Home  |  Contact  
 

Rot@ry Letter


5.3 Loodmontages, rigs, legaliseren nachtvissen en spiegelkarperprojecten


Daniël van Dijk

vorige

Beste lezers en mede-liefhebbers, Tussen neus en lippen door heb ik wat tijd gereserveerd voor de bijdrage aan de RL deel 5. Dat valt niet mee, ondanks dat ik de bijdrage met Raymond afwissel. Maar juist nu, in de fraaiste tijd van het jaar, waarin verlofdagen, ADV-dagen en de voordelen van een ambtelijke 36-urige werkweek om buurten worden verzilverd ten gunste van onze liefhebberij. Na de donkere, stroeve vistijden verandert het grauwe beeld langzaam in een zachtgroene entourage. In de winterse omstandigheden vissen we natuurlijk gewoon door, maar toch... Als ik op zo'n kille dag na het werken, vanuit de trein door het parkje in Dordt naar m'n auto loop, dan tuur ik over het kleine parkvijvertje. Met een blik, die nog scherper is dan die van de reiger aan de overkant, speur ik het slootje vakkundig af naar een teken van leven. Met een lichte vorm van juichen vier ik het aanschouwen van een springer. In het midden van de vijver komt een voorntje van ongeveer 12 centimeter in z'n geheel boven water. Het hoogtepunt van een winterse week.

Maar in de lente verandert alles. De heerlijke lucht van ontbloeiend groen en opwarmend water geeft je nieuw levenskracht en doet m'n middelste hengeltje tintelen. De vis komt los! En als ik van een kilometer afstand de tochtige koeien in de weilanden weer kan ruiken weet ik het zeker: het is weer bronstijd!!! Laat ik snel van start gaan en pogen tussen het dagdromen door wat zinnigs mee te geven.

Voeren in de winter

Winter...de drang is simpelweg te groot.
Winter...de drang is simpelweg te groot.
Op het moment van typen zijn er nog enkele nachten dat het kwik om en nabij het vriespunt jojoot. Daarom open ik met voeren in de winter. Wat is winter...? Hieronder versta ik wat vissen betreft die periode dat de watertemperatuur tot ongeveer 5 graden Celsius of lager daalt en de vissen over het algemeen zowel in aasgedrag als overige activiteiten zich beduidend minder inspannen.

Net als Frank (Siemerink) geef ik in de 'winter' de voorkeur en kleinere, zachtere boilies en afhankelijk van het type water ook tijgers en kikkererwten. Veelal kies ik een water, waarvan ik weet wat ongeveer de te verwachten populatie is en stem de hoeveelheid voer daar op af. Waarom 'klein' aas? Als voortvloeisel van m'n visjeugd wil ik nog wel eens met een 'tikhengeltje' spelen om tijdens langere sessies een beetje actief te blijven. Het is me in de jaren te vaak gebeurd, dat ik juist aan dit korte vaste-stokje van 1,5 meter met dunne lijn en heel klein haakje met sappig vlokje een karper wist te haken. De karperhengels met 'gewone'boilies bleven dan vaak roerloos liggen (behalve die ene die ik op moest draaien, natuurlijk!) Wellicht is de aanpassing tot klein en zacht aas meer een gevoelskwestie, maar als je zo in elkaar zit...

Met het tikhengeltje
Met het tikhengeltje
Sinds een aantal jaren hanteer ik dan de door Luc de Baets tijdens de één van de VBK-meeting gepresenteerde voertechniek. Extreem verspreid voeren. Bij de eerste keer voeren wordt er in een wandelpasje een subtiele hoeveelheid boilies en/of particles als een ruim rasterpatroon te water gemikt. De 2e en 3e keer iets meer gecentreerd naar de reeds vooraf bepaalden stekken (o.b.v. diepte, ervaring en/of gezond verstand). Ik ben het grotendeels eens met de theorie (en praktijk, want de resultaten liegen er ook niet om) met Bart (Bouwens) over het aasgedrag en de aastijden. Toch heb ik het idee dat de door ons behaalde resultaten naar omstandigheden ook schappelijk zijn geweest. Tijdens diverse wintersessies heeft bovengenoemde tactiek doen oogsten. Het gaat dan vooral om stilstaand water met redelijk tot goede bezetting en (aardig) stevige dressuur. Lastig te achterhalen, maar aasgedrag (in tijd, hoeveelheid en plaats) zijn in bepaalde type wateren in meer of mindere mate te manipuleren.

Maar veelal is voor mij het vissen onder winterse omstandigheden een soort van bezigheidstherapie met een ruime hoeveelheid eten en drinken (en dan heb je aan Wesley een goeie). De versgebakken hamburgers en plakken smac vliegen om de oren en het bier heeft de juiste temperatuur voor consumptie. Ondanks de eventuele slechte resultaten wat de vangst betreft, ga ik dan toch met een voldaan gevoel naar huis. De hengels hebben het daglicht weer gezien en we hebben lekker buiten geslapen. En het is in de diepe winter ook altijd een stuk rustiger aan de waterkant. Veel collega's prefereren de warmte boven de kou en misschien hebben ze in hun geval wel gelijk. Maar in ons geval niet. De drang is simpelweg te groot.

Loodmontage en gewichten

Tja...de door Mark (van Balveren) genoemde vakliteratuur is niet kinderachtig. Zodra het op echte dressuur aankomt, is het lastig om de Engelsen en Belgen te overtroeven. Afwisseling en afwijkend gedrag doet een hoop leren. Ikzelf gebruik praktisch altijd in-line lood tot zo'n 150 gram. Er is een enkele uitzondering, zoals bijvoorbeeld bij een door ons bevist kanaal met een vreselijk keienprofiel op de bodem. Daar heb ik gerommeld met diverse steenvarianten als vervanger van het lood. Ik zat daar gemiddeld 10 van de 9 keer vast bij het ophalen! Soms namenlijk 2x tijdens het binnendraden. Met breeklijntjes en (langs het treinspoor) geselecteerde stenen, die door de vorm goed te hanteren waren viste ik dan tussen de keien. Eerst knoop je het breeklijntje strak om de steen. Door stenen te selecteren met een bepaalde hoek erin, kun je het lijntje strak vastknopen zonder dat deze er weer vanaf glijdt. Het breeklijntje kun je vervolgens op dezelfde manier als wartellood (of aan je tube) vastmaken. Als de steen tussen de keien klemt bij het opdraaien of bij een aanbeet, dan breekt het breeklijntje af. Niet alleen is zo'n steen veel goedkoper dan lood, het is ook vanuit het milieuoogpunt een stuk wenselijker.

Ver uit de kant met 'zwaar' lood
Ver uit de kant met 'zwaar' lood
Verder geloof ik in de theorie van een zuiderbuur over het verminderde inhakings- of prikeffect van diverse wartellood systemen. Bij het vissen met een strakke lijn, moet de vis dan eerst het lood draaien en komt daarna pas het gewicht van het lood in werking. Dat scheelt meerdere centimeters in vergelijk tot het in-linesysteem. En er zijn naar mijn idee situaties denkbaar waar het wat 'prikken' betreft op centimeters aankomt. Dit moet je misschien zelf even testen om te zien wat ik bedoel.
Verder geloof ik ook in het betoog van één van de vele Engelse profs tijdens één van de vele diapresentaties van één van de vele meetings... Hij beweerde dat je je loodgewicht best een aardig deel kan opschroeven, omdat de omstandigheden onder water nu eenmaal anders zijn dan hierboven. Want was het niet "opwaartse kracht = gewicht van de verplaatste vloeistof" ? Dus om het prikeffect te vergroten is een zwaarder lood effectiever. En zoals Mark terecht zegt is het sterk 'verbonden' met de rigs.

Gedachten over rigs

Franse rivier; standaard rigs
Franse rivier; standaard rigs
Over het algemeen probeer ik zo eenvoudig en eenduidig mogelijk te vissen. En dat kan ook op de wateren die ik bevis. Als ik mijn globale jaarplanning bekijk, dan vis ik voor zo'n 80% op wateren waar het niet nodig is om je rigs met een hoog goochelgehalte te fabriceren. Dan vis ik met onderlijnen van supernova (25 lbs) of quicksilver van ongeveer 20 cm. Het voordeel van quicksilver is, dat deze niet gaat pluizen. De supernova heeft daar nogal eens last van. Hij lijkt dan iets minder slijtvast en ook het lusje van de hair gaat geregeld pluizen. Als haak gebruik ik dan de K1, maatje 6 van Hayabusa. De subtiele aanpassing zit 'm in het feit dat ik de oogjes met een tangetje iets naar binnen buig om de indraaiende werking te vergroten. Een 'geen-knoop-knoop' met een stukje zachte tuub, een vrij lange haar op maat, een huis-tuin en keukenwartel en klaar is ie. Door tijdens het maken van de 'geen-knoop-knoop' vast een boilie aan de hair te slingeren, kun je de lengte heel precies afstellen.

Mocht ik dan in de overige vistijd plots kiezen voor een water met dressuur, dan halen we de trukendoos open. Alle varianten van combi-links, zoals stiff-soepel en soepel-stiff tot dubbel stiff, en volledig stiff (incl. hair) langstelige haken enz. worden in stukproduktie geproduceerd. En dan wil ik juist wel weer diversiteit aanbrengen. Want de ene truck wil ergens nog wel eens beter zijn dan de andere. Uitproberen en variëren dus. Ik moet er overigens wel bij zeggen, dat ik tijdens de dril met dergelijke goochelonderlijnen ietwat voorzichtiger te werk ga. Zoals ik met de 'standaard-onderlijnen', indien nodig, in de hengel durf te hangen, vind ik dat bij de dressuurvarianten gevoelsmatig minder prettig.

Nederlandse rivier; standaard rigs
Nederlandse rivier; standaard rigs
Wat ook nog wel eens gebeurt, is dat je onderlijn bij het gooien in de war raakt. Om de kans hierop te verkleinen, moet er voor zorgen dat de tuub van je lood wat langer is dan je onderlijn. Ook kinkelende lijn is dan lastig. Zeker als je veel op lange afstanden vist, gaat door het opdraaien je lijn kinken. Wat ik daar tegen doe is af en toe in een grasland m'n lijn een heel stuk uitlopen. Vervolgens haal ik zowel onderlijn, lood als tuub eraf, zodat slechts de vrije hoofdlijn overblijft. Dan hal ik langzaam de vrije lijn binnen en deze kan dan ongestoord 'terugdraaien' en is het kinken weer voor een deel tijdelijk verholpen.

Ondanks dat ik zelf het idee had dat ik niet zo gek kritisch ben op onderlijnen, kwam ik in de afgelopen sessie met Ray erachter dat ik dat toch wèl ben. Toen Ray een onderlijn van hem aan de hengel had gemonteerd, waarin ik overigens voldoende vertrouwen heb, wilde ik er daarna toch weer één van mijzelf aan knopen. "Lekker veel vertrouwen heb jij in mijn onderlijn", zei Ray. Ik zei dat ik dat dus wèl had, maar toch heb ik er een eigen onderlijntje aangeknoopt. Toen ik hem vroeg, wat hij zou doen als het andersom was, gaf hij toe dat hij dan ook de mijne eraf zou halen en z'n eigen eraan zou knopen. Dat is gewoon een gevoel. Want als je dan nagaat, dat we om-en-om vissen, en je dus heel vaak met elkaars hengels drilt, dan vraag je je toch af...

Legaliseren nachtvissen en realiseren spiegelprojecten

Legaal de nacht doorgebracht...
Legaal de nacht doorgebracht...
Als laatste onderwerp wil ik graag een nieuw kopje toevoegen. Het gaat om het volgende. Via verschillende bronnen heb ik de laatste tijd van alles gehoord over het legaal vissen met 3 hengels, nachtvissen gedurende het gehele kalenderjaar en het realiseren van nieuwe spiegelkarperprojecten. Veelal werd dan gezegd, dat het realiseren ervan goed te doen is als je het via je lokale visvereniging regelt. Dat leek me een beetje te simpel gezegd. Maar wat blijkt. Bij de meest recente 'jaarvergadering' van onze plaatselijke visvereniging zijn we gewoon met een aantal karpervissers op bezoek geweest. Dit was voor het bestuur en de overige aanwezigen al een nieuw fenomeen. En toen we als 'ingekomen stukken' wat brieven van buurverenigingen hadden gegeven over de aanvraag van ontheffing voor het nachtvissen en de mogelijkheden tot het vissen met drie hengels, begon het te lopen. Je moet je voorstellen, dat er normaal op zo'n vergadering wordt gesproken over viswedstrijden voor de witvissers en evt. de snoekliefhebbers en dat er wat wordt gekabbeld over het lidmaatschapsgeld, de uit te rijken prijzen en nog enkele zaken, zoals de jaarrekeningen, het ledenaantal en de wissel van de wacht in het bestuur.

...uitzetspiegeltje...
...uitzetspiegeltje...
Wat me opviel was, dat onze reële voorstellen in eerste instantie werden afgewezen. Toen wij echter met goede argumenten kwamen en ook het bestuur inzag dat er verder voor de karpervissende leden niets wordt georganiseerd, hebben we er een vervolgafspraak met het bestuur uit kunnen slepen. Ik heb toen zwart op wit een agenda e.d. opgesteld en we hebben, gesteund door leden van de buurvereniging, een nuttig gesprek gehad. Er lopen nu een aantal afspraken. Van onze kant hebben we toegezegd, dat we ook zelf t.b.v. de beangstigde overlast tijdens de nachtelijke uren mee zullen helpen middels (sociale) controle en het opzetten van en duidelijk bestand van degene die over een 'ruimere' vergunning gaan beschikken. Tevens zullen we gekoppeld aan het visbestandbeheer zelf een vangstenregistratie op touw zetten, die is te vergelijken met de bekende, grote spiegelkarperprojecten in de rest van het land.
Om kort te gaan: ga met een aantal karpervissers naar de jaar/ledenvergadering van je visclub, bereid je goed voor en wees reëel in je verzoeken. De pest kan zijn, dat het op stemmen aankomt en dan zul je in je aantal goed vertegenwoordigd moeten zijn.

Tot slot

Voor ik stop wil ik Mark nog even bedanken voor zijn inzet en het geduld dat hij heeft kunnen opbrengen. Hoewel ik merk dat het wat meer werk is dan ik vooraf had gedacht, heb ik het toch met plezier gedaan. Mocht de inhoud reacties in je losmaken geneer je dan niet en laat het weten. Veel visgenot toegewenst!

Daniël van Dijk

volgende




Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox


 
Naar top van pagina
© 1999-2007 Karperwereld Online. Alle rechten voorbehouden.      Disclaimer