Rot@ry Letter
4.1 Boilies, soaks, rigs, voeren e.a. wetenswaardigheden
Roelof Schut
vorige
Had ik net besloten om te stoppen met mijn bijdrage aan de rotary van de KSN (het voorjaarsnummer 2001 van De Karper zal mijn laatste rotaryschrijfselen bevatten), komen daar de mannen van Karperwereld Online met een verzoek om eens iets bij te dragen aan hun rotary. Gezien de drukke werkzaamheden voor de KSN gedurende de afgelopen maanden was ik in eerste instantie niet erg happig om kostbare tijd te besteden aan weer een rotary. Een aantal zaken heeft me echter over de streep getrokken. Ten eerste heb ik toch iets meer vrije tijd gecreëerd middels het afhandelen en beëindigen van bepaalde 'karper'activiteiten. En daarnaast moet ik zeggen dat deze rotary al heel wat kwalitatief hoogwaardige bijdragen heeft geleverd in hun overigens nog maar korte bestaan. Het is dus niet alleen leuk om mee te doen maar ook leerzaam. De onderwerpen die belicht zijn en worden geven blijk van inzicht en kennis van de deelnemers. De deelnemers zijn dan ook niet de minste vissers. Want laat dat duidelijk zijn, de rotaristen mogen dan over een gevleugelde pen beschikken, schrijvers zijn ze allerminst. Karpervissers daarentegen des te meer!Ik mijn gastreactie wil ook ik me beperken tot de meer technische aspecten van de karpervisserij. Onderwerpen, al dan niet beleidsmatig, zoals belangenbehartiging, commerciële wateren, fotomanipulatie c.a. laat ik links liggen omdat ik daar enerzijds - als bestuurslid en als lid van de commissie belangenbehartiging van de KSN - en anderzijds - als schrijver van de KSN-rotary - al genoeg over gezegd en geschreven heb. En bovenal ben ik visser dus het lijkt me gewoon leuk om mijn ideeën en inzichten over enkele technische aspecten van onze hobby eens te spuien.
Boilies en zoMijn mening over boilies is vrij uitgesproken en in hoofdlijnen simpel waarbij ik een duidelijk onderscheid maak tussen de instantvisserij en het vissen op een langdurige voerstek/het vissen na lang voeren (deze vergt enig denkwerk).
Onder instantvisserij valt bij mij ook het vissen op een voerstekje van 2 of 3 dagen. Het afgelopen jaar heb ik toch vrij veel korte sessies gevist van een avondje op een dergelijke stek van readymades. Verschil ten opzichte van een homemade boilie heb ik niet kunnen bemerken. Mits, en dat is evident, het een goede readymade betreft. Trouwens, freezerbaits vallen voor mij niet onder de noemer readymades maar plaats ik gemakshalve onder de home-mades. In het verleden heb ik goede ervaringen opgedaan met ready-mades van Martin SB/Attractor Range (fish) en Nash Baits (peach en scopex). Sinds 2000 heb ik uitsluitend gevist met readymades van Sensas. Vooral de smaken Strawberry Seed en Spicy Fish deden het goed. Jaja, ik ben mij er van bewust dat enkele lezers nu met hun hoofd schudden omdat ik de naam Sensas noem. Inderdaad, ik word gesponsord door Sensas en vis derhalve met hun producten. Maar hopelijk gaat de lezer van deze rotary uit van mijn integriteit en rekent hij me niet af op het feit dat ik gesponsord wordt.
Het belangrijkste voor mij is dat een readymade een goede smaak heeft. Niet dat ik de boilie lekker moet vinden, maar vooral die vieze bittere nasmaak (o.a. conserveringsmiddelen en slechte zoetstoffen) die sommige merken boilies kenmerken hoef ik niet. Proef niet alleen de buitenkant van de boilie maar breek er ook eens één doormidden. Zo filter je de boilies die slechts nageflavoured zijn (geur-/smaakstoffen of een combinatie hiervan) en voor de rest geen of zelfs een nog smeriger smaak/geur hebben er zo uit.
Voor het vissen op langdurige voerstekken gelden iets andere normen. Volgens mij heeft dat vooral te maken met de voedingswaarde van de boilie. In de reguliere ready-mades zitten gewoon te weinig essentiële ingrediënten (bijv. proteïnen, vitaminen, etc.) om het karperlichaam op langere (!) termijn te kunnen voorzien van zijn behoeften. In de praktijk kan dit betekenen dat de karper het voedsel op de voerstek links laat liggen en op zoek gaat naar 'gezonder' voedsel. Niet dat de karper deze keuze bewust maakt hoor, het is slechts instinctief gedrag. De karper luistert naar z'n lichaam. Net zo als bepaalde dieren in de natuur instinctief mineralen (zouten) tot zich nemen door aan stenen te likken/knagen die deze benodigde mineralen bevatten.
Ik heb te vaak meegemaakt dat op een langere voerstek een readymade volledig naar huis gevist werd door een zelfgemaakte bal. Niet dat er op een goede readymade geen vis meer kwam, maar bijna altijd was het aanzienlijk minder dan op de eigen receptuur. Johan, mijn maat had enkele jaren geleden de tijd niet om zelf boilies te draaien en was derhalve aangewezen op ready-mades, ook voor het voeren. Want Johan mag dan wel mijn maat zijn, dubbele porties boilies draaien gaat me net iets te ver. Op het laatst werd het gewoon een genante vertoning. Mijn vangsten stonden in geen verhouding tot die van mijn maat. Dit 'experiment' van Johan heeft 1,5 jaar geduurd. Het mag duidelijk zijn dat Johan inmiddels met zelfgemaakte boilies vist...........Maar waar bestaat een goede boilie uit? Welke ingrediënten? Laten we het simpel houden en gewoon achter op de verpakking kijken van het voer wat in de handel verkrijgbaar is voor (koi)karpers. Klaar! Dan zie je dat het percentage eiwit om en nabij de 25% ligt. De rest is een beetje vet, celstof en de bulk zijn koolhydraten. De specificaties van de karperkorrels die ik dagelijks voer aan mijn aquariumkarpers zijn als volgt. Ingrediënten: granen, vis- en bijproducten, rijst, soja. Samenstelling: ruw eiwit 27%, ruw vet 4%, ruwe celstof 3,5%, as 12,5%. Tevens bevat het voer nog wat vitamine A, vitamine D3 en vitamine E. Mijn aquariumkarpers krijgen al jaren niets anders te vreten dan dit voer (oké, af en toe experimenteer ik wat met eigen brouwsels). De karpers verkeren in goede conditie. De karperkorrels bevatten ook anti-oxydanten (zeg maar een soort conserveringsmiddel)! En het lijkt de gezondheidstoestand van de karpers niet te deren. Dit argument is overigens, voor zover ik tenminste weet, nog nimmer aangedragen in de diverse discussies over het conserveren van aas.
Dus laten we nu eens ophouden met ons af te vragen wat goed voor een karper is. Dat is namelijk al lang bekend en staat nota bene al jaren lang achter op het pakje. Er worden namelijk al veel langer karpers gekweekt dan dat er gericht op gevist wordt. En die karperkwekers hebben in de loop der eeuwen (!) echt wel ontdekt wat goed is voor hun 'kroost'. Maak dus gewoon een boilie die overeenkomt met deze specificaties, gebaseerd op eeuwenlange ervaringen, en je bent klaar. En dan hoef je echt niet te kijken op een paar procent meer of minder, de bandbreedte van de 'werking' van ons aas is vele malen breder dan menigeen ons wil doen geloven. De gangbare ingrediënten zoals maïsmeel, vismeel, polenta, griesmeel, starsoja, tarwebloem e.d. bieden genoeg mogelijkheden om een zeer goede boilie te fabriceren die ook op lange termijn zijn vangeigenschappen behoudt. Kortom, de karper blijft de boilie vreten! Je kunt de boilie opleuken door toevoeging van allerlei smaak en geurstoffen maar normaliter is dit niet eens nodig. Tegenwoordig echter, met de enorme concurrentie van collega-vissers, verdient het in sommige situaties de voorkeur net datgene te brengen waarmee je afwijkt van de meute. Of juist niet! Maar daar kom ik in de alinea's over soaks en flavours nog op terug.Ik vind trouwens dat wij als karpervissers eigenlijk maar bar weinig weten over de feitelijke werking van aas! Goed, we lullen (ik ook) over eiwitgehaltes, voerstekken en flavours maar weten we nou werkelijk wel zo goed wat de karper 'vindt' van ons aas? Laten we de topwitvissers eens als voorbeeld nemen. Deze kerels zijn constant aan het experimenteren met hun aas(aanbieding) tijdens het vissen. Deze kerels weten als geen ander de vis zodanig te manipuleren totdat ze toch tot azen overgaan! Deze kerels weten als geen ander welke ingrediënten en toevoegingen op een bepaald moment moeten toepassen om de 'gemiddelde' witvisser het snot voor de ogen te vissen. Deze kerels weten drommelsgoed in te spelen op variabelen zoals watertype, jaargetijde, tijdstip van de dag, doorzicht van het water, voedelvoorkeur, lichtintensiteit, watertemperatuur, mate van voedselnijd, visstand, grootte van de vis, etc, etc. De Baets heeft inmiddels een kleine (nou ja) aanzet gegeven tot het een en ander en enkele andere karpervissers proberen hier op door te breien, getuige enkele recente publicaties over o.a. lokstoffen. Maar eigenlijk wordt het pas echt interessant als De Baets een boek gaat schrijven over de witvisserij! Daar kunnen we als karpervissers pas echt iets van leren heb ik het idee.
Ik ben trouwens ook lid van de Beet. Niet vanwege de publicaties over het karpervissen, maar puur vanwege de zeer zinvolle dingen die regelmatig geschreven worden door enkele topwitvissers! Om deze dingen te integreren binnen de karpervisserij is echter andere koek en dat is het waar het ook bij mij enigszins spaak loopt. Maar wie weet, misschien lukt het me ooit nog eens om hier iets begrijpelijks en constructiefs over te schrijven.Als uitsmijter wil ik nog eens een citaat aanhalen van Jan Junge. Hij heeft ooit eens geschreven - zo'n jaar of 10 geleden - dat het met de gangbare ingrediënten onmogelijk is om een slechte boilie te fabriceren.
Soaks, dips en flavours en overige additieven
Laten we eens terug gaan naar het jaar des Heeren 1960. Ene Howard A. Loeb, een bioloog uit de Verenigde Staten, deed destijds onderzoek naar de reacties van karper op voedsel en geurstoffen. Het doel was om uit te vinden welke stoffen een eetlustopwekkend karakter hadden. Als eerste testte Loeb een groot scala aan oliën. Hoofdzakelijk plantaardige oliën zoals o.a. pinda-, soja- en olijfolie. Maar ook levertraan werd getest. Alle oliën werden zowel in geëmulgeerde (opgeloste) toestand als in pure toestand getest. Desondanks had geen van de oliën een voedingsreactie tot gevolg. Er waren echter ook stoffen die wel een voedingsreactie tot gevolg hadden, namelijk:
- bruine gemalen suiker;
- instantkoffie;
- vleesbouillon;
- imitatie esdoornflavour;
- aardwormenextract;
- vloeibare melasse;
- lavaskruid;
- speeksel;
- tabakssap;
- fenegriek;
- leverextract.
Als ik de karper een natuurlijke voedingsreactie wil ontlokken dan opteer ik voor één of meerdere stoffen uit bovenstaande lijst. In het verleden heb ik vrij veel gevist met vloeibare melasse. Tegenwoordig gebruik ik vooral Attractant Naturel van Sensas. Dit bevat o.a. fenegriek en leverextracten. De melasse heb ik overigens alleen maar gevist als toevoeging in de natte bestanddelen van de boiliemix. De Attractant Naturel gebruik ik zowel als toevoeging als soak. Bij het gebruik van een dergelijke soak of additief voorzie ik - in 90% van de gevallen - mijn hele boilieproduktie deze toevoeging, dus niet alleen het haakaas. Reguliere dips overigens mag je wat mij betreft direct vergeten. Door de kleine verblijftijd van de boilie in de dip dringt er nagenoeg niets in de boilie. Bij het inwerpen verliest de boilie direct alle dip. Voor dips op oliebasis - vooral de wat dikkere oliën - ligt dit natuurlijk weer iets genuanceerder.Maar nu komt het. Ik heb tot nu toe nooit het idee gehad dat ik door het gebruik van een dergelijk additief of soak een natuurlijke voedingsreactie bij de karper teweeg heb kunnen brengen! En tevens had ik nooit het idee dat ik slechter ving als ik de producten niet gebruikte! Waarom ik het toch gebruik? Simpel een baat-het-niet-schaadt-het-niet verhaal. En ik kan niet hard maken dat het niet werkt maar ook niet dat het wel werkt. Maar andere vissers - en vaak niet de minsten -laten zich toch met enige regelmaat positief uit over enkele van bovenstaande stoffen. Laat ik het dan toch maar gebruiken want misschien.........
Het meeste vertrouwen - ook al is dat nog steeds erg klein - heb ik dus in natuurlijke stoffen. Chemische toevoegingen, de flavours zeg maar, zullen mijn vertrouwen daarentegen nooit krijgen als het aankomt op het teweegbrengen van een natuurlijke voedingsreactie bij de karper.
De oplettende lezer is het wellicht opgevallen. In dit epistel over soaks en flavours heb ik tot nu toe slechts gesproken over een natuurlijke voedingsreactie. Er is echter ook nog zoiets als een aangeleerde voedingsreactie. Dit effect doet zich op alle wateren voor waar jaar in jaar uit de nodige boilies inclusief diverse flavours en soaks c.a. ingedonderd worden. Simpel gezegd: de karper heeft geleerd dat een chocoladeflavour op glycerolbasis gelijk staat aan voedsel. En zo geldt dat voor het hele scala aan additieven. De karper associeert een bepaalde geur/smaak met voedsel. Tenminste, als er maar genoeg mee gevoerd is! Het mag duidelijk zijn dat in dergelijke omstandigheden de karper door veel stoffen, zowel natuurlijke als chemische, aangezet kan worden tot azen. Een staaltje van klassieke (positieve) conditionering zoals ontdekt door de Russische fysioloog I.P. Pavlov. Er zit echter een addertje onder het gras. Naast de aangeleerde positieve ervaring (flavour = voedel) leert de karper ook wat negatieve ervaringen zijn. Juist ja, dat scherpe stukje metaal wat regelmatig in z'n bek dringt. Vervolgens resulteert dit weer in behoudend aasgedrag of nog erger, geen aasgedrag. In het meest extreme geval vertoont de karper zelfs vluchtgedrag. In moderne karpertaal worden deze verschijnselen dressuur of negatieve conditionering genoemd. Voor ons karpervissers is er op dat moment weer een uitdaging geboren en mogen we onze hersenen weer pijnigen met gedachten over rigs, aas, etc.
Resumerend durf ik te stellen dat op niet of nauwelijks beviste wateren (voor zover die er nog zijn) soaks, flavours, dips en andere vergelijkbare additieven van generlei (of heel, heel, heel misschien een heel, heel, heel kleine) waarde zijn. Op zwaarder beviste wateren kan het gebruik van die ene soak of flavour je absoluut een 'edge' geven. Hou echter ter dege rekenschap met negatieve conditionering. Tip: met name bij het gebruik van soaks met een hoger soortelijk gewicht dan water kan toevoeging van olie zorgen voor een verticale verspreiding in het water. Hierbij kun je - afhankelijk van de watertemperatuur en de gewenste 'release' snelheid - ook nog eens kiezen tussen warm- of koudgeperste oliën en...... Ach, laat ik het hier maar bij laten, wellicht is dat iets voor de volgende keer.Rigs
Over rigs (en dressuur) verschijnt dit jaar een artikel van mijn hand in Dé Karperwereld. Derhalve wil ik dit onderwerp gaarne overlaten aan de andere rotaristen, mijn bijdrage is overigens al lang genoeg. Een klein tipje van de sluier wil ik al wel oplichten. Het artikel behandeld een algemeen stuk over dressuur maar gaat ook iets dieper op de materie in. Zo trek ik een aantal, ongetwijfeld arbitraire, conclusies naar aanleiding van het befaamde proefschrift van Nand Sibbing "Food handling and mastocation of the carp" (voedselhanteergedrag en kauwen van karpers) uit 1984.
Voeren
Net zoals André ben ik meestal aangewezen op één nachtje vissen per week. In die ene nacht moet het dan gebeuren. Dus als ik de zaak wat kan bevorderen door voor te gaan voeren dan zal ik dat niet laten. En voeren vooraf betaalt zich niet alleen uit in betere vangsten maar ook in een stuk vertrouwen. En vertrouwen is het belangrijkste goed wat een karpervisser zich kan verwerven. Inderdaad vaak kost dat voeren vooraf nogal wat tijd, LPG (juist daarom rij ik op LPG) en inspanning. Gelukkig zijn mijn baas en Gerda vrij tolerant en flexibel, dus dat scheelt een slok op een borrel. In mijn stekkeuze probeer ik altijd rekening te houden met factoren zoals jaargetijde, weersomstandigheden, watertemperatuur en gedrag van de vis. Maar het belangrijkste is dat je gebruikt maakt van ervaringen uit het verleden.
Ik vis dus bijna nooit meer zonder dat ik van te voren gevoerd heb. Ook al is het slechts enkele uren voorafgaand aan het vissen. Het voeren kan een tweeledig doel dienen. Ten eerste is het natuurlijk prettig dat de vis al aanwezig is op de stek op het moment dat jij daar aankomt. Kortom: het lokken en eventueel vasthouden en/of terug laten komen van de karper. Ten tweede, en deze is niet de minste, kun je door voeren de karpers laten 'wennen' aan je aas. Op minder intensief beviste wateren niet zo relevant, maar als de concurrentie aan de waterkant moordend is dan gelden andere regels.
Maar hoe nu te voeren en hoeveel? En waar? En waarom? Je voelt hem al aankomen. Weer allemaal vragen die op hun beurt weer enig inzicht in uitzicht moeten bieden voor die specifieke situatie. Veel mensen die het boek van De Baets lazen dachten dat het nu wel heel makkelijk zou zijn. Kilo's 24 mm boilies werden ingekocht (als ik de diverse leveranciers mag geloven was dit echt gigantisch) en vervolgens werd een compleet water even bevoerd op de manier zoals De Baets beschreef. Hoe hard was echter de realiteit. Veel van deze mannen werden naar huis gevist door mensen die een simpel voerstekje onderhielden à la Aalten. Tja, verkeerde methodiek op het verkeerde moment op de verkeerde plaats zou ik zeggen.Het komt er op neer dat je ieder water eerst moet analyseren voordat je kunt bepalen welke methode het beste werkt. Dus:
- Hoe zwaar wordt het water bevist?
- Waar wordt mee gevist?
- Hoeveel wordt er gevoerd?
- Welke stekken worden het meest bevist?
- Hoeveel karpers zwemmen er?
- Welke stekken worden niet of nauwelijks bevist?
- etc.
Op nauwelijks beviste wateren kan je te kust en te keur stekken kiezen. Voor mij geldt dat ik op de 'circuitwateren' in 95% van de gevallen een stek bevis en bevoer waar andere karpervissers niet (regulier) vissen. Meestal wordt hier niet gevist omdat er nog nooit een leuke vis is gevangen......... Een voerstekje van een paar dagen volstaat meestal al om succes af te dwingen (probeer als het even kan wel anders te voeren en te vissen dan de andere vissers). Vervolgens hoop ik - en vaak gebeurd het ook - dat ik de leukere vissen het eerste vang of in ieder geval vrij snel. Waarschijnlijk komt dit jullie bekend voor. Inderdaad, de afroomtheorie van Evert Aalten. Derhalve hanteer ik meestal de tactiek van de 3 V's (dit is iets anders dan de 3 V's van Marco Kraal). Voor mij staan die V's voor Voeren, Vangen en Verkassen. Vaker dan 2 maal achtereen zit ik zelden op een stek. De leukere vissen moeten dan binnen zijn. Mocht dit niet zo zijn of blank ik dan zoek ik ze wel op een andere plaats. Simpel, als de vis niet bij mij komt, dan kom ik wel bij de vis. Dat 'blanken en afdruipen' zoals André dat zo mooi noemt maakt dus eigenlijk ook een integraal deel uit van de voeren, vangen en verkassen theorie (sorry, afroomtheorie).
Voor het voeren in de winter geldt hetzelfde. Zolang de visgronden niet bedekt zijn door een laag 'hard water' gaat er dagelijks een portie vreten in voor onze karpers. Het liefst voor een langere periode dus voor een maandje voeren in de winter draai ik mijn hand niet om. Ik moet wel bekennen dat het niet meevalt om de dagelijks rit naar het water te maken. Vaak door weer en wind en meestal in het duister. Maar ja, is het resultaat niet heilig? Meestal voer ik in de winter mondjesmaat want ik richt me hoofdzakelijk op die stekken waarvan ik weet - of denk te weten - dat de karper er in de winter komt of reeds ligt. Het is meer een kwestie van aan de praat houden zeg maar. Een extreem voorbeeld wil ik jullie dan ook niet onthouden. In november 1997 begon ik een stek te bevoeren van een druk beviste put. Desbetreffende stek had mij in het verleden (1991) ooit eens een paar vissen opgeleverd in februari. Dus dat de stek productief kon zijn in de winter stond als een paal boven water. Soms was het water bedekt met een laagje ijs maar dan prikte ik door het ijs heen met de achterste delen van een vaste hengel en liet vervolgens de boilies door de hengel heen in het water rollen. Tussen kerst en oud en nieuw werd de stek pas voor eerste maal bevist. Tussen 11.00 uur en 15.30 uur konden 14 runs bijgeschreven worden! Niet slecht bij een watertemperatuur van 4 graden, al zeg ik het zelf. Voer ik korter dan zijn de resultaten van met name de eerste sessie(s) per definitie slechter gebleken. Soortgelijke ervaringen - zij het minder extreem - heb ik in de winter op andere stekken ook vaak meegemaakt.
Het is maar dat je het weet
Het lijkt me leuk om deze rotary te beëindigen met enkele leuke wetenswaardigheden over producten die in de karpervisserij gebruikt worden. Of je er iets aan hebt moet je zelf maar uitmaken. André haalde al de onovertroffen stinker asafoetida aan (ik noem het liever asofoetida). Asafoetida - ook wel duivelsdrek genoemd - wordt gewonnen uit de wortels van een plant die verre familie is van de Nederlandse berenklauw. Vroeger werd asafoetida in de farmacie gebruikt tegen diverse kwalen. In zeer geringe hoeveelheden zijn de geur en smaak echter totaal niet onaangenaam! Vandaar dat het in Verre Oosten ook wel gebruikt wordt als specerij.Ylang-ylang is zo'n andere etherische olie die in mijn omgeving vrij veelvuldig gebruikt is bij de boiliebereiding. Het is ook wel bekend onder de naam kanaga-olie. Het wordt gewonnen uit de bloesems van een plant die van origine afkomstig is van Java en de Filippijnen. De olie ruikt fris en wordt derhalve ook gebruikt bij de productie van bepaalde parfums.
Een andere exoot uit onze onuitputtelijke voorraad additieven is het greenlipped mussel extract. Als de originele versie hebt dan spreek je over groengelipte mossels (klinkt dat nou zo stom of ligt dat aan mij?) die geoogst zijn voor de kust van Nieuw Zeeland. Na verwerking worden ze gevriesdroogd. De mossels bevatten veel vitaminen en sporenelementen. Er zijn zelfs mensen die zelf het extract tot zich nemen. Een dagelijkse dosis van 500-1500 mg per dag schijnt goed te zijn tegen allerlei kwalen en aandoeningen zoals reuma en eczeem! Ook het steeds populairder wordende additief Betaïne HCl (HCl staat voor waterstofchloride oftewel zoutzuur) wordt o.a. in homeopathische kringen aanbevolen om de menselijke spijsvertering te bevorderen. Het wordt ook wel gebruikt als voedingssupplement in sportvoeding. Voor de true believers: sommige melkpoeders ten behoeve van het opfokken van kalveren bevatten ook betaïne.
Het conserveren van bolies met suiker en zout is mede gebaseerd op het 'uitdrogen' van de bacteriën in de boilies. Door osmose (simpel gezegd een verschijnsel waarbij water zich verplaatst van hoogste naar de laagste concentratie opgeloste stoffen) wordt niet alleen water aan de boilies onttrokken maar ook aan de aanwezige bacteriën. De bacteriën drogen uit en gaan derhalve dood!
Slotwoord
Tijdens het schrijven van deze bijdrage had ik het gevoel dat het weer eens uit de hand dreigde te lopen. Mijn hersenen draaiden op volle toeren en mijn vingers ramden ouderwets fanatiek op het toestenbord. Vandaar dat mijn bijdrage vrij lang is geworden. Ik hoop in ieder geval dat ik de lezer niet verveeld heb en vooral ook aan het denken heb gezet over hun visserij.
Mijn streven was om alles, ondanks de brij van varianten op een thema, gestructureerd op te schrijven. Maar bij mij is het zo dat iedere vraag die ik probeer te beantwoorden wel 5 nieuwe vragen oproept. Een pasklaar antwoord voor iedere situatie heb je in mijn bijdrage dan ook niet kunnen vinden. Er is namelijk geen standaard succesformule om goed karper te kunnen vangen. Iedere situatie is specifiek en heeft z'n eigen aanpak nodig. Je eigen ideeën uitvoeren en ervaring opdoen in combinatie met nuchter boerenverstand brengt je dan al een heel eind. Daarnaast zijn er factoren die je niet kunt beredeneren. Watersense en geluk bijvoorbeeld.Als allerlaatste wil ik mijn complimenten maken aan de rotaristen van Karperwereld Online. Zij hebben mij toch op een dusdanige wijze gemotiveerd en gestimuleerd dat ik in mijn rotarybijdrage weer eens vrij diep gegaan ben.
Veel strakke lijnen toegewenst in 2001 en wellicht zie ik jullie op Carp in Zwolle!
Roelof Schut
roelofschut@zonnet.nl
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox


