Rot@ry Letter
7.4 Wintervissen
Kees Ouwehand
vorige
Dé redactie bedankt voor de uitnodiging om mee te doen aan de KWO rotary nieuwe formule. Voor me ligt een e-mail van Bertil met de bijdrage van Bart, Kiron en op de valreep ook nog die van Mike, plus het onderwerp. Eén onderwerp dit keer slechts, dus dat klinkt hoopvol. Maar als compensatie dan wel meteen een onderwerp waar je flink over kunt uitweiden. Is wel te zien aan de bijdrages. Zowel Bart als Kiron wel vijf A-4'tjes uitgeprint! En dan hebben we het nog niet over Mike's mega bijdrage. Nou, we zullen![]() |
| Mooi plaatje maar net nog geen winter! |
Aastijden
Voor de visserij in mijn wateren ga ik ervan uit dat de karpers zich definitief hebben teruggetrokken in groepjes op hun overwinterplekken zodra de watertemperatuur zakt onder de 8 °C. De voedselopname en de frequentie waarmee ze zich voeden is minimaal. Bij deze temperaturen is de stofwisseling zo traag dat karpers op hun reserves ook wel de winter door kunnen komen. Hoewel dit zelfs voorkomt, is dat gelukkig niet overal en niet altijd het geval.
Om de één of andere reden aast karper op schijnbaar onverwachte momenten soms wel degelijk in de winter. Waar dat mee samenhangt, daar kun je over filosoferen. Mogelijk een geringe verhoging van de temperatuur door bijvoorbeeld een winterzonnetje. Of de toegenomen lichtintensiteit voor mijn part. Een depressie die een warmere zuidwestelijke stroming aanvoert, in combinatie met een zuurstofverrijkende stortbui. Wie zal het zeggen. Hoewel alles er op wijst dat het weer van belang is, weet ik het eigenlijk niet zo precies. Een stabiel weertype lijkt niettemin belangrijk. En nog beter als er wat golfen op het water staan. In mijn ervaring zijn de dikwijls koele nachten midden in de winter het minst productief. De meeste kans lijkt overdag te zijn. Bijgevolg maak ik gedurende de winter meestal zo veel mogelijk dagjes. Een enkel nachtje voor de beleving, maar daar blijft het meestal wel bij. En dat dan bij voorkeur op bewolkte dagen, als de nachten minder afkoelen. En dit weertype lijkt tegenwoordig vaker voor te komen dan ooit. Even terzijde, als de vorst goed invalt kan het ineens over zijn met de vangsten. Zeer plezierig dat dit de laatste jaren wat uitblijft, hoewel het wel weer het misverstand oproept dat karpers altijd maar de gehele winter door te vangen zijn. Nou met zo een ouderwetse elfstedentocht winter zal het echt niet meevallen om de zaak na de dooi weer aan de praat te krijgen.
![]() |
| November kanaalspiegel in 3 weken 2 keer aan de haak |
Locatie
Hoewel karpers soms wat eten in de winter gaan ze daarvoor geen grote afstanden afleggen. Het is de kunst om te vissen in nabijheid van de overwinterplekken. Dat kunnen kleine of grotere gebieden zijn die voor ons mensen niet direct als zodanig herkenbaar zijn. Geen makkelijke taak dus om die te vinden. Toch zijn er wel een aantal aanknopingspunten. Een karper zal zich niet snel terugtrekken op plaatsen die ze als onveilig ervaren en waar ze verstoord kunnen worden. Stille oevers met rietkragen, inhammetjes buiten het bereik van scheepvaart, een verlaten haventje, een laag bruggetje of iets dergelijks, dat zijn de "hot spots" die ik zoek. Ook vissen onder vastliggende rijnaken heeft me wel karper opgeleverd. Niet onder de bomen zoals Mike terecht opmerkt. Als je eens de kans krijgt een blik te werpen op een plek waar karpers zich frequent ophouden, let dan maar eens op hoe opvallend schoon de bodem daar is. Ik geloof dat Luc de Baets dat al in zijn boek schreef. Mijn ervaring met vijvervissen bevestigt dit. Wat natuurlijk ook weer niet wil zeggen dat ze niet tussen de bladeren kunnen gaan azen. Onder overhangende takken, vissend in de nabijheid van een overwinterplek, kan dus wel degelijk vis opleveren. Zeker in de nawinter als het verrottingsproces al ver gevorderd is.
Verder zijn karpers gevoelig voor temperatuur wisselingen. Een constante lage temperatuur daar passen zich nog op aan. Maar snelle afkoeling, daar kunnen ze heel slecht tegen. Ondiepe plekken waar een koude wind vat op heeft zullen derhalve niet de voorkeur hebben. Dan de diepere plekken, of tenminste een plek die bescherming biedt tegen een koude landwind uit het noordwesten tot zuidoosten. Veilig en comfortabel voor de karper dus, dat is mijn sleutel bij het zoeken. Aan de andere kant willen ze wel vanuit hun diepere schuilplaats trekken naar een ondiepere plek zodra er een winterzonnetje op schijnt. Een dergelijk plateau of talud in de nabijheid van een iets dieper liggende schuilplaats kan dus bingo zijn op een mooie winterdag. Niet specifiek de diepste plekken dus.
Ik heb niet zoals Bart beweert de ervaring dat de karper veel losser is bij scheepvaart. Het is wel zo dat ze bij een plotselinge verstoring van de overwinterplaats wegzwemmen en het een momentje kan duren voor ze weer terugkeren. Dat herken ik ook van de koi's in mijn vijver, zodra ik hun rust verstoor voor wat noodzakelijke werkzaamheden. Maar als het enigszins mogelijk is trekken ze zich volgens mij onbereikbaar terug op plekken waar ze juist niet verstoord kunnen worden door bijvoorbeeld die scheepvaart. Bij ons op het kanaal is het er trouwens niet makkelijker op geworden sinds zandboten op en neer varen voor de bouw van een nieuwbouwwijk. Ik krijg toch sterk de indruk dat de meeste karpers teruggetrokken zijn in de rustige stukken of de aansluitende achterliggende wateren. Overigens valt de pleziervaart nagenoeg stil in de winter. Ben ik eerlijk gezegd helemaal niet rouwig om. Wat zich tegenwoordig al niet een motorboot kan veroorloven hou je niet voor mogelijk. Het valt echter lang niet mee om de plekken te vinden die vis opleveren. Omdat de karper zich niet verraadt in het oppervlak van het water ontbreken aanknopingspunten met betrekking tot hun aanwezigheid. Bovendien kun je het aas bij wijze van spreken bij de voordeur werpen, zonder dat ze op dat moment de moeite nemen om het op te nemen. Als je het niet precies weet, veel zoeken en afwachten is mijn devies. Als uitgangspunt houdt ik mij aan tenminste 4 uur onaangeroerd op dezelfde stek, voordat ik een andere stek overweeg. Maar als ik signalen krijg dat er vis actief is kan dat langer zijn. Als je zo de goede plekken ontdekt, bedenk dan dit veelal blijft gelden. Al die moeite is dus een investering in de toekomst.
Voeren
![]() |
| De kans op een vis die zich anders nooit door aas van vissers laat verleiden is groot |
Kleine beetjes voer dus. Maar of een single hookbait nu zo effectief is voor mijn normale wintervisserij betwijfel ik. Onder zware dressuur omstandigheden eventueel, maar niet op mijn Noord Hollandse wateren. De hengeldruk en het karperbestand staat niet in verhouding tot die van de wateren waarop de single hookbait bedacht is. Kleine beetjes voer kan de karpers toch veel meer attenderen op de aanwezigheid daarvan. Maar ik hou altijd voor ogen dat ze slechts geringe hoeveelheden eten. Een paar honderd gram per keer voeren is volgens mij een redelijke richtlijn.
Omdat je minder last van witvis hebt in de winter kan naast boilies ook heel goed gevoerd worden met klein aas zoals gezoete maïs, stukjes boilies, boiliekruim, pellets en dergelijke. Voordeel van pellets is wel dat er types zijn die binnen redelijke termijn oplossen en zo een spoor kunnen verspreiden. Dan blijven ze ook niet liggen al worden ze niet gegeten. Klein aas heeft als profijt dat het de karper mogelijk aanzet om fanatieker te gaan azen. Nou ja, ietsje fanatieker dan. Alles met mate in de winter. In dat verband zijn er 2 mm micropellets in de handel die ik op dit moment gebruik naast gewone pellets. Partikels kunnen mogelijk ook deel uitmaken van het voer, maar die gebruik ik gewoon te weinig om er iets zinnigs over te zeggen.
Dat voeren op afstand van klein spul is altijd een probleem. Het kan heel goed met behulp een Method feeder zoals Mike al aangaf. En deze tactiek maakt zeker deel van uit van mijn wintervisserij. Heel effectief, maar het verplicht helaas ook tot het vissen met mijn zware 3 ponders zodra er wat afstand wordt gevraagd. En dat staat me vaak toch weer een beetje tegen, zodat ik als alternatief ook wel gewoon gebruik maak van de katapult. Ik meng het kleine aas dan met feeder voer tot kleine ballen en schiet die licht verspreid tot over redelijke afstanden. Daaroverheen vis ik met een boilie als haak aas en wat losse hele boilies.
Aas
Mijn spaarzame vrije tijd besteed ik het liefst aan het vissen zelf. Intensief bezig zijn met het ontwikkelen van mijn eigen mixen en achter allerlei ingrediënten aangaan komt er niet meer zo van. In de mixen en toevoegingen van een aasfabrikant heb ik evenwel een minstens zo goed alternatief gevonden. Toegegeven, ze zijn wel beschouwd te duur en je zou het zelf kunnen, maar onderschat de vangkracht van die mixen daarmee niet. De betere kunnen zeker wedijveren met die van een volleerd thuisbakker. Bovendien EA aanhangers, er zijn ook mixen met een redelijke voedingswaarde. Met deze mixen worden opvallend veel grote vissen gevangen en derhalve hebben ze mijn speciale aandacht. Wel draai ik nog steeds zelf. Een dagje voor het vissen een uurtje draaien en ik heb verse boilies die van binnen niet veel te hard zijn. En dat vind ik wel van belang. Een boilie met een min of meer taai schilletje en een zachte kern. Zeker in de winter. Trouwens, de reden dat ik hecht aan verse boilies is niet omdat ik veronderstel dat de karper de versheid kan beoordelen, maar omdat de werkzame stoffen die de karper attenderen op voedsel zo beter tot hun recht komen.
Als een boilie goed loopt zal ik niet gemakkelijk op iets anders overgaan in de winter. Een goed werkend aas gebruik ik doorgaans voor lange tijd. Als ik er in de zomer vertrouwen in heb, waarom zou ik er in de winter dan ineens geen vertrouwen meer in hebben? Omdat ik instant vis, zorg ik altijd voor een boilie met een open structuur. Daar voeg ik dan redelijk wateroplosbare attractors aan toe, die langzaam uit kunnen lekken.Vismeel boilies? Ik heb er geen negatieve ervaringen mee, eerlijk gezegd. Eiwitten behoren tot het normale dieet van karpers en zo lang er maar niet te veel van gevoerd wordt kan ik niet zien dat er problemen ontstaan. Als het in de zomer dus al werkte blijf ik erbij. Wel kan ik overgaan op kleinere boilies dan mijn standaard 18 millimeters. Boiliedips gebruik ik ook, maar het is moeilijk te zeggen of dit een verschil maakt naast de reeds toegevoegde attractors. Boilies laat ik echter niet eindeloos in de dip zitten vanwege de uitharding. Een keiharde boilie is niet wat ik zoek. Het allerbelangrijkste blijft echter dat karper weliswaar eet in de winter maar weinig frequent en slechts heel kleine beetjes.
Even terugkomend op aasfabrikanten en fieldtesters. Ik gebruik dus de mixen van een aasfabrikant en mag hopen dat ze een goed gebruik maken van hun fieldtesters. Wat betreft mijn aasfabrikant zijn daar klinkende namen bij zoals Jim Gibbinson en Tim Paisley. Gezien hun faam zal een belangrijk deel van hun functie de promotie van het product zijn. Wat betreft hun werkelijke functie bij de samenstelling van het aas vermoed ik dat je die overschat Mike. In het dagelijks leven ben ik researcher. Als wij al gebruik maken van fieldtesters verwachten we simpelweg dat ze het product gebruiken en de bevindingen terugrapporteren. Niet meer dan dat. Het uitdenken van het product is de taak van de researcher en niet de taak van de fieldtesters. Ik schat zo in dat dit niet anders is bij de aasfabrikanten en hoop dat ze goede mensen met verstand van zaken in de keuken hebben. Derhalve kun je Bart als fieldtester niet afvallen op zijn kennis inzake aasingrediënten. Maar wellicht had Bart zich hier ook ietsje bescheidener op kunnen stellen. Wat mijzelf betreft sta ik in ieder geval niet voor op het bezit van een grote kennis van zaken op dit gebied. Het heeft gewoon niet mijn interesse. Wel heb ik Karpervoer 2000 als hulpje op de PC en kan deze van harte aanbevelen bij diegene die thuis willen bakken. Zonder de EA methode te moeten volgen heb je toch een schat aan informatie in huis met een CD van een paar tientjes. Uniek in zijn soort en geen aasfabrikant die deze info zo beschikbaar maakt voor de karpervisser.
Loodmontage
Hoewel karper in de winter slomer aast heb ik in de regel toch redelijk normaal verlopende runs waar ik gewoon alert op aansla. Een korte onderlijn met zwaar lood voor een zo instant mogelijk bolt effect klinkt lekker Bart. Maar of het in de praktijk zo effectief is? Ik weet het niet. Inmiddels hebben mijn ervaringen met running rigs en licht lood wel vraagtekens gezet omtrent de veronderstelde wenselijkheid van zo veel mogelijk bolt effect. Ik kies mijn loodgewicht zo licht mogelijk in verhouding tot de gewenste werpafstand en het onder spanning kunnen houden van de hoofdlijn. Het voor mij bruikbare maximum is 3.5 ounce voor grote werpafstanden, maar zo lang de afstand dat toe laat ga ik zo licht mogelijk, met 1 ounce als praktisch minimum.
![]() |
De vorm van het lood is steevast een peertje wat volgens de boekjes weer het best is voor een instant bolt effect. Bovendien is een systeem met wartellood beter geschikt voor de bij ons gewoonlijk wat slappere bodems, omdat het in principe de lijn boven het lood houdt als het lood wat in de bodem wegzakt. Tegengesteld aan Kiron gebruik ik geen leadcore vanwege het extra gewicht dat de beetregistratie met licht lood negatief zal beïnvloeden. De spanning op de hoofdlijn trekt de tube wel recht en eventueel wat kneedbaar lood achterop de tube houdt het vlak tegen de bodem. Trouwens, er wordt een hoop ellende gerapporteerd bij het gebruik van leadcore. Ik ben er nog niet uit, dus zal er niet op ingaan. Maar zeker niet iets voor de minder ervaren broeders onder ons.
Rigs
Om in de war gooien te verminderen ben ik de laatste jaren steeds vaker combi-rigs gaan gebruiken in plaats van mijn vroegere lange soepele onderlijnen (40 tot 50 cm). Standaard voor mij ook een simpele snake-bite rig van 25 tot 30 centimeter met 5 centimeter van de buitenmantel verwijderd en geknoopt aan een Insizor haak (toeval Bart, ik kreeg een proefsetje) met line-aligner. Hierbij gebruik ik altijd een aparte soepele hair van dunne floszijde. Dit materiaal is buitengewoon soepel en nagenoeg onzichtbaar onder water.
Enige tijd geleden werd ik geïnspireerd door de combi-rig van Tim Paisley. Dit is een combinatie van stijf nylon met een kort soepel gevlochten deel dat doorloopt in een hair. De hair is uitgevoerd volgens het blow-out principe met een ringetje op een LongShank nailer haak. Oorspronkelijk was ik niet zo onder de indruk van het blow-out systeem van Nash met stukje silicone slang en een haak met korte steel. Maar de combinatie van ringetje en haak met een lange gebogen steel kwam meer overeen met mijn verwachtingen van de veronderstelde mechanische werking. En inderdaad, het blijkt inmiddels een zeer effectief hakende rig, die ik inzet onder de wat moeilijker omstandigheden. Beide onderlijnen zijn topklasse en ik kan niet zien waarom ik in de winter over moet op andere onderlijnen. Haakmaatjes zijn in beide gevallen een zesje of een achtje.
Lijnen en voorslagen
Geen duidelijk relatie met de wintervisserij volgens mij, dus een onderwerp waar ik eigenlijk niet op in zou zijn gegaan. Maar goed, toch een aantal zaken met betrekking tot opmerkingen van mijn mede rotaristen. Ten eerste, gewoon monofilament nylon in de diameters 0.30 of 0.35 mm voldoet prima in verreweg de meeste situaties. Verder is het relatief goedkoop en derhalve gemakkelijk vervangbaar. Afgezien van de marker hengel waar een gevlochten lijn een betere bodemregistratie geeft en op zeer grote afstanden (boven 200 meter) waar de geringe rek kan meehelpen is er werkelijk geen overwegend voordeel wat gevlochten lijnen echt noodzakelijk maakt. De nadelen wegen ruimschoots op tegen die paar voordelen. Ik heb dit al eerder eens uitgebreid uitgelegd op het board, dus zoek het maar op. Voor wie ze wel wil gebruiken? Ga gerust je gang, maar houdt wel rekening met de grotere breeksterktes van dit materiaal en de veiligheid van de karper. Net als bij voorslagen. Voorslagen? Met betrekking tot de veiligheid van de karper zou ik slechts willen vragen ze met verstand te gebruiken. Maar daar wil ik wel aan toevoegen dat een haak met dichtgeknepen weerhaak of zonder weerhaak het laatste redmiddel kan zijn voor de karper. Aan jou de keuze, maar bij gebruik van voorslagen wil ik het geen keuze meer noemen maar een verplichting! De opmerkingen van Mike over de schuurbestendigheid van Amnesia deden mij nadenken over de werkelijk functie van mijn gebruik van voorslagen. Als ik een voorslag gebruik is Amnesia namelijk mijn eerste keuze. Het materiaal heeft geen geheugen voor kinken, is in grote breeksterktes te krijgen en bovendien goedkoop. Maar het is niet schuurbestendiger of minder gevoelig voor insnijdingen dan gewoon monofilament nylon. Tussen twee haakjes, gevlochten lijn is niet schuurbestendiger dan gewoon nylon (zelfs slechter) maar wel minder gevoelig voor insnijdingen. Dat zijn dus twee verschillende zaken die steevast door elkaar gehaald worden. Ik gebruik Amnesia slechts als buffer bij het afstandsvissen. Om afstanden te werpen is een zo dun mogelijke nylon hoofdlijn gewenst en deze breekt gemakkelijk bij de krachten die tijdens de worp ontwikkeld worden. Derhalve de Amnesia voorslag met een lengte van tweemaal de hengel, om er voor te zorgen dat de voorslagknoop tijdens de worp op de spoel licht. Zit de knoop namelijk ergens tussen de geleide ringen, dan ontwikkel je tijdens de worp niet genoeg snelheid om deze gemakkelijk door de ringen te laten schieten. Verder gebruik ik Amnesia ook als voorslag bij een stenige bodem of iets dergelijks. Ik vertrouw dan op dat extra beetje zekerheid van een grotere diameter in vergelijk met de dunne hoofdlijn, maar realiseer me dat dit geen alles uitsluitende beveiliging is. Zo nodig vis ik de lijn dan ook nog hoog om het contact met de bodem te minimaliseren. Verder controleer ik altijd bij het binnenvissen de lijn op beschadigingen en bij het minste of geringste gebrek wordt deze vervangen. Ik heb goede berichten gehoord over Quicksilver van Kryston en zal er aan denken als mijn Amnesia voorslag te kort schiet bij scherpe mosselbanken of zo. Dit is echter tot nu toe nog niet het geval.
Beetregistratie
![]() |
| Nog redelijk goed uit te houden |
Nou, dat is het zo een beetje omtrent mijn wintervisserij. Al met al is het een langer verhaal geworden dan mijn bedoeling was. Omdat het mijn eerste keer was en de rotary uiteindelijk trager liep dan verwacht, had ik dit stukje al een tijdje geleden geschreven en zodoende wat minder op de mede rotaristen kunnen reageren. De volgende keer zal ik daar meer aandacht aan schenken. Ik opende wat cynisch met de vraag voor wie al die winterartikelen nu wel bedoelt zijn omdat ik weinig van die volhouders tegenkom in de winter. Ligt misschien aan de wateren waar ik vis. Dat zal het dan wel zijn. Zo te horen aan Mike zijn er elders meer grachtendempende kapers op de kust. De visserij zoals ik die omschrijf is toch redelijk goed uit te houden, zo lang je maar let op je eigen comfort. Warme droge kleding is een vereiste. Een grote plu, goede stoel, brandertje voor koffie en een soepje en je komt de winter wel door. Overigens, nu ik de laatste stukjes van deze bijdrage schrijf is de vorstperiode die mij het vissen even onmogelijk maakte gedurende de eerste helft van december gelukkig weer voorbij en ligt het water weer helemaal open. Nu oud en nieuw met de familie nog en ik kan weer aan ruimschoots aan de bak. Rest mij iedereen die ook doorvist succes te wensen met de vangsten in het prille nieuwe jaar. Santé, op een onvervalste winterkarper.
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox







