Rot@ry Letter
6.1 Flavours, vechtersmentaliteit, wier, commercie, toekomstvisie
Laurens Maasland
vorige
Inleiding
Zoals jullie nu allen weten heeft er binnen het Rotary letter Team een ware metamorfose plaatsgevonden. Niks is eeuwigdurend, en een nieuwe generatie teamleden gaat het roer vanaf nu (gedeeltelijk) overnemen van de "oude garde", die het momenteel nogal druk hebben met overige zaken. Naar aanleiding van een gastbijdrage presenteer ik nu als kersvers lid van het KWO Rotary Letter Team mijn nieuwe bijdrage voor deze hoogwaardige Rotary Letter aan jullie.
Er zijn in de loop der tijd een uiteenlopend aantal onderwerpen de revue gepasseerd. Samen met deze nieuwe herstart worden er ook weer een aantal nieuwe onderwerpen gepresenteerd, in een volgorde waarin ze door iedereen behandelt zullen worden. Dit om het overzichtelijk en helder te houden voor zowel de lezers als de schrijvers. De nieuwe onderwerpen zullen als volgt zijn:
Algemeen:
· Flavours en andere additieven, hebben ze echt een meerwaarde?
· Spiegelkarperprojecten (vechtersmentaliteit) en legaliseren nachtvissen.
· Wier en karpers.
Ruime onderwerpen
· Commercie en karpervisserij
· Toekomstvisie karpervissen.
Omdat ik de eerste in de rij ben, voor wat betreft de nieuwe teamsamenstelling en deze onderwerpen kan ik slechts mijn mening geven, en niet reflecteren op iemand. Dit kan ik alsnog wel doen op een oud onderwerp, wat ik ook zeker niet na zal laten! Rest mij slechts nog het nieuwe team veel succes en schrijfplezier toe te wensen!!
Flavours en andere additieven, hebben ze echt een meerwaarde?
 |
| Altijd op zoek naar de fraaiste stekjes
|
In mijn vorige bijdrage heb ik enigszins uitgeweid over dit onderwerp, wat eigenlijk over soakers en dips handelde, maar waarin ik wel enigszins mijn mening over het voor mij favoriete gebruik van flavour uit de doeken deed. Persoonlijk vind ik flavour een goede uitvinding. Wij spelen hier namelijk in op een behoefte van de karper, zijn behoefte aan zoetigheid. Niet werkend omdat het een primaire levensbehoefte voor de karper zou zijn, maar puur en alleen dat het bij een karper - zoetekauw als ie is - een eetreactie opwekt. OK, niet alle flavours zijn op zoete basis, maar in tegenstelling tot wat het flesje jou qua geur/smaak verraad zal er altijd wel een stof op basis van iets zoets inzitten. Nu ik het hier toch over heb wil ik meteen even mijn enige zijstraat naar een vorige RL bijdrage inslaan, en wel die van Roelof Schut, Rotary letter 4.1. Roelof geeft hier wat betreft additieven en dergelijke een zeer goede bijdrage weg, waarbij ik wat betreft voedingsreacties en dergelijke ook al op gereageerd heb. Ook komt hier een aardig lijstje aan bekende en minder bekend additieven aan de orde, die ik niet ga herhalen, wordt een beetje afgezaagd en meer dan er al genoemd zijn zou ik er niet zomaar kunnen bedenken trouwens. Roelof stelt hier dat allerlei additieven op niet tot nauwelijks beviste wateren geen waarde zouden hebben. Aan de ene kant mee eens (vooral kijkend naar de wetenschap dat ze in den beginne totaal niet kieskeurig zijn, geloof het of niet maar zelfs ik heb op mijn jonge leeftijd een maagdelijk water meegemaakt en daar getuige geweest van de evolutie van het karper gedrag, erg interessant allemaal), maar aan de andere kant heb ik steeds meer de indruk dat ook extreem zoete middelen juist een zeer goede instant werking hebben op "maagdelijke vissen. Ook in "Karper" lees ik hier wat over op de rivieren, vanuit een artikel van Luc van Litsenborg, waarbij hij door een Franse vriend met zijn neus op de voortreffende instant werking van extreem zoet spul op de rivieren (dikwijls maagdelijke karper) wordt gedrukt. Ook de super instant werking van die hele zoete blikmais ondersteunt wat mij betreft deze gedachte.
 |
De schoonheid van het vissen is soms zo tasbaar. In october 2001 kwam deze beauty me vanaf 6 meter diepte laten zien waarom ik ook alweer op karper viste |
In tegenstelling tot andere karpervissers hecht ik persoonlijk niet zoveel overdreven waarde aan het gebruik van een flavour. Ik ben ook niet iemand die echt waarde hecht aan een bepaalde flavour in de overtuiging dat die beter zou zijn, of meer zal vangen als en andere flavour. Nu heb ik het hier over een flavour, maar we spreken hier nu ook over andere additieven voor in je aas. Boillies als je wilt, maar er is meer dan dat. Natuurlijk kan je qua samenstelling met een boillie alle kanten op. Dat is het handige van gekookt aas, dat je er van alles in kunt verwerken. Het is onomstotelijk bewezen dat een bepaalde flavour of aastoevoeging in zekere situaties beter vangt dan wat anders. Wat kun je met deze wetenschap? Hoe is dit ontstaan kan je je afvragen? Door gewenning of puur door preferentie? Kan beide als je het mij vraagt. Er is tussen karpers onderling volgens mij zoveel verschil in preferentie qua voedsel of aas, dat hier dikwijls geen pijl op te trekken valt. Soms wordt dit door vissers ontdekt, en krijgen ze bijvoorbeeld door dat - ik noem maar wat - de tijgernoot of een bepaald type afwijkende boillie (of iets nog veel gekkers) daar erg goed werkt. Door de oplettende vissers wordt hier dan weer op ingespeeld. Dat dit dikwijls gebeurd aan de oevers van Engels karperwateren is geen toeval. Daar zitten zo veel karpervisser opeen gehoopt dat weinig dingen onopgevallen blijven, temeer omdat ze daar dikwijls alle karpers in kaart hebben gebracht, wat individuele punten van de vissen kennen en nog eens goed kunnen observeren door het vaak heldere water. Geen wonder dat veel nieuwe dingen kwamen overgewaaid vanaf de overkant van het kanaal en ze ons soms een stapje voor blijven. Ik maak me dus sterk te vertellen dat bepaalde additieven, of wellicht flavours als je wilt, zeker een meerwaarde kunnen betekenen in jouw jacht op de karpers uit het water wat jij bevist, om maar meteen een antwoord te geven op de hoofdvraag van dit onderwerp.
 |
Typisch voorbeeld van een trekkende vis: na drie voerdagen trok pas na 16 uur vissen op een langgerekt water de top krom
|
Zelf ben ik door een Engelse karpervisser hier aan de Nederlandse karperoevers eens geïnformeerd over zo'n sterk staaltje aaspreferentie. Het ging hier over zijn eigen lokale karpervijver waar naar verluid vissen tot een pond of 29 (+/- 32 lbs) in huisden. Nu had de meerderheid van de vissers (en dat zijn er nogal wat op een gemiddeld Engels karperwater, geloof me) al door dat de grootste inwoner niet bepaald makkelijk te vangen was op de conventionele aassoorten, wat helemaal geen uitzondering hoeft te zijn. Waarschijnlijk per toeval had een van de plaatselijke jeugdige visser deze kanjer op een hazelnoot weten te vangen. Resultaat hiervan was dat al zijn maten binnen een vrij korte tijd ook allemaal die grootste karper van dat water wisten te strikken, de oudere garde met vraagtekens achterlatend! Hoezo moeilijk vangbaar? Gewoon zijn "zwakke punt" ontdekt, waarnaar ie al helemaal niet zo lastig vangbaar bleek te zijn.
Net zoals Luc de Baets - die hier ook zijn hoofd over brak - durf ook ik niet te denken hoeveel van deze wetmatigheden er nog zouden bestaan om een bepaalde vis (of een gedeelte van een populatie) makkelijker, of slechts op een bepaalde manier aan de schubben te komen.
Zelf ben ik nooit zo'n echt experimenteer freak geweest hoor, qua samenstelling in de boillie en andere aassoorten. Ik heb er vroeger wel erg veel gebruikt, maar zoals zo vaak krijgt een experiment, geheel onterecht overigens, nooit echt lang de tijd om tot zijn recht te komen. Ook werd ik met vele ingrediënten of afwijkende aassoorten te veel in mijn vismogelijkheden beperkt door bijvoorbeeld het aas dat te zacht was, te witvisgevoelig, of niet geschikt voor langere sessies. Over allerlei mogelijke toevoegingen, ingrediënten of flavours ga ik hier geen hele waslijst opsommen, veel te afgezaagd, te veel over geschreven ook al. Interessanter vind ik persoonlijk het hoe en waarom van de af en toe fenomenale werking van bepaalde soorten voer. Wat het voor ons nog lastiger maakt is het feit dat een al dan niet goede werking van ons aas/voer allang niet meer van de karper alleen afhangt, maar beslist ook van de mate van bevissing waaraan een water onderhevig is. In Nederland staan vrijwel alle afgesloten wateren reeds onder een redelijke mate van hengeldruk (mooi woord trouwens, zo toepasselijk zelfs dat hoe meer het voorkomt op een water dikwijls de letterlijke druk op de hengel doorgaans steeds minder frequent voorkomt). Door die bevissing worden onze karpers herhaaldelijk gehaakt op bepaalde aassoorten waardoor de (instant) werking ervan afneemt. Daarom is het wel zo leuk dat er voor ons karpervisser een dergelijk groot assortiment aan aassoorten te vinden is.
Boillies zijn echter veruit favoriet bij vissers! Waarom? Ik denk aan de ene kant door het gemak, en aan de andere kant door het hoge gemiddeld gewicht wat ze op de kant brengen. Toeval? Nee, de gulzigste boillievreters laten zich toch wel vangen op die ronde knikkers, al is het de tiende keer in even zovele kwartalen dat ze zich in een hongerige en nietsvermoedende bui via een scherp stuk staal door het plafond laten hijsen. Interessant is het dan zeker om te zien dat iemand anders die over een totaal andere boeg gooit ineens veel meer, maar vaak niet zwaardere vissen vangt ten opzichte van zijn mede vissers. Wat ik hiermee ook wil zeggen is dat je de werking van additieven of gewoon flavours allang niet meer als een losstaand iets kan bekijken, maar dat ook zeker de hengeldruk en het soort water (natuurlijk voedselaanbod, de preferentie) hier een grote rol meespelen. Als kernzin over het gebruik van additieven zou ik dit onderwerp als volgt willen afronden: additieven, handig om de concurrentie voor te blijven, stem ze af op het soort water en de preferentie die het bestand (of een deel ervan) ten dag lijken te leggen.
Spiegelkarperprojecten (vechtersmentaliteit) en legaliseren nachtvissen.
 |
Het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Hier een perfecte, ongeschonden polderjuweel van een verboden water |
Spiegelkarperprojecten, de naam klinkt zaligmakend, de aanpak ervan niet altijd. Van mij mag er af en toe wel wat meer avontuur in de aanpak ervan worden gehanteerd. Ik begrijp dat het uit het oogpunt van kennis enorm aantrekkelijk is om elke individuele vis in kaart te brengen, zijn gewichtsevolutie en trekgedrag te observeren. Van mij mag er echter af en toe ook wel een eens een teiltje ongeregistreerde vis te water. Vissen zonder nummer, zonder naam. Stammend uit een uitzetting waarvan alleen het aantal kilo's bekend was. Natuurlijk vind ik het fantastische initiatieven, die het voortbestaan van de Nederlandse spiegelkarper zullen garanderen. Natuurlijk kan ik dan ook niet wakker liggen van de registratie van AL die spiegeltjes. Maar echt avontuurlijker wordt het er niet op. Daarom ben ik blij dat er ook bij het spiegelkarperproject in de Amsterdamse Boezemwateren per ongeluk een teiltje ongeregistreerde karper te water is gegaan. Kan er nog wel een eens niet geregistreerde bak opduiken, weetjewel. Over het realiseren van dergelijke projecten wil ik zeggen: petje af voor al degene die zich hebben ingezet, of dat nog steeds doen voor deze projecten voor diverse Nederlandse wateren. In de toekomst kan het misschien niet meer. Daniël heeft in zijn bijdrage het reeds gehad over het realiseren van dergelijke projecten evenals het legaliseren van het nachtvissen bij een vereniging. Tips en aanpak worden hier uitgebreid beschreven, heb ik zelf helaas weinig ervaring mee.
Ook in onze buurt loopt er een dergelijk spiegelproject. Omwille van de omvang van de vereniging was het naar verluid niet mogelijk om ze allemaal in kaart te brengen voor het uitzetten. Ben ik niet rouwig om. Doe zelf wel trouw mee aan de verdere registratie en zicht op de evolutie van deze mooie spiegeltjes.
 |
Zo vader, zo zoon. Mijn vader eind jaren zeventig met een van zijn vele karpers
|
Vechtersmentaliteit, heb ik het vorige keer al over gehad. Ga hier dus niet weer over uitweiden. Ongetwijfeld hebben anderen hier ook ervaring mee opgedaan, die ik dan ook graag zal willen lezen.
Legaliseren nachtvissen. Ook zo'n lastige kwestie, omdat wij karpervissers niet altijd zo'n goede naam hebben bij allerlei bevoegde overheidsinstanties. Resultaat hiervan is dat we meteen al tegen een aantal vooroordelen moeten vechten! Persoonlijk kan ik helaas over deze onderwerpen weinig inbreng geven. Ik ben hier in de buurt namelijk in de gelukkige positie dat nachtvissen (door de inzet van bepaalde personen, waarvoor dank) hier simpelweg is toegestaan. Ook durf ik nog wel eens een risico te nemen door te vissen op plekken waar je vis mag (nacht)vissen. Tja, het bloed kruipt waar het niet gaan mag, maar dat is karpervissers eigen. Velen onder ons zouden namelijk een lullig hekje of een bordje niet ontzien om toch maar op dat mooie polderwatertje, waar je behalve wat koeien, zwaluwen en een verdwaalde boer toch nooit iemand ziet, te kunnen (nacht)vissen. Wel ben ik uiteraard verantwoordelijk genoeg om het op drukkere wateren niet meteen te verpesten voor de rest om zo een mogelijk toegestaan nachtvisbeleid op de helling te zetten.
Wier en karpers
 |
Zicht vanuit mijn achtertuin, als het ware geboren met de hengel in de hand |
Wier en karpers, wier en grote karper. Wordt vaak in een adem genoemd. Soms terecht, soms onterecht. Dat het massaal aanwezig zijn van wier een positieve invloed heeft op de groei van karpers mag inmiddels duidelijk zijn. Er lopen zelf discussies met als hoofdonderwerp de verzwaring van de karper als gevolg van een explosievere wier (en voedsel) groei door een toenemende eutrofiering. Nu zou ik zelf het verzwaren van karpers in diverse wateren niet alleen op die wiergroei gooien, maar ook zeker de link leggen naar de op zijn zachtst gezegd ernstige bevoering van al die wateren. Hier hebben we het echter niet over nu. We praten nu over wier. Zoals we allen inmiddels allang weten is een zekere mate van wiergroei in een water zonder meer positief te noemen voor de gewilde inwoners (in ons geval karpers) van een water. Het wier vormt een werkelijk baken voor allerlei soorten voedsel zoals o.a slakjes, kreeftjes en ander klein watergespuis waar de karper zich aan te goed doet. Maar ook het wier zelf doet het goed, en niet alleen bij de graskarper. Nu heb ik een karper nog nooit echte wierbonken zien uitscheiden, maar met name in het voorjaar heb ik het al zeer vaak meegemaakt dat een gevangen karper behalve modderprut en mosselscherven grote hoeveelheden draadalg (je kent het wel, van de hele fijne zachte groene draadjes die voornamelijk in het voorjaar lijken voor te komen) uitscheidde! Ik heb me ooit laten vertellen dat dit zou dienen om de spijsvertering op gang te brengen, klinkt aannemelijk als je het mij vraagt, maar er is meer dan dat. Ik vermoed namelijk dat een karper draadalg en ook andere plantachtige wiersoorten soms echt met plezier opeet. Ik besef dat er zeer veel verschillende planten en wier soorten in het Nederlandse water voorkomen. Waarschijnlijk voer voor de aquariumhouders onder ons om hier een overzichtje of helder beeld in te brengen. Met een vismaat van me had ik hier namelijk al een discussie over, in Frankrijk tijdens het zwemmen in een meer waar wel honderd verschillende waterplant- en wiersoorten in voor leken te komen.
Zelf ben ik in de gelukkige positie om aan het water te wonen. Aan de brede zijsloot van een polderwater om precies te zijn. Vanaf de foto kan je waarschijnlijk al afleiden dat ik reeds vanaf het begin van het vissen worstel met die wierproblematiek. Nu verschilde het nogal eens jaar na jaar, maar in gemiddelde jaren kon ik rekenen op een flink portie wiergroei wat het vissen er niet echt gemakkelijker op maakte. Dat ik vanaf het begin van mijn (karper)visserij reeds hiermee geconfronteerd wordt wil niet zeggen dat ik een fantastische wiervisser ben, integendeel zelfs!! Ik denk dat de betere wiervisser steevast vanuit Engeland komen, waar ze doorgaans in hun (oogverblindende) wateren kampen met een zeer grote wiergroei, wat beperkingen met zich meebrengt.
Ik heb zelf al een aantal montages uitgeprobeerd om een goede presentatie te garanderen. Degene die we allen wel kennen is de helicopter achtige rig, waarbij het lood vastgeknoopt aan het uiteinde van de hoofdlijn hangt, en onderlijn via een ringetje of wartel over de hoofdlijn kan glijden. Dat een stoppertje op een centimeter op 30 vanaf het lood, zodat het lood wel door de wierlaag schiet, maar de onderlijn en het aas zich rustig neervlijen op deze groene massa. Ook zeer handig voor het gebruik op extreme modderbodems. Met deze manier kun je ook een zeer licht en uitgebalanceerd aasje gebruiken om te garanderen dat deze bovenop het wier terecht komt. Persoonlijk vind ik het een kei van een manier, maar ben niet erg gecharmeerd van de inhakende werking van deze montage, omdat afhankelijk van de richting en de snelheid waarmee de vis wegvlucht na de eerste prik van de haakpunt de werking niet altijd even betrouwbaar is.
 |
| Geen haar op mijn hoofd die aan blanken dacht |
Een drietal jaren geleden had ik op een vrij warme vismiddag op een behoorlijk bezet water een erg groot en verspreid voergebied bovenop een dik wierbed (met draadalg) geschoten. Dit toen nog niet door het boek van Luc, maar door een gare katapult! In ieder geval, na een tweetal uurtjes was het duidelijk dat de karpers het voer massaal gevonden hadden. Ze gingen er compleet op los, wat goed te zien was omdat er op die wierlaag slecht 50 centimeter water stond. Ik dus onmiddellijk twee hengels met de bovengenoemde montage erop geworpen, wat de fel tekeergaande karpers kennelijk niet deerde, want het aasfestijn ging in alle heftigheid door. Binnen het uur kon ik 2 twijfelachtige aanbeten noteren, met beiden een losschieter als gevolg, helaas. Misschien onterecht heeft op die middag mijn vertrouwen in dat systeem een ernstige deuk opgelopen. Ik zeg waarschijnlijk 'onterecht' omdat mannen als Terry Hearn in principe deze variant met volle tevredenheid toepassen op hun met wier (en wonderschone karpers) vergeven wateren toepassen. Wel kan ik me voorstellen dat het verlengen van je onderlijn in situaties met extreme wiergroei sowieso zinvol is, omdat dit de kans op een betere presentatie simpelweg vergroot. Nu besef ik me ook dat uitvaren van je rig een goede remedie is tegen al die problemen waar je ontegenzeggelijk op zal stuiten als inwerpende visser. Ook kan het zinvol zijn om in de zomermaanden (waarin je toch het meeste met grove wiersituaties geconfronteerd wordt) eens zelf te water te gaan, om wat van dat wier zelf weg te halen. Mijns inziens behaal je hiermee niet alleen een stukje vistechnisch comfort mee, maar ook een aantrekkelijke voedingssituatie voor de karper die als een magneet (evenals zeelt en brasem, vergis je niet) op omgewoelde bodem af lijkt te komen. Ook dit heb ik kunnen ondervinden vanuit mijn achtertuin, wanneer ik in mij jongere jaren in een gekke bui weer eens te water sprong in die bagger, en de bodem eens flink omwoelde. Over die achtertuin van mij krijg je zo nog meer te lezen.
Oom Ronny de Groote, onze sympathieke zuiderbuur, heeft in een goed artikel zijn kijk op de wierproblematiek uit de doeken proberen te doen. Kom je met mijn verhaal niet verder dan raad ik je beslist aan om eens een kijkje in dit artikel te nemen, verschenen in de laatste uitgave van "Karper".
 |
Waarom geen fotografie in het donker? Geplukt vanaf een bed draadalg vanuit de achtertuin |
Vanuit mijn achtertuin lagen de zaken net iets anders dan het daadwerkelijk vissen op of in het wier. Hier was het namelijk zaak om tegen de overkant (waar als enige plek in heel de sloot een harde kleirand als bodem loopt) te vissen, meestal tegen het wier aan, of tussen 2 bedden. De rest van de sloot was namelijk zo modderzacht als je je maar kan voorstellen, wat zowel voor de aaspresentatie als de geur van het voer niet echt bevorderlijk was, maar dat kun je vast wel begrijpen. In het voorjaar kwam er vaak een laag van dat draadalg te liggen op die kleirand. Ik was dan gedwongen erop te vissen, wat vistechnisch gezien nooit echt grote problemen opleverde, alhoewel het soms wel een vreemd gezicht was om zo'n bal fijne draadalg binnen te halen.
Ik voelde hier dan ook nooit de behoefte om eens met een andere soort rig tussen de wierbedden te vissen omdat mijn standaard rig toch wel voldoet. Qua wiervissen kan ik niet echt verder komen dan dit verhaal. Ik ben meer een lelievisser. Wat lelievissen betreft zou ik waarschijnlijk wat betere tips en uitleg kunnen geven, maar dat zou te lang worden, en bovendien buiten bereik van dit onderwerp.
Commercie en Karpervisserij
Net zoals iedere markt in (vis)spullen kampen wij hier ook met een gigantische aanbieding van spullen, waar de commercie handig op heeft ingespeeld. Al snel hadden ze waarschijnlijk door dat er in de handel van karperspullen groot geld te verdienen was. Terecht overigens. Makkelijk ook, voor ons vissers. In principe kan je je uitrusting - door de overvloed aan keuzes - exact zo aankopen zoals je zelf wilt. Nu kan ik me over het bovenstaande niet erg druk maken. Waar ik dat wel over kan is een heel andere manier waarop de commercie inspeelt op de behoeften van een bepaalde groep "karper"vissers. Denk hier aan de handel in grote gestolen karpers en het runnen van commerciële betaalwateren. Over "commercie en ka(r)pervisserij" gesproken! Maar waar een vraag is, komt vanzelf een aanbod. Ik wil het liefst over de twee bovengenoemde praktijken zo weinig mogelijk kwijt. De visdiefstal naar andere landen verloopt vaak (niet altijd) via gewetenloze beroepsvissers, die niets snappen van het gevoel dat wij karpervisser in onze visserij leggen. Gelukkig begint er op menselijk en op politiek vlak nu wat georganiseerd te worden, denk maar en "Echo" en Keep It Real. Goede initiatieven!
Over betaalwateren en de wijze waarop de commercie hierop ingespeeld heeft vind ik helemaal te triest voor woorden. Allemaal georganiseerd door nette zakenmannetjes met dollarsblikken in hun moordenaarsogen, niet rekening houdend met de leefomgeving van de vis. Ik veroordeel absoluut geen goed gerunde betaalwateren, laat dat duidelijk zijn. Maar ik durf niet aan de verhouding netjes gerunde / niet netjes gerunde wateren te denken. Hier zijn echter al zo veel vermoeiende discussies over gehouden dat ik het er graag bij zou laten. Waarom ik het dan naar voren breng, zeg je? Wel, omdat de woorden uit dit onderwerp deze gedachten bij mij naar boven brachten.
Voor de rest lijkt mij dat de commercie qua visspullen op handelsgebied zich nog wel verder uit zal breiden en er nog steeds meer snufjes bij zullen komen, maar dit brengt mij eigenlijk meteen bij het volgende en laatste onderwerp.
Toekomstvisie karpervisserij
 |
Een perfecte dertiger in het donker, je moet wel lef hebben om zo'n vis in je eentje in het donker op de zelfontspanner te zetten |
Mijn persoonlijke visie op de toekomst van de karpervisserij is - positief denker als ik ben - erg rooskleurig. Dat je met een term als "Toekomstvisie karpervisserij" werkelijk alle kanten uit kunt, is een interessant gegeven voor dit onderwerp! Het kan namelijk over heengaan met zo'n onderwerp. Zojuist had ik het al over het feit dat vanuit de aanbieding van handelaren - wat dikwijls ook karpervissers zelf inhoud, denk maar aan Frank Warwick bijvoorbeeld - er steeds meer snufjes naar voren zullen komen die de karpervisserij zullen gaan domineren. Hoewel het dressuur (conditionering is een mooier en gepaster woord) gehalte alsmaar lijkt te stijgen, zal het voor de karpervisser echt niet alleen voldoende zijn om zo'n super rig aan te knopen om even het mooie weer te gaan maken. Zo simpel werkt het gelukkig niet. Al helemaal met de steeds moeilijker wordende wateren hoop ik stiekem dat door deze moeilijkheidsgraad slechts de serieuze vissers over zullen blijven aan de waterkant.
Erg avontuurlijk is het niet, dat zowat alles tegenwoordig kant en klaar in de winkel klaarligt. Je koopt het aan, alle toeters en bellen, bindt er een kant en klare onderlijn aan, compleet met kant en klaar boillie en je kunt jezelf karpervisser noemen. Gelukkig werkt het zo niet altijd! In de toekomst komt het als karpervisser - om succesvol te zijn - steeds meer aan op je eigen vaardigheden en inzicht om de vis een stapje voor te zijn, wat het altijd spannend zal houden, gelukkig.
Op het politieke vlak zijn er de laatste tijd ook wel enkele gunstige ontwikkelingen geweest, althans wel hier in de buurt waar nachtvissen en karperen met drie hengels is toegestaan met de juiste papieren.
Qua respect tussen karpervissers onderling durf ik eigenlijk geen uitspraken te doen. Toch heb ik de indruk dat er landelijk gezien intussen iets gemoedelijker met elkaar wordt omgegaan. Koek en ei zal het nooit worden, want er staan bij karpervissers bij het bevissen van een water nu eenmaal grote belangen op het spel. Vooral stekkenpezen lijkt nog een groot probleem te zijn. Dat er vissers zijn die geen eigen ideeën blijken te hebben lijkt nog steeds vaak genoeg voor te komen helaas. Ik doe hierbij geen aanval naar iemand persoonlijk, maar constateer alleen wat ik zelf allemaal meemaak. Erg droevig soms hoor.
Voor wat betreft de toekomstvisie van mijn eigen visserij kan ik alleen maar gunstig gezind zijn. Hand in hand met de progressie van het kennisniveau zijn de laatste 3 jaren de vangsten zienderogen vooruit gegaan, wat een prettige ontwikkeling is! Er staan weer wat nieuwe wateren en stekken op het programma. Elke karper lijkt voor mij weer veel meer van waarde te zijn, groot of klein! De Nederlandse wateren worden nu bevolkt door een steeds beter ras, dankzij alle uitzettingen. Deze vissen zijn ontegenzeggelijk van een betere potentie dan onze OVB 25% wildbloed schubs, waardoor de hoop op kanjers in de toekomst alleen nog maar toe zal nemen. Ook mijn hoop neemt toe, en ik hoop daarom in de toekomst dan ook met een groot gegroeid exemplaar van deze nieuwe uitzettingen en heroïsche strijd aan te gaan, waarbij de strijd in mijn voordeel beslecht zal worden, en ik mijn dankwoord zal kunnen uitspreken naar de mannen die zich voor deze uitzettingen ingezet hebben.
Tot slot
Tijdens het schrijven van deze RL bijdrage heb ik weer veel plezier, maar belangrijker nog, helderheid in mijn eigen gedachten kunnen brengen. Daarom alleen al is deze bijdrage voor mijzelf geslaagd. Het is ook voor mij - hoe gek dit ook klinkt - altijd weer en verrassing wat er op de PC zal komen te staan en welke denkbeelden mijn hersens nu weer uit zullen proesten. Ongetwijfeld ben ik lang niet volledig geweest, wat juist het leuke is van een Rotary Letter, namelijk dat men elkaar aanvult. Ik ben niet bang dat dit met dit nieuwe team niet zal gebeuren en kijk daarom enorm uit naar de volgende bijdragen van de andere karperfreaks uit het team. Nogmaals veel succes allemaal!!
Laurens
volgende
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de
reactiebox