De paaisloot
Arjen Lans
Begin van de week is het nog redelijk fris, maar de vooruitzichten voor het eind van de week zien er gunstig uit. Temperaturen die oplopen tot in de twintig graden. Dat belooft wat voor het pinksterweekend. Het moet er eens van komen. De vissen uit het kanaal zullen toch een keer de sloot in moeten. Tot nu toe ben ik op mijn struinavondjes een enkele karper tegengekomen, maar ze zijn er nog niet in getale. De koude weken zijn ook niet bevorderlijk om eens lekker uit je bol te gaan met een kop vol testosteron.
Je moet het hier hebben van hooguit één week per jaar. Na het paaien blijft een enkeling regelmatig de sloot intrekken, maar de massa is al weer het kanaal op getrokken. De kanaalvisserij zelf is een taaie bedoeling. Het bestand is vrij dun. Je kunt je dan voorstellen dat het een schitterend gezicht is om een groot gedeelte van het bestand in een sloot van nog geen 10 meter breed te zien zwemmen.
Woensdagavond, donderdagochtend, donderdagavond en vrijdagochtend gaat er telkens zo’n 750 gram in, redelijk verspreid. Ik ben van plan om vrijdag thuis te werken om zodoende lekker vroeg aan het water te kunnen zitten. Een telefoontje van een projectleider gooit roet in het eten. “Kun je bij de brainstorm zitten”? Plichtmatig stem ik in, maar in mijn hoofd groeit een onweersbui. Die wordt nog groter als blijkt dat begin van de avond half Nederland in de auto zit. Lekker met zijn allen met de Kip of Alpenkreuzer achter elkaar op het asfalt. Genieten man! Veel te laat kom ik thuis. Elles zit al met de kinderen te eten. Zodra ik op mijn stoel plof, beginnen de verhalen. Kindje a heeft gespeeld bij kindje b, Kindje c heeft bij ons gespeeld met kindje d, enzovoorts. Verder moet El ook nog haar verhalen kwijt.
Het begint te koken. Na een drukke dag moet ik altijd even bijkomen. Nu val ik zo in de drukte en is daar geen tijd voor. Zo rond het toetje ontplof ik. El is de enige die verstandig reageert: “Ga jij lekker in een hutje op de hei zitten”. Goed idee, ik ga vast pakken.
Terwijl de rest van huize Lans de maaltijd afhandelt, begin ik met het uitzoeken van mijn spullen. Eerst de slaapzak. Ik trek hem naar me toe en zie twee muizen lopen. Vreemd. Ik kon me toch niet herinneren huisdieren te hebben (op 3 apen na dan). Met de slaapzak in de rechterhand kijk ik hoe ze zich snel uit de voeten maken. Dan kijk in naar de slaapzak… Overal gaten. Shit, shit, dit kan er nu niet bij. De ellende is helaas nog niet over, want ook de infill van mijn tent is aangevreten. Dan blijft die maar thuis. Het gaat toch niet regenen en vissen in de open lucht is lekker “old school”. Stretcher, hengels en slaapzak verdwijnen vast in de auto. Nu is de tas aan de beurt. Ik trek hem uit het rek, doe hem open en schrik me rot. De rest van familie muis vond het een geweldige nestplaats. Kokend van woede sleep ik het ding naar buiten en loop de schuur in. Net als ik met de moker uit de schuur loop, komt ook Elles met de kinderen naar buiten. “Wat is er”, vraagt ze. “Je doet zo druk”? “Muizen”, roep ik en doe de tas open. Met drie rake klappen is het over. Moeder muis en 6 kleintjes zijn een stuk platter dan een paar seconden er voor. Een kleintje beweegt nog en die krijgt een klap na. Niet slim. Het beestje spat open en besmeurt de binnenkant van mijn tas met een kleverige, bloedige substantie. Shit, shit, shit… De kinderen staan er een beetje beteuterd bij. Lekker pedagogisch ook. Gelukkig vind Joost het al snel stoer. Ook Eva gaat buiten spelen en het haar vriendinnetjes vertellen. Pff, gelukkig geen jankpartijen.
Eindelijk kan de auto gestart worden. De reis verloopt voorspoedig en ook de lange wandeling met alle spullen gaat helemaal goed. Eén hengel wordt met vast lood gevist en met de ander vis ik met de pen. Als het donker is zal ik deze ombouwen naar een priksysteem.
Na een uurtje volgt er een run op de linkerstok. Ik graai de hengel van de steun en hang er volledig in. Met al die takken en waterplanten mogen ze geen ruimte krijgen. De vis duikt een veld plompen in, slaat een hoek en de druk valt weg. Nee hè, heb ik weer. Haak volledig uitgebogen. Gaat het nog goed komen vandaag?
Nee helaas, want een kwartier na het opnieuw ingooien duikt de pen weg. Na de aanslag neemt de vis een schot, Eén, twee lelievelden en dan breekt de lijn. Gelukkig zijn er nu even geen mensen in de buurt. De rest van de avond wordt het niets meer met de pen. Ik tuig de hengel in de schemer om en ga slapen. Als ik net diep in dromenland lig komt er een run op de linker stok. Ik sla de slaapzak van me af, stap van de stretcher en zie alleen maar gras voor me. Waar is het water? Dan besef ik dat ik aan de verkeerde kant ben uitgestapt. De vis zit inmiddels drie plompenvelden verder. Gelukkig gaat het nu voorspoedig. Lijn binnendraaien tot een plompenveld. Stevig krom trekken en ze komt vrij. Volgend plompenveld zelfde ritueel. De vis doet niet veel meer, maar wat boeit het. Deze zit in het net en wat een prachtvis blijkt het te zijn. Een rijenachtige spiegel.
![]() |
10 Minuten later weer een run. Deze laat zien wat hij in huis heeft. Kan ook niet anders, met zo’n staart. Een mooie gave schub is de klos.
![]() |
Hè, hè, de stand is nu 2-2. Komt er nog een kans? Jazeker, een uur of 2 later. Deze doet helemaal niets. Even scheert ze richting een plompenveld. Vol de druk er op en ze komt mee. Dat gaat vlot. Een kleine vis ligt op haar zijde. Het net gaat er onder, maar het op de kant tillen gaat een stuk minder vlot dan verwacht. Het ukkie blijkt een vette spiegel te zijn. Het is me al zo vaak overkomen dat je in het donker te maken denkt te hebben met een vis van een kleiner formaat. Ik denk dat het komt doordat het schaarse licht slechts een klein deel van de flank belicht. Wat een prachtbeest. Ook weer puntgaaf, lekker rond en met honderden minuscule schubjes bij de staart.
![]() |
Het plan was om nog bij het eerste licht weer met de pen te gaan vissen. Door de actie van de nacht, er kwam ook nog een zeelt aan de lijn bungelen, slaap ik uit. Wat maakt het uit? Niet doen omdat iets moet, maar lekker doen wat je gevoel zegt: half doezelend nagenieten.
De 2 spiegelbeesten gaan met daglicht op de foto en even later rijdt deze man met een smile naar huis. Na alle ellende is alles toch nog goed gekomen. Wat later op de dag keer ik nog even terug naar de sloot om te kijken. Precies op tijd, want het paaifeest is in volle gang. The right time and the right place, beter kan ik afgelopen nacht niet omschrijven. Volgend jaar een nieuwe kans.
Vangze!
Arjen
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox








































