welke je nodig hebt als je bijvoorbeeld 250 meter een lijntje uit wilt varen. 1 troost, ook met dit model voerboot won ik het van de roeier!
![]() |
| De voerboot met PVC romp |
Materiaal:
1. Je begint met de 2 buitenste drijvers. Zaag de twee 8cm-buizen op de lengte zoals jij ze wil (inclusief 45 graden hoekstukken zou ik 70 cm nemen). Monteer met de (reeds gebogen (als op foto)) aluminium strips van 3 cm bij 3mm de 2 buitenste drijvers aan elkaar. Gebruik 2 boutjes met moer per aanhechtpunt. Gebruik ook lijm! Vooral bij de boorgaten van de boutjes. Dit i.v.m. eventuele lekkage. Hierna maak je de achterkant dicht. Dit kan met kant-en-klaar hiervoor verkrijgbare doppen maar echt mooi is dit niet i.v.m. de gladde afwerking. Ik geef de voorkeur om ze te dichten met een rond stuk plexiglas of een ander dicht materiaal. Zaag dit perfect rond en op maat en lijm ze in de binnenkant van de buizen. Lijm na deze handeling een bijpassend 45 graden hoekstuk PVC op de voorkant van de buis. Dicht ook de opening in dit hoekstuk op de eerder beschreven manier dicht. Je 2 drijvers zijn nu klaar.
2. Je zaagt nu de middelste 16cm-buis op lengte. (+/- 65 cm.) De voorkant zaag je schuin af zoals is te zien op de foto's en de afbeelding met afmetingen. Je dicht de voorkant door een stuk plexiglas in te lijmen. Werk de naden daarna van de binnenkant af met nog wat extra lijm.
![]() |
| Detailfoto voerbakje |
4. Als de plexiglas platen nu op hun plaatst zijn gelijmd lijm je een stukje van ongeveer 6 cm van dit bij punt 3 genoemde aluminium door de opening op het vlak liggende stukje plexiglas. Leg dit zo dat je 1 cm ruimte houdt vanaf de achterzijde van de boot. Leg nu van hetzelfde aluminium een stukje van ongeveer 10 cm op het gelijmde stukje. Zorg vervolgens dat dit stukje van 10 cm vrij over het onderliggende stukje kan schuiven door het semi vast te zetten middels twee stukjes staaldraad of iets dergelijks er overheen te buigen voor de begeleiding. Boor verder een gaatje aan de binnenkant van dit stukje aluminium. Hieraan kan later de servo worden bevestigd welke het stripje heen en weer schuift. Het naar binnenschuiven van het stripje laat het bakje kiepen. (voor details verwijs ik naar het hoofdstuk voerbakje en lossysteem.).
![]() |
| Detailfoto luik |
6. Buig de strip van 3 cm breed en 2 mm dik in een U vorm. Hierbij moet de breedte overeenkomen met de breedte van het voerbakje + een beetje (in mijn geval 25 cm) boor aan de uiteinden 2 gaatjes van 4 mm en lijm hierin 2 stukjes van het holle aluminiumbuis van ongeveer 1 cm. Lijm deze U-vormige houder voor het voerbakje achterop de voerboot. Zaag nu het stuk PVC dakgoot op lengte (in mijn geval 24 cm) en lijm de eindstukken erop. Boor in het midden onderin deze eindstukken een gaatje waarin de buisjes aan je houder passen en plaat je bakje in de houder. Tot slot wordt het palletje op het bakje gelijmd. Dit wordt gemaakt van een stripje aluminium wat je ombuigt en aan een kant enigszins scherp afvijlt. Dit palletje komt onder het met de servo beweegbare aluminium strip zoals besproken bij punt 4.
7. De romp van je voerboot is nu klaar. Het enige wat nog rest is de plaatsing van de schroefas, motor, servo's, ontvanger, verlichting, accu en roer en de aansluiting van dit alles. Omdat dit voor iedere voerboot op hetzelfde neerkomt, zal ik dit in aparte, hier opvolgende hoofdstukken behandelen. Als de schroefas en het roer geplaatst is kan je beginnen met verven. Gebruik een PVC (of een universele) primer en een goede lak.
![]() |
| Afmetingen (richtlijn) PVC romp [klik voor grote afbeelding] |
De triplex romp
Als je handig bent met het bewerken van hout zou je kunnen overwegen een voerboot te maken uit triplex. Niet eenvoudig maar je kunt een mooi resultaat behalen. Een romp uit triplex is redelijk licht, triplex is op zich gemakkelijk (op het lijmen en klemmen na) te bewerken. Het probleem met een boot uit hout is het buigen en lijmen van de verschillende platen in de gewenste vorm. Dit lijkt niet moeilijk maar het is een geduldig werkje. Nadat je de verschillende delen hebt gezaagd dien je deze stuk voor stuk te lijmen en te klemmen. Als je de platen in een bocht dwingt zal je dit niet meevallen. Klein stukje lijmen, laten drogen, lijmen, drogen etc. Handig hulpmiddel bij het lijmen zijn postelastieken. Als je hier genoeg van op de juiste manier plaatst klemt het prima. Als lijm gebruik ik constructie lijm. Oersterk en waterproof. Je kan dit ook in snel drogende vormen krijgen. Hier heb ik echter geen ervaring mee. Als opvul (en lijm) middel gebruik je het best polyester plamuur. Dit spul vult grotere kieren met gemak op en wordt werkelijk steenhard.
![]() |
![]() |
| De voerboot met triplex romp |
Zoals je op de foto's kunt zien heb ik het door mij gemaakte model van triplex redelijk eenvoudig gehouden. De redelijk duidelijke kreet van een jullie wel bekende supermarktketen spreekt boekdelen. Geen fratsen…. Ik zal hier kort toelichten hoe ik dit model heb gemaakt. Ik zal niet zo uitgebreid in stappen werken als het PVC model. De afmetingen en vormgeving zijn geheel naar eigen wens aan te passen. Je kunt het zo moeilijk maken als je zelf wil. Ik ben begonnen met het bedenken van een concept boot waar ik vertrouwen in heb: een soort catamaran. Later bleek dit niet zo goed te zijn maar daar kom ik later op terug. In principe bestaat deze voerboot uit 2 symmetrische drijvers welke middels een centraal gedeelte aan elkaar zijn gezet. Hierna is de bovenkant erop gekomen.
Kort nu de stappen welke ik heb genomen bij het maken van deze boot:
1 Zaag de houten delen uit voor de 2 drijvers van de boot. Voor de delen welke gebogen moeten worden gebruikte ik 4 mm berken en voor de rechte stukken 3,6 mm meranti. Beter is het overigens om watervast triplex te pakken. Gebruik voor de achterkanten van de drijvers twee stukken triplex uit zodat ze de twee helften vormen zoals op de bovenstaande foto is te zien. De gleuf in het midden dient voor de tube / lijn doorvoer.
2 Lijm eerst de stukken op elkaar tot aan het punt waarop je gaat buigen, laat dit drogen en lijm dan het te buigen stuk vast. Lijm 2 delen per keer en probeer hierbij geen haast te hebben. Klemmen doe je met lijmklemmen en elastieken. Je lijmt op deze wijze 2 drijvers in spiegelbeeld. (de bovenkant blijft open) Als hulpmiddel bij het lijmen en voor extra stevigheid kan je hoeklatjes bij de verbindingen in lijmen, je hebt zo meer lijmoppervlak waardoor het geheel steviger wordt. Deze latjes zijn verkrijgbaar bij de doe-het-zelf zaak. (bijvoorbeeld ¼e cirkel houtjes)
3 Lijm op de binnenkanten van de beide drijvers hoeklatjes tot aan de plaats waar het voerbakje begint. Gebruik hiervoor redelijk brede hoeklatjes (1,5 cm) voor de benodigde stevigheid. Als je de twee drijvers nu op de kop legt kun je de middelste platen op hun plaats lijmen. De drijvers zitten nu aan elkaar vast. Lijm hierna de achterkant dicht waarbij je de hoogte aanhoudt tot aan de bovenkant van de boot (diepte van bakje). De romp begint nu concrete vormen aan te nemen.
![]() |
| De voerboot met triplex romp van de onderzijde gezien |
4 Zaag nu de delen uit voor de bovenkant en lijm deze dicht nadat de schroefas, de motor en het buisje dat dient voor het laten droppen van de klepjes zijn gemonteerd. De werking van het buisje is simpel. Je gebruikt 2 buisjes welke in elkaar passen zodat ze soepel schuiven. Lijm het buitenste buisje (ongeveer 7 a 8 cm hol aluminium 5 a 6mm doorsnede) schuin omhoog (onder een hoek van ongeveer 30 a 40 graden) in de romp. Dit doe je door op de plek waar de 2 klepjes van het voerbakje samenvallen een gat te boren in de achterwand van de voerboot. Steek het uiteinde van het buisje in het gat en zaag het buisje vlak met de achterwand. Hierna lijm je het vast. Nu volgt het binnenste buisje (aluminium ongeveer 10 cm goed passend in de buitenste buis) wat achter uit de achterwand komt te steken. Hierop rusten de klepjes. Van binnenuit kun je dit buisje laten schuiven met een servo. Laat je de servo het buisje intrekken, dan vallen de voerklepjes naar beneden.
5 Je werkt nu het geheel af met epoxy plamuur waarna je kunt gaan schuren en gronden en aflakken. Hierna gebruik je een jachtlak om het geheel goed af te dichten. Gebruik lak welke je verflaag niet afvreet!
6 Je kunt nu de klepjes monteren. Ik heb dit gedaan met kleine scharniertjes welke op de romp zijn gelijmd. De klepjes bestaan bij voorkeur uit een zinkend materiaal zoals RVS.
Hieronder volgen enkele tekeningen met hierin een aantal afmetingen welke als richtlijn kunnen dienen. De tekeningen zijn niet exact op schaal en in verhouding.
![]() |
| Onder- en bovenzijde [klik voor grote afbeelding] |
![]() |
| Voor- en achterzijde [klik voor grote afbeelding] |
Het voerbakje en lossysteem
In dit hoofdstuk zullen we eens onder de loep nemen hoe het voerbakje van een voerboot werkt en wat de verschillende mogelijkheden zijn om een voerbakje te monteren.
Extern voer- en los bakje
Met een extern voerbakje doel ik hier op een voerbakje wat los achter of op de boot is geplaatst. Het betreft hier het voerbakje zoals deze op het "PVC model" is gemonteerd. Het grote voordeel van een extern voerbakje is de eenvoud waarmee het te maken is en waarmee het je voer kan "droppen". Het principe van een extern voerbakje is simpel. Het voerbakje is draaibaar gemonteerd op bijvoorbeeld een as en kan kiepen. Dit kiepen wordt tegengegaan door een pinnetje of schuifje. Zodra de bestuurde van de voerboot zijn aas en rig op de plaats van bestemming wil laten vallen geeft hij met de zender een signaal zodat een servo het pinnetje of schuifje een moment terugtrekt zodat het bakje kan kiepen. Een voerbakje is van verschillende materialen te maken. Zoals bij de PVC-romp (punt 6) is beschreven kan er uitstekend een bakje worden gefabriceerd van pvc dakgoot. Je hebt hiermee een stuk voorbewerkt materiaal in handen wat zich gemakkelijk laat bewerken en wat een perfecte vorm heeft. Wil je een groter bakje? Alles is mogelijk met de toepassing van bijvoorbeeld triplex of polyester.
Een algemene tip welke ik wil geven voor het gebruik van voerbakjes en welke ook geldt voor eigenaren van gekochte voerboten: bevestig achterop (buitenkant), in het midden van het voerbakje, op het punt waar de lijn uit het bakje komt een tweetal pinnetjes uit metaaldraad ongeveer 5 mm uit elkaar staand en 3 cm lang. Je kan dit maken uit een stuk staaldraad van 1 mm dik en 7 cm lang. Buig dit dubbel met een ronde buiging. Je kan het met een klein boutje bevestigen. Dit "vorkje" wat omhoog staat uit je voerbakje zorgt ervoor dat je je lood niet uit het bakje kan trekken! Je kan nu je lijn strak trekken voor je je lijn dropt. Ideaal!
De ophanging
Hoe monteer je het voerbakje aan de voerboot? In de meeste gevallen is de meest makkelijke manier een aluminium beugel welke in u vorm wordt gebogen in de breedte van het voerbakje. In deze beugel worden aan de uiteinden gaatjes geboord waarin dunne (4 a 5 mm) alu buisjes passen. Een dikke (afgezaagde) RVS spijker kan echter ook. Deze metalen staafjes vormen de ophanging van het voerbakje. In dit voerbakje boor je namelijk onderaan ook gaatjes waarin deze staafjes vallen. Het metalen aluminium frame bevestig je het makkelijkst tegen de achterzijde van de voerboot. Je kan dit met lijm doen maar bij voorkeur worden boutjes gebruikt. Als algemene opmerking geldt verder nog dat de gaatjes in het voerbakje best zo geplaatst kunnen worden dat het zwaartepunt van het bakje naar buiten toe ligt. Het bakje zal op deze wijze altijd kantelen. Naast het toepassen van een aluminium beugel is het ook mogelijk een uitsparing in de voerboot te houden bij de constructie hiervan waarin het voerbakje opgehangen kan worden (Carpcatcher).
![]() |
| Extern voer- en losbakje |
Het Kiepmechanisme
Het kiepmechanisme van het bakje werkt zoals gezegd simpelweg met zwaartekracht. Zolang het zwaartepunt van het bakje naar buiten ligt wil het bakje uit zichzelf kiepen. Blijkt achteraf dat dit niet lukt, is dit geen probleem. Je kunt namelijk een stukje kleding elastiek zo plaatsen dat het bakje altijd omver wordt getrokken. Het kiepen wordt tegen gehouden door een pinnetje of schuifje wat het bakje op zijn plek houdt. Het aantrekken van het pinnetje of schuifje betekend dat het bakje vrij komt te liggen waardoor hij kan kiepen. Het aantrekken van het schuifje gebeurd met een servo welke met de zender bediend kan worden.
Ik zal hieronder in 2 tekeningen duidelijk proberen te maken wat hierbij de mogelijkheden zijn waarbij de 1e afbeelding de situatie aangeeft zoals ik hem heb toegepast bij het PVC model.
![]() |
![]() |
| Het kiepsysteem van het voerbakje [klik voor grote afbeelding] |
Integraal voer- en los bakje
Met een integraal voerbakje bedoel ik het bakje zoals ik dit gebruikt heb bij het triplex model. Er steekt hierbij geen bakje uit je voerboot. Een duidelijk voordeel van dit systeem kan ik zo niet noemen. Ik zelf vind deze methode wat "mooier" omdat de boot 1 geheel vormt zonder uitsteeksels welke bij vervoer in de weg kunnen zitten. Een mogelijk nadeel van het systeem is, wanneer je het te laag monteert, dat er water in je voerbakje kan komen wat evt. losse delen voer weg kan spoelen (boiliekruim bijvoorbeeld). Als de klepjes van dit systeem echter boven het wateroppervlak blijven is er niks aan de hand. Nog een nadeel van het systeem is dat je geen vloeistoffen kunt vervoeren (bijvoorbeeld vloeistof van particles) mocht je dit willen. Een kiepbakje is gesloten, dit integrale bakje niet. Hoe maak je je voerbakje nu integraal met je voerboot? Ik heb voor een redelijk eenvoudige benadering gekozen waarbij ik een uitsparing heb gemaakt in de voerboot. Voor de constructie van dit integrale voerbakje verwijs ik naar de verschillende tekeningen en foto's in dit artikel. Hieronder alvast een detailfoto.
![]() |
| Detailfoto van de integrale voerbak [klik voor grote afbeelding] |
Andere mogelijkheden voor het lossen van voer
Naast het conventionele bakje, integraal of extern, zijn er nog overige mogelijkheden te bedenken je voer op de juiste plaats te krijgen. Deze mogelijkheden vergen wel wat creativiteit en ikzelf heb er geen ervaring mee maar ik kan me voorstellen dat er vissers (knutselaars) zijn die het er op willen wagen. Ik heb het over systemen welke je voer niet compact over je haakaas donderen maar dit met beleid verspreiden over een te varen pad. Je voerboot blijft in principe hetzelfde. Je houd een bakje wat je haakaas met lood dropt. Hiernaast maak je een tweede systeem welke je aas langzaam verspreid. Je kan dus nu al varend, alvorens je het haakaas dropt, een spoort met voer trekken, je haakaas droppen en vervolgens nog een stukje doorvaren (en voeren) zodat je aas op een mooi spoor ligt. Ook kan je na het droppen een rondje varen om je haakaas en hier en daar wat voer droppen. Mogelijke systemen om dit te doen zijn bijvoorbeeld een soort lopende band of een bakje welke het voer er met een vijzel langzaam uit draait. Voor beide systemen is een extra motor (vertraagd) en een extra kanaal op je zender noodzakelijk. Je kan dit systeem naar gelang ook zo maken dat het afkoppelbaar van je voerboot is. Je hoeft het dan niet altijd te gebruiken en mee te slepen. Voorwaarde is dan wel dat je de motor integreert in het systeem. Wil je verspreid voeren monteer je het extra voersysteem op je boot, sluit je de bedrading aan (met een stekker of zo) en je bent weg. Zoals ik al zei heb ik met deze systemen nog geen ervaring maar nu als ik het schrijf… Ff naar de Karwei!
Plaatsing en beschrijving van onderdelen in de romp
![]() |
| Detailfoto van de schroefas |
![]() |
| De plaatsing van de onderdelen in de romp [klik voor grote afbeelding] |
![]() |
| Direct aangedreven motor |
Schroefas
Om maar met het moeilijkste te beginnen. Het is van groot belang dat deze zo zuiver mogelijk in het midden van de boot komt te liggen. Hiernaast is het van belang dat hij goed is uitgelijnd in de richting van de voerboot. De montage vergt wat handigheid maar is relatief eenvoudig. Een schroefas bestaat uit 2 delen. een buitendeel en een binnendeel. Het binnendeel is 4 a 5 mm en van kaarsrecht roestvast staal. Het binnendeel glijdt aan beide uiteinden van de buitenbus middels een glijlager. Je kan ze kant en klaar kopen bij de modelbouwwinkel. Het type schroefas? Een simpele met glij-lagers volstaat. Voor ingebruikname vul je de as-koker met behulp van een injectiespuit met dik smeervet (pas na de definitieve montage van de aandrijflijn).
De plaatsing
Bij de montage van de schroefas is het van belang om de plaats te bepalen waar de schroefas door de romp van de boot komt. Als vuistregel houd ik aan dat de hele rechte lijn van schroef, schroefas en motor in 1 rechte lijn komt te liggen waarbij de schroef ongeveer 2 cm ruimte houd van de onderzijde van de romp. Hierbij moet de schroefas eigenlijk een zo klein mogelijke hoek maken met de onderzijde van de voerboot omdat dit een rendementsverlies oplevert van de motor. Immers: hoe meer water naar naar onder wordt geplaatst, hoe minder voorwaartse druk ontstaat. Optimaal is de situatie waarbij de schroefas in eenzelfde lijn komt te liggen met de onderzijde van de voerboot. De motor moet dus zo dicht mogelijk op de bodem van de romp worden geplaatst en de afstand van schroef tot onderzijde van de romp wordt op ongeveer 2 cm gehouden waardoor de hoek zo klein mogelijk wordt gehouden. De laatste factor hierbij is lengte van de schroefas. Hoe langer, hoe kleiner de hoek kan worden gehouden. Voor mijn voerboten heb ik schroefassen gebruikt van ongeveer 25 cm. Mocht je meer ruimte over hebben? Neem dan een schroefas van 30 cm. Persoonlijk zou ik de schroef echter niet onder of achter de dropzone van het voerbakje uit laten komen. Ik hoef niet uit te leggen waarom hoop ik. Houd bij de plaatsing rekening met het feit dat het roer nog achter de schroef moet komen. Ik zou hiervoor een afstand van 2 a 3 cm hanteren.
De fixatie
Heb je ingeschat hoe je schroefas moet komen te liggen en waar hij de romp van de boot moet doorkruisen, teken dan op deze plaats een gleuf af en houd deze in de lengte ruim aan. In de breedte zorg je echter dat de bemeting aan de krappe kant is zodat de as mooi klem zit. Monteer nu de motor op een zo optimaal mogelijke manier in je voerboot (dus zo ver mogelijk naar voren in de romp en zo laag mogelijk bij de bodem van de romp) waarbij hij goed wordt uitgelijnd. Met dit uitlijnen van de motor sla je eigenlijk twee vliegen in een klap. Je doet deze montage namelijk door de motor door middel het koppelstuk met de schroefas te verbinden en nu alles goed in positie te brengen. Het uitlijnen doe je door middel van meten waarbij je op de eerder genoemde punten let. Naast meten is een goed oog een belangrijk hulpmiddel! Als de lijm is gedroogd kan de schroefas worden gefixeerd. Staat alles nog kaarsrecht? Dan vul je de gleuf waar de schroefas doorloop eerst van binnen op door er ruim epoxy (2 componenten plamuur op te smeren. Lukt dit niet doordat er bijvoorbeeld plamuur aan de andere kan weer uitloopt tape dan de andere kant (onderzijde romp) even af. Palmuur droog? Dan werk je de buitenzijde af door rondom de schroefas royaal plamuur te smeren, eventueel in meerdere stappen. Hierna kan je het geheel mooi glad schuren. De schroefas zit nu vast als een huis. Wil je het geheel nog wat degelijker? Smeer dan aan de binnenzijde van de boot ook nog een hoeveelheid plamuur langs de as zodat hij wat extra wordt ondersteund.
De schroef
Nog iets over de schroef. Ikzelf gebruik schroeven met een diameter van 4 tot 6 cm met 4 bladen. De schroef is van het "werk" type. Het formaat en soort schroef wat je gaat gebruiken is echter totaal afhankelijk van het type motor, de waterweerstand van je boot en het gewenste stroomverbruik. Voor een optimale balans tussen snelheid en energieconsumptie adviseer ik de modelbouwspeciaalzaak te raadplegen. Als je een schroef koopt, koop er dan meteen meerdere met verschillende diameters en met een verschillende spoed zodat je kunt experimenteren. Tussen de 3 en de 6 cm zit je goed.
Het koppelstuk
Het koppelstuk tussen de schroefas en de as van je motor is een soort kardan koppelstuk Deze tolereren een lichte afwijking in uitlijning tussen de schroefas en de motoras maar deze afwijking moet je zien te voorkomen Hoe rechter hoe beter. Deze koppelstukjes zijn verkrijgbaar bij de modelbouwspeciaalzaak. Ik raad aan de motor, de schroefas, het koppelstuk en een aantal schroefjes ineens te kopen zodat je zeker weet dat alles goed past!
Roer
Om je voerboot manoeuvreerbaar te maken is een goed roer een vereiste. Hoe simpeler, hoe minder last van storing heb je. De basis bestaat uit een dun plaatje plexiglas of staal van ongeveer 5 bij 7 cm. Hieraan vast monteer je een as met een lengte van ongeveer 8 cm boven het roer. Deze as is bij voorkeur uit roestvrijstaal en van een vergelijkbaar type als de binnenas uit je schroefas. Iets dunner mag overigen ook. 3 tot 5 mm dikte is ok. De methode om deze as te bevestigen aan het roer kan verschillen. Kies je ervoor een metalen roerblad te gebruiken neem dan de wat langer en las een deel van de as langs het roervlak. Sterker kan niet. Kan je niet (RVS) lassen, probeer dit dan via een kennis te regelen… Een roer van andere materialen kan ook, als je maar zorgt voor een goede en degelijke bevestiging van de as aan het roervlak. Probeer verder de dikte van het geheel te beperken en schuur het roer indien nodig in een gestroomlijnde vorm. In de boot romp bepaal je vervolgens de plaats waar het roer komt te zitten. Het achteneinde van het roervlak zou ik ongeveer gelijktrekken met het achterend van de romp. Het roer moet niet onder de "dropzone" van het voerbakje komen te liggen! Houd tussen schroef en roer 2 a 3 cm ruimte.
Motor
Hoe krijg je de voerboot vooruit? Met een goede krachtbron. Onderschat de keuze van de motor niet. Ik zou altijd voor een 12 volts model kiezen met een hoog koppel en een relatief laag toerental. Een diesel onder de elektromotoren dus. Koop geen racemotortje want deze zijn ongeschikt voor dit doel. Wat je wil is kracht, rust en een spaarzaam energieverbruik. Dit laatste moet je niet onderschatten. Een verkeerde combinatie van accu, motor en schroef kan je na 2 keer uitvaren al met een lege accu laten staan. Dat willen we niet (ik tenminste).
Ikzelf heb ervaring met 2 motoren. De eerste is de marx decaperm 12v. (ongeveer € 100, dus erg duur) Deze motor is voorzien van een vertraging en heeft mede hierdoor een luidruchtig karakter. Wel is het een beest kwa kracht en is heerlijk zuinig met elektriciteit. Mijn ervaring is echter dat deze motor het nogal heet krijgt. Dit heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat ik altijd volgas vaar, maar dat moet hij kunnen hebben! Na deze motor 2 jaar in gebruik te hebben gehad is er het een en ander kapot gegaan en dit heeft volgens mij te maken met de ontwikkelde warmte. Op het moment van schrijven heb ik een Graupner speed 900BB torque in mijn boot gemonteerd (ongeveer € 40). Een dikke motor met een laag toerental en een hoog koppel. Het energie verbruik lijkt goed maar dit moet de praktijk nog uitwijzen. (hangt sterk af van de gebruikte schroef! Deze motor is mij bekend uit de BT4 voerboot van schrijver modelbouw en heeft een mooi stil loopkarakter. Ook voor het onderdeel motoren geldt: laat je voorlichten door de modelbouwspeciaalzaak, vraag hem vooral naar de stroomafname bij een optimaal rendement (zie ook het de paragraaf accu's in het volgende hoofdstuk). De speciaalzaak heeft misschien een goed alternatief waarvan ik niet weet dat hij bestaat.. Mijn keus blijft voorlopig de graupner; hij is mooi stil en bied theoretisch goede eigenschappen.
De elektronica
Een belangrijk deel van de voerboot is de elektronica. Ik heb, om maar es met de deur is huis te vallen, een schema gemaakt van de elektronica zoals ik het toepas. Je ziet in dit schema een aantal centrale elementen die van belang zijn. Deze elementen zal ik in dit hoofdstuk kort behandelen. Wat verder opvalt, is dat er feitelijk gebruik wordt gemaakt van 1 spanningsbron (12 volt accu) maar dat er van een tweetal spanningen gebruik wordt gemaakt. De 6 volts kring wordt gebruikt voor de voeding van de ontvanger (en hiermee de servo's) en de verlichting. De motor gebruikt de 12 volts spanning welke rechtstreeks van de accu afkomstig is. Het voordeel van 1 spanningsbron is dat je met 1 accu klaar bent, je komt thuis van het vissen, hangt je boot aan de lader en morgen is hij weer klaar voor gebruik. Je hoeft dus niet een aparte lader te gebruiken voor de voeding van de ontvanger zoals dit in de modelbouw vaak wordt toegepast. Een argument tegen dit systeem wat ik al eens gehoord heb is dat je als je 12v accu leeg is, je nog kunt blijven sturen e.d. maar wat heb je hier aan je toch niet meer vooruit komt? Voor mij dus 1 accu.
![]() |
| Schematisch stroom- en schakelschema [klik voor grote afbeelding] |
Over accu's en stroomvoorziening
De voeding van het geheel wordt verzorgd door een 12 volts loodaccu. Ik gebruik een enkele accu van Panasonic met een capaciteit van 7,2 Ah. Dit is een flink zwaar blok en is verantwoordelijk voor het grootste deel van het gewicht van de boot. Toch is een exemplaar als deze wel noodzakelijk als je een flinke vaartijd wil bewerkstelligen. Vergeet de zogenaamde batterypacks welke ook vaak worden toegepast in de modelbouw. Deze zijn gemaakt voor een zeer hoge stroomafgifte over een korte tijd en niet geschikt voor een voerboot. Dan nog iets over de capaciteit van een accu. Stel je motor gebruikt bij maximaal rendement 3,5 ampère elektriciteit. Met een accu van 7 Ah kun je deze motor theoretisch maximaal 2 uur laten draaien bij dit rendement. Een en ander hangt ook af van de temperatuur. Bij een buitentemperatuur van 5 graden Celsius zal de capaciteit van de accu soms wel met de helft verminderen, logisch gevolg, een kortere vaartijd. Een reserve accu meenemen is dus (ondanks het extra mee te zeulen gewicht (2,5 kg!) een optie!
Spanningregelaar
Om je 12 volt accu ook te kunnen gebruiken voor de voeding van de ontvanger en verlichting moet je een spanningsregelaar gebruiken. Onderstaande tekening legt schematisch uit hoe je deze kunt maken. Ga ook eens bij een elektro-hobbyzaak kijken. Misschien hebben ze een kant-en-klaar exemplaar. Ik heb hem zelf gesoldeerd, de kostprijs van de onderdelen is misschien 1 a 2 euro.
![]() |
| Schema van de spanningsregelaar [klik voor grote afbeelding] |
Snelheidsregelaars
Om de 12 volts spanning om te zetten in een voorwaartse of achterwaartse beweging van de boot is een spanningsregelaar noodzakelijk. De meest simpele regeling die bestaat is volgas vooruit/achteruit. Deze heeft echter niet mijn voorkeur omdat je nu alleen volgas kan varen en dit komt niet ten goede tot soepele vaareigenschappen. Een betere methode is door gebruik te maken van een snelheidsregelaar welke niets anders doet dan de spanning regelen. Een beetje gas geven betekent een beetje spanning = een lage snelheid, door het gas op te voeren neemt de snelheid logischerwijs toe tot de maximale spanning van 12 volt is bereikt. Het voor en achteruitvaren wordt door de regelaar simpel geregeld door om te polen. Er zijn twee soorten traploze regelaars. Mechanische regelaars worden aangedreven door een servo. Bij het geven van gas op de zender begint de servo te draaien en wordt op de mechanische regelaar de spanning geregeld door een soort spoel welke weerstand opwekt. Een elektronische snelheidsregelaar is veel meer geavanceerd en werkt naar mijn mening beter. Hij wordt rechtstreeks aangestuurd door de ontvanger, dus zonder tussenkomst van een servo en regelt de spanning geheel traploos en over een veel breder bereik dan bij een mechanische regelaar. Het verschil in regelaars is ook terug te vinden in het prijskaartje. Voor een elektronische regelaar ben je zo'n 80 a100 euro kwijt terwijl een mechanische regelaar al voor 15 a 20 euro voorhanden is.
Verlichting
Natuurlijk moet het geheel ook worden verlicht. Ik heb voor mijn eerste voerboot gebruik gemaakt van ledjes welke een spanning van 12 volt konden verdragen. De lichtopbrengst van deze verlichting viel me echter in die mate tegen dat ik ben overgestapt op gloeilampjes van 12 volt. Er is voor deze lampjes een prachtige inbouw-behuizing verkrijgbaar welke perfect geschikt is voor je voerboot. Voor behuizing en verlichting kan je terecht bij de elektronica-hobbyzaak. Ik heb overigens in het elektrische schema aangegeven, dat de verlichting op 6 volt werkt via de vaste spanningsregelaar. De keuze tussen 12 en 6 volts verlichting is in principe niet zo belangrijk. Beide leveren naar mijn mening voldoende licht. De verlichting is op zo'n 250 meter afstand nog probleemloos te zien. Voorop de voerbooot gebruik ik een wit behuizingkapje, achter gebruik ik rode zodat je goed kan zien hoe je voerboot in het water ligt en welke richting je opgaat.
Koplamp
Op de voerboot is naast de drie lampjes tevens een koplamp aangebracht welke werkt op 6 volt. Ik heb hiervoor een kop gebruikt van een zaklamp. De kop heeft een verstelbare lichtbundel zodat deze vooruit gericht kan worden en niet te veel wordt verspreid. Het doel van de koplamp is vooral om de positie van de voerboot ten opzichte van een te benaderen object te bepalen, je ziet namelijk de lichtbundel naarmate de voerboot een object nadert duidelijker worden en verkleinen. Dit is vooral handig bij nachtelijk uitvaren bij overhangende bomen of (riet)kanten. De koplamp is tevens een handig middel om je richting te bepalen bij het terugvaren. Als je de koplamp op jezelf richt weet je precies dat je in de meest rechte lijn terugvaart. Het schakelen van de koplamp geschied bij mijn voerboot met de zender. Ik heb hiervoor een extra kanaal van de ontvanger benut en de schakeling wordt aangedreven door een servo (zie tekening bij het hoofdstuk "plaatsing onderdelen in de romp"). Het voordeel hiervan lijkt me duidelijk: stroombesparing en geen licht als dit niet nodig is zodat je op ondiep water niet te veel verstoort. De schakeling doe je door het pookje op je zender kort maximaal te bewegen zodat de arm van de servo een drukschakelaar beweegt welke na schakeling blijft hangen, dus 1 x drukken is aan, nogmaals drukken en de verbinding wordt weer verbroken. Kosten van deze schakelaar: 90 cent bij de doe-het-zelf zaak.
Zenderset
Het bedienen van de voerboot gebeurd met een zender en een ontvanger. Op de kant heb je de zender welke middels radiosignalen de besturing van de servo's en een eventuele elektronische regelaar doorgeeft aan de ontvanger. Er zijn verschillende soorten zenders. Een belangrijk verschil zit hem in het aantal kanalen. Zoals je uit dit artikel op hebt kunnen maken gebruik ik er 4. Bij de toeppassing van een extra methode voor het lossen van voer heb je in mijn geval zelfs een 5e kanaal nodig. Bij sommige voerboten wordt ook een 2-kanaals zender gebruikt. Dit kan, echter hierbij moet je voor het kiepen van het bakje gebruik maken van je stuurservo welke middels een extra verre draai (te regelen met de trimknop op de zender) het voerbakje laat kiepen. Ik heb hier echter geen ervaring mee. Een 4-kanaals zender is naar mijn idee veel makkelijker en beter omdat je met een aparte servo makkelijker het voerbakje kunt laten droppen. Hiernaast heb je met een 4-kanaals zender nog een kanaal over voor het schakelen van verlichting of extra voer-drop methodes. Houd bij het kiezen van de zenderset dus rekening met het aantal kanalen en informeer tevens naar de uitbreidingsmogelijkheden van de zender voor bijvoorbeeld de genoemde extra voer-drop methode. Een ander, minstens even belangrijk aspect is het bereik van de zender is het bereik. Vraag hier wel naar als je een zender koopt! Ik heb namelijk ervaring met een ouder type zender welke bij een meter of 100 geen juiste besturing overbracht, en ik beloof je: dat is niet handig! Een modern type zender zal over het algemeen geen problemen opleveren betreffende het bereik maar houd er wel rekening mee met het kopen van een 2e hands zenderset.
Welke zender moet je nu kiezen? Ikzelf heb gekozen voor een Robbe-Futaba F14 zender. Een zender welke al meer dan 10 wordt verkocht. Hij is uit te breiden tot 8 kanalen en 4 kanalen standaard mogelijkheden genoeg dus. Ik heb de set 2e hands gekocht voor € 150,- bij een modelbouwwinkel inclusief 3 servo's, zender accu, zender lader en de benodigde kabeltjes. Nieuw moet je voor een dergelijke zender het dubbele rekenen. Reden te meer om te gaan kijken voor een goede tweedehands set.
Tot slot wil ik iedereen die een boot wil bouwen veel succes en plezier wensen hierbij. Ik weet zeker dat de voldoening na een succesvolle sessie hoog zal zijn en de uren die je erin hebt gestoken ruimschoots zal vergoeden.
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox
Gerelateerde Artikelen:
| Titel | Auteur | Datum |
|---|---|---|
Ongekend dressuur ![]() |
Jeroen op 't Hof | 29-06-07 |
| Karpervissen vanuit de boot | Bob van Biemen | 07-01-07 |
| De stilte doorbroken II | Jordy & Jeroen op 't Hof | 10-12-06 |
| De stilte doorbroken | Jordy & Jeroen op 't Hof | 05-12-06 |
| Online Cursus Hengelbouwen, deel 2 | Bas Breetveld | 29-08-05 |
| Online Cursus Hengelbouwen, deel 1 | Bas Breetveld | 01-08-05 |
| Dag-licht -gewicht | Piet Vogel | 17-01-05 |
| Fotograferen een tactiek apart | Rene Berger | 08-07-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 3 | Rob Kuijkhoven | 04-02-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 2 | Rob Kuijkhoven | 20-01-04 |
| Zelf dobbers maken, deel 1 | Rob Kuijkhoven | 12-01-04 |
| Zelf een voerboot bouwen | Gert-Jan Terluin | 03-01-04 |
| Penvissen, deegvissen en drijvend vissen | Ruud Laros | 17-02-03 |
| Koude Karper | Mike van Zijl | 28-12-02 |
| De boiliemachine | Lennart Hoomoedt | 12-05-02 |
| Kookkunst | Michiel Pilaar | 26-01-02 |
| Mijn Wintervisserij | Saron Debets | 15-01-02 |
| Karpervissen in de winter | Wim Deenik | 01-12-00 |
| Zelfbouw rodpod | Frenk de Gruiter | 09-10-00 |
| Xtreem dichtbij! | Bart Verbakel | 11-06-00 |
| Praktijkervaringen | Huub Dings | 03-05-00 |
| Koude karper, waar en wanneer. | Richard van de Bosch | 21-03-00 |
| Omgaan met dressuur | Martijn Nederpel | 19-02-00 |
| Karpervissen met haken zonder weerhaak | Arend Bleijerveen | 10-11-99 |
| The Method | Bertil Wielink | 12-10-99 |
| De kurkentrekker | Frank Huisman | 12-10-99 |





![Afmetingen (richtlijn) PVC romp [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/afmetingen voerboot-klein..jpg)
.jpg)
.jpg)
.jpg)
![Onder- en bovenzijde [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/onder en boven-klein.jpg)
![Voor- en achterzijde [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/voor en achter-klein.jpg)

![Het kiepsysteem van het voerbakje [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/kiepsysteem voerbakje-klein.jpg)
![Het kiepsysteem van het voerbakje [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/droppen bakje-klein.jpg)
![Detailfoto van de integrale voerbak [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/voerboot5.jpg)

![De plaatsing van de onderdelen in de romp [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/zij aanzicht, +plaatsing onderdelen-klein.jpg)

![Schematisch stroom- en schakelschema [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/el schema voerboot-klein.jpg)
![Schema van de spanningsregelaar [klik voor grote afbeelding]](../fotosart/voerboot/vastespanningsregelaar2-klein.jpg)

