Het Hek

Achter het hek Dit jaar zal ik een uit een zetting geven van mijn belevenissen en bevindingen aan het water. Het begin van hoe en wat wordt hier beschreven en verklaard hoe ik bij een water terechtkwam. Het betrof hier een paradijselijke put waar de tijd leek te hebben stil gestaan. Echter niets bleek minder waar. In de jacht op ons troeteldier zullen zoveel mogelijk facetten van onze visserij de revue passeren. De natuur zal voor charme zorgen, de technieken een kijk in de tackle box, en de karpers voor spanning en sensatie. Elke gemaakte sessie, blank of resultaat, zullen worden verwerkt en zorgen voor een vloeiende overloop.

In een grote V vliegen minimaal een paar hondert ganzen over de met mist en douw behangen velden. Hangend uit m'n dakraam geniet ik van deze vroege ochtendgebeurtenis. Snuifend in de schone lucht volg ik de vrienden van Niels Holgerson nauwlettend. Dwalend met m'n gedachten zit ik boven op zo'n gans, turend naar het grauwe land beneden mij. Akkers en wijlanden, dorpen en steden, beekjes en plassen, alles zoeft onder mij door. Daar links onder, het lijkt wel een oud grindgat, aan de oever van de grote rivier, zag ik een glimp. De twijfel slaat toe, zag ik het goed? Een vage rimpel verraad dat er even leven te bespeuren was.

"Frank, Frank", plotsklaps kom ik met een smak aan de grond. M'n vriendin heeft het ontbijt klaar. "Wat was er?" "Hoezo?" "Je hebt minimaal 1 ½ uur uit het dakraam staan turen, was er brand?" "Nee, even wakker worden."

...een lekker bakkie... Aan tafel blijf ik met m'n gedachten bij die kringel. Het warme aroma van ome D. Egberts kan me niet verlijden. Ik gris een gebakken pistolletje mee, kus m'n vriendin en weet nog net in alle haast te melden dat ik even ga fietsen. "Waar ga je heen?" "Naar de dijk, doei."

Plots steekt er een ligt briesje de kop op, het duurt niet lang of de charmes van de ochtend zijn verdwenen. Hijgend sta ik op m'n pedalen. Waarom toch zo actief, had toch de auto gepakt, maar ja met de fiets zijn er stukken te bereiken waar ik met de auto nooit gekomen was. Het geluk is mijnerzijds dat de topografische atlas nog bij mijn fiets lag in de berging. Wat een uitvinding was dit boek toch toen ik hem voor het eerst trof bij Stefan. Het duurde dan ook niet lang voordat ik hem besteld had. Zelfs al had ik langs de weg staan plassen toen ze foto's namen om de omgeving in kaart te brengen, dan had zelfs dat kleine stroompje van mij in het boek gestaan. Wat gedetailleerd.

Nog even, links langs de linden. Wat is het mooi. Honderden mussen hebben zich verzameld in de takken van de langzaam verkleurende natuur. Het geasfalteerde gedeelte heeft opgehouden te bestaan, en is overgegaan in een oud karrespoor. Maar goed dat ik de mountainbike nog niet verkocht heb. Al doet hij nu alleen maar dienst als visfiets. Het fanatisme is er weer af. Zondag s'morgens fietsen met de club zat er toch al niet in, opgeven van het vissen op zondag was uit den boze.

Hier het eerste wiel aan de dijk. Ik smijt m'n fiets in de struiken en klim over het bruin verroeste hek. Nog 100 meter scheiden mij van de oever. De eerste kuifeenden en koeten komen uit het riet om te kijken wie hun rust komt verstoren. Wees gerust jongens ik ben het maar, wispel ik tussen mijn lippen door. Blijkbaar verstaan ze me niet. Plotsklaps lijkt het wel of er een invasie heeft plaatsgevonden. Honderden koeten beginnen ongeduldig heen en weer te zwemmen. Hier kan ik wel vergeten, de wuifende staarten, opstijgende bruisplakkaten al wat onze vriend zoal niet te weeg brengt, zal ik elders moeten zoeken. Ik weet het wel, hier moeten ze zitten. Maar nergens is de vriendschap tussen karper en koet zo groot als hier.

Terug bij het hek gekomen klim ik weer op mij fiets, en trap door. Omkijkend naar het watertje vraag ik mij toch af waarom ik hier nooit gevist hebt.

Het hek staat op een kier. Kijk om me heen, niemand. Snel glip ik langs de omheining, spring op de fiets en zet het op een trappen. Hier ver van de bewoonde wereld fiets ik dan. Op het pad van steenfabriek de Klinker. Hoe vaak heb ik wel niet voor het hek gestaan, mijmerend hoe het water eruit zou zien. Groot, diep, wild, zwemt er uberhaupt vis?

Keer op keer kwam de jachtopziender aan het HEK, meedelend wat ik al wist. "Beste jongen, je mag hier niet komen en ik verzoek je dan ook rechtsonkeer te maken"

Laat me slapen Hoe vaak heb ik die woorden al wel niet gehoord. Nu stond het hek open, zo'n kans laat ik niet glippen. Wat dacht die groene wel niet. Ha. Omkijkend, toch twijfelend of het niet een val was, fiets ik het pad af. Het is me gelukt. Uren hebben we erover gesproken, alle vissers uit de buurt hebben al bij de steenfabriek aan de poort gestaan, keer op keer vergeefs. Consequent waren ze wel.

Eindelijk, het lijkt wel of er muziek uit het bos komt. De eerste glimp is betoverend, riet, lelies, wilgen, vogels aan alles is gedacht. Een water waar nog nooit een bivvy heeft gestaan. Toch bekruipt mij een eng gevoel. Ik ken het ergens van. Het lijkt wel Redmire. De verhalen van Maddocks, Hutchinson en het boek van K. Klifford schieten door mij geheugen. Nee dat kan niet. Maar hoe dan…………….de ganzen.

Ongelooflijk zo ver weg, en toch weer dicht bij. Draaide hier een vis, hoe kon ik dat zien? Wat deed ik gisteravond? Feest, drank? Nee 2 flesjes bier bij Mark aan het water. Als ik hem vertel dat ik op de Klinker ben………goh. Zelfs de telefoon heb ik niet bij mij. Gelukkig dit is een moment van mij.

De fiets wordt verstopt in het struikgewas. Hoe groot is het eigenlijk, het lijkt links achterin op te houden, maar volgens de tekening in de topografische atlas zit er nog een hele kom achter. De eerste redelijke boom om in te klimmen wordt daar dan ook voor gebruikt. Ik voel me net Terry Hearn, bespionerend alles gade slaan.

Hangend op een der uiterste takken voel ik naar mijn pistolletje, ik heb hem nog. Tuurend over het water bespeur ik leven rechts onder mij. Wat was het? Weer wuift het riet iets heen en weer. Ontkomend aan een paar waakzame ogen is onmogelijk. Met de grootste zorg wordt er een pluimpje naar beneden gegooid. Met de nauwkeurigheid van een scut-raket land het bakkerswit op de langzaam wegdeinende rimpels.

...vanuit de diepte komt een zwarte schim naar boven... Seconden lijken uren te duren, vanuit de diepte komt een zwarte schim naar boven. Langzaam en met grote zorg doorklieft een stukje huid de waterspiegel. Voelend, bespeurend, slurp…… weg. Zo langzaam als hij/zij gekomen is gaat ze ook weer. Rustig volgen er nog een paar vlokken. Iets verspreidt, plots piept het links van mij. Een optonic? Hier? Golven komen van links. Koeten? Kijkend bespeur ik geen pluk veren, maar een immense rugvin. Er zitten er meer. Hoeveel, hoe oud, mijn god het paradijs bestaat. Maar die piep dan, ik zie niks en hou me voor dat ik te veel droom.

20 Meter verder langs de kant bevind ik mij op mijn buik bespiedend wat ik zie. Het water kleurt donker. Komt er iets onder mijn neus naar boven. Ongelooflijk. Ik probeer beter te focussen om de bodem te zien om te kunnen onderscheiden wat zich tussen mij en de bodem bevindt. "Mooi he?" Verschrikt kijk ik om, en zie daar de Groene. Ik kan geen woord uitbrengen, begin te stotteren alsof ik als klein kind betrapt ben bij de snoepjeswinkel. Omhoog kijkend, liggend op mijn buik, krijg ik ineens ontzag voor onze groene. 2 Meter groot en 100 Kg. zwaar, laat ik het maar vriendelijk houden.

"Ja zeker, het paradijs bestaat toch" mietje dat ik ben. "Het is je dan toch gelukt he" Plots valt mijn oog op slijm aan zijn mouwen. "Vis jij hier?" wat een domme vraag, nu kun je het wel vergeten. Z'n enthousiasme is gewekt, en er volgt een heel lang verhaal.

Met alle rust trap ik de pedalen rond, en probeer zelfs te fluiten. De dag van mijn leven, wie had dat vanochtend gedacht. Volgende week ben ik terug, met penhengel en wat maïs en brood. Onze Groene heeft zelfs een naam.

spot on Een week later ben ik terug, gewapend met een "ouwe koffiemolen" en een "stokkie". Een halfje wit bungeld in m'n hand. Ik voel me de koning te rijk, wie of wat kan mij nou nog wat maken.

Krijg nou wat, het hek zit op slot. Paul, de veldwachter, zou voor mij het hek openlaten. Geritsel komt uit de struik links van mij, "je schrok?" De groene is herrezen. "Ik moest het hek wel dicht laten, de eigenaar wil vandaag gaan jagen." Hij kon het risico niet nemen om het hek open te laten, stel je voor. Paul stelde mij voor morgen terug te komen.

Zo gezegd zo gedaan, 08.00 uur 's ochtends sta ik paraat. Wederom op slot. Verbaasd kijk ik naar links, maar geen Paul. "He Frank" Sjokkend zie ik onze groene verschijnen. Het gaat gebeuren. Ik voel alsof ik gratis mag winkelen in de snoepjeswinkel van de dames Leerdink.

3 Minuten later loop ik met de spulletjes in mijn hand naast Paul naar het water. "Je moet niet schrikken, maar je bent niet alleen." Krijg nou wat?!. Met mij nog 3 man. Na mij voorgesteld te hebben en de verhalen gehoord te hebben blijkt dat ze hier al een paar jaar lang een "syndicate" hebben. De "grote vissers" uit de regio, die onbereikbaar bleken, staan nu tegenover mij. Als klein kind keek ik toen al tegen deze mannen op. Kan het gekker. Het lijkt wel Savay. The looney rota en Ik kan er ook geen stampij over maken. Er wordt mij gevraagd in welke weekse sessie ik wil plaatsnemen. Week op week af. 1x 4 man, 1x 3 man. Lijkt mij de groep van 3 man o.k. Ik denk nog zo, hoe minder hoe beter. Laconiek stel ik voor om in beide te mogen vissen. Stel ze voor dat als ik dat gevangen heb wat ik wil, ik snel vertrokken zal zijn. Zonder veel moeite blijkt dit te mogen als de anderen er ook geen moeite mee hebben. Het enige teleurstellende wat mij gehoor doorklieft is dat dit het laatste weekend is waarin nog gevist mag worden. Men hanteert hier een soort van gesloten seizoen. Aanvang begin maart, einde midden november.

Die dag wordt er weinig intensief gevist door mij. De ketel staat de hele dag te pruttellen, koffie na koffie verdwijnt. Ik hoor alle verhalen aan, slik het voor zoete koek, en neem alles in me op. Wat zich hier heeft afgespeeld de laatste paar jaar……mijn god. Ik zal mij wanen in "Engeland" Savay lijkt er niks bij. "Langhaar" 1200 uur resultaat 12 vissen. Wel 3 dertigers met als top een 37-er maakt het de moeite waard. "De Bolle" idem, echter 1 goeie week gezeten en meteen 4stuks 30-ers, met als top een 34 ponder.

Plots breekt de eerste najaarsbui van die dag uit. "Kom Frank" als een blinde ren ik achter de jongens aan. Om de hoek, achter in het bos bevindt zich een ouwe schaftkeet. Gecamoufleerd met allerlei takken en verf valt hij bijna niet op. Het lijkt wel het praathuis van Joris. Binnenstappend bekruipt mij een kriebel in m'n maag. Foto's en foto's bezieren de wand, rechts in de hoek staat een 2 pits coleman op een oud aanrechtje met kastjes erboven. Mokken en koffie is de rijke buit die de jongens halen uit de kast. Oude karperstoeltjes staan op de grond. Een kachel ontbreekt, maar wanneer de coleman brandt blijkt deze helemaal niet nodig te zijn.

Wie had dit gedacht, 2 keer aan het water en reeds een gevoel alsof ik er al jaren kom. Laat die avond scheiden onze wegen. Grote vangst die dag zijn de adressen en telefoonnummers van mijn "collega vissers" Afgesproken om wel wekelijks met elkaar contact te houden. Elke maandagavond gaat men in roulatie systeem naar elkaar toe.

10 maart is daar. Een lange winter verder, en een verlangen welk elke week groeide ben ik terug. Alle technieken en tactieken hebben deze vissen reeds ondergaan. Maar mijn start staat vast. Ik begin met korte priksessies, totdat de eerste vis zich laat verschalken, vanaf dat moment zal ik frequent aanwezig zijn.

De stek is gekozen, achterin in de knik van het water. Tegenover de punt in het bos ben ik de gehele winter bezig geweest deze stek te creëren Het plateautje heb ik bekleed met mos, en het riet wat voor mij zal gaan bloeien dit jaar, wordt met behulp van een spin aan 2 steekstokken vastgemaakt welke geplaatst zijn op 2 meter uitelkaar. Na vertrek worden de spinnen losgehaald en zal het riet de stek weer camoufleren. Bivvy's zijn verboden. Zal het gehele jaar, indien nodig, vissen met een plu met zijflappen. Als aas opteer ik verse birdfood boilies, zonder flavour. Klein in formaat, 12 mm, hoop ik dat ze me vissen van een groot kaliber bezorgen. Heb gedurende de hele winter de voorraad in de diepvries aangevuld. Conserveermiddelen komen in mijn woordenboek niet voor. Als rig verkies ik de lichte versie boven het zware geschut. Een PVA-kous gevuld met m'n rig en een hand mini's moet het geheel complementeren.

Met twijfel laat ik het geheel te water. Andere wateren werden altijd bekogeld met 20 mm en 100 gram lood. Stereotyp vissen zal hier niet vangen.

30 Meter links van mij bevindt zich op 2 meter voor het riet een kuiltje wat het einde is van een geultje welke diagonaal door het water loopt. Diepte ter plekke 3 meter en naar het riet snel oplopend naar 1 meter.
De bodem in de geul is wonderwel schoon, met her en der een pluk lichte modder. De tweede hengel gaat 15 meter uit de oever, recht voor mij. Deze zal net voor het geultje op de rand landen. 12 mm pop-up licht gesoakd, en achtergelaten in een PVA-kousje met tijgernoten.

Deze tijgernoten heb ik gedurende de gehele winter met hele kleine handjes gevoerd rondom het water. In al die uren die ik verbracht heb in de bomen of zittend aan het water, is mij een hoop duidelijk geworden. Op spaarzame momenten heb ik vis zien azen, en naar mate het gesloten seizoen vorderde werd er ondanks de afnemende temperatuur makkelijker geaasd. Heb vissen aan de oppervlakte gehad op 18 december. De winter stelde teleur, waardoor het de warmste winter van de eeuw bleek te zijn. De 3de hengel kwam niet aanbod. Regels waren regels en ook op de Klinker waren afspraken gemaakt.

Het weer viel gelukkig mee, de plu werd daar gelaten waar ik hem had gelaten. Ik voelde me Chris Yates. Dat behagen wat je het dierbaarst is op een manier welke zou passen in het tijdperk van voor de hair-rig. Echter de coleman deed z'n dienst en de fluitketel verloste mij uit mijn gemijmer. Ivo en Michel waren bij mij komen zitten en we deden ons eerste bakkie dit jaar aan het water. Zij hadden hun heil gezocht op de eerste plek waar ik mijn vlok liet vallen uit de boom en helemaal achter in de kom, onder de grote struik. Deze struik was de plek waar je moest zijn, zo werd mij verteld.

...het duurt niet lang of de karpers komen.... 02.00 uur en ik schrik. Geen licht van m'n pieper, niks. Tok. Weer schrik ik. Kijkend naar m'n bankstick zie ik een egel welk verdwaald lijkt. Piep, piep, piep m'n rechter waker zakt 3 cm. Naar beneden. De egel vormt zijn lichaam als een balletje. Zonder aarzeling en met m'n hart in mijn keel tik ik behendig. Even lijkt het stil, maar na een paar seconde voel ik de spanning toenemen op mijn lijn.

Natte tenen vormen zich in mijn sokken, blootsvoets sta ik op de vochtige grond. De kromming neemt af. Mijn verstand wint het van mijn verlangen en behendig schuift de eerste vangst van het seizoen in mijn veel te grote net. Een brasem van minimaal een paar kilo is het resultaat..

Die nacht zal blijken dat ik als enige actie heb gehad, 4 brasems alle op mijn boilies. Dat dit zou gebeuren was te verwachten, en ach als er brasem aast dan duurt het niet lang of de karpers zullen ook komen. Althans dat hoop ik.

Aan de gewoonte om 's ochtends een ronde te maken langs iedereen doe ik mee. Eindigend bij de plu van Mark laten we ons allemaal verwennen op een bakkie sterke aroma. Plots zakt de waker van Mark's linkse hengel een paar centimeter. Bellen stijgen op, blijkt dat Mark op 4 meter uit de oever vist. Nagenoeg slappe lijn, fantastisch spektakel Ik zie de vertwijfellende blik in z'n ogen. Wel oppakken of niet. Het antwoord komt snel, van een slappe lijn is dan al niet meer sprake. Met het geluid van en Zwitsers uurwerk tikt z'n oude Cardinal 57. Ja, een liefhebber van oude glorie is deze jongen wel. Maddocks 2 Lbs 12 voeter doet de rest.

Zonder een zucht van ons drieën volgen we het spektakel. De hengel wordt zo hoog mogelijk gehouden. Een bultje van grind ligt op de route die de vis neemt. Ivo heeft echter al de lieslaarzen van Mark aangetrokken en zal positie kiezen achter het opkomende riet.

Een paar laatste kolken aan de oppervlakte en een verwoede poging om te ontkomen aan de voor hem te droge omgeving mogen niet baten. Behendig wordt hij gemanoeuvreerd in het net.

Eenmaal op de reeds klaargelegde mat blijkt het een oude bekende voor Mark. De Pukkel. Snel maak ik de weegzak nat en stel de urnster op nul. Een nieuw topgewicht voor deze oude reus, 32,4 pond bij 86 cm. Naar wat mooie dia's gemaakt te hebben laten we hem terug in z'n vertrouwde omgeving. Koude koffie wordt verruild voor nieuwe en het gesprek gaat verder. Wat me wel opviel is dat ook Mark met maïs zit te klooien. Partikels worden dus wel gepakt. Ik weet het zeker, de boilies zullen worden ingeruild voor de reeds lang geintroduceerde tijgernoten. Wat is deze man een perfectionist zeg. Alles lijkt te kloppen wanneer z'n wapens uit het water komen. Een gecompliceerde nylon-rig, maar o-zo fijn "getuned".

Die dag breekt midden op de dag het zonnetje een beetje door, en even later zit ik dan ook alweer in een boom. Turend als een valk op z'n prooi verstrijkt uur na uur. Echter ik kan geen teken van leven bespeuren. 's Avonds wordt er een heerlijk potje gekookt. Zo'n schaftkeet aan het water kan toch z'n voordelen hebben.
Die nacht heeft het water z'n schatten niet prijsgegeven. Dat er dressuur opzat was bekend, maar we hadden met z'n allen toch wel iets meer verwacht, met name net na het gesloten seizoen. De volgende dag wordt alles netjes opgeruimd, het riet veert terug op z'n plek, en achterom kijkend gun ik het water nog een laatste blik wetende dat ik mijn plek gevonden heb.

De eerst volgende 2 weken wordt er stevig doorgevist echter zonder resultaat. De hoeveelheden voer waren minimaal, en enige afstemming met elkaar was er ook. Wel werd er door mij geprobeerd onze vrienden aan de oppervlakte te krijgen op dagen dat ik ze verwachte.
Meerdere avonden werd het plafond van het water versierd met kleine koekjes, welke de buurvrouw normaal aan haar hond gaf. Het leuke was dat ze haar hondenkoekjes op een gegeven moment kwijt was, en dat er bij mij in de garage 25 kg. van deze lekkernijen opdoken. Haar man, een verwoed witvisser moest weinig weten van haar passie voor haar hondjes. 2 Van die kleine keffertjes had ze, en als er dan eten gehaald moest worden reed mevrouw 70 km. om speciaal voer te halen. Al snel had ik door dat dat wat zij aan die keffers gaf dat dat veel beter besteed was aan een paar natte "honden". Een uurtje buurten met de buurman en een kratje bier later bevonden zich 25 kg. brokjes in mijn schuur.

Onder de wilg lagen ze wel, gevoerd werd er dan ook door mij. Onder de wilg pakten ze ook, maar o wee als de brokjes iets buiten de takken dreven, met argusogen werden de brokken gevolgd, maar pakken o nee.

De zoveelste sessie stond gepland, echter ik kon het niet halen om te gaan. Snel werd besloten om door de week te gaan.

17.00 uur het werk is afgelopen. In een recordtijd wordt de pc. afgesloten en nog voor dat de monitor zijn laatste zucht geef ben ik al onderweg naar het water, on a mission!! Aangekomen bij de loods van de steenfabriek, waar wij onze auto mogen plaatsen, doe ik mijn strop af en pak uit. Dit wordt verruild voor mijn viskloffie. De spullen worden in de kruiwagen geplaatst en de wandeling door het hoge natte gras begint. Enige donkere wolken pakken zich samen boven het oude grindpad. Zoals den Luc zou zeggen, verandering van hoge luchtdruk naar lagere levert in het voorjaar vis op.
Vol vertrouwen stiefel ik op mijn doel af. Met verenigde moed schuif ik de kruiwagen voort, onder de toenemende druk van een langzaam leeglopend voorwiel.

Plons. Ik pits mijn oren, en het lijkt wel alsof ik het geluid nog hoor nagalmen. PLONS, nu weet ik het zeker. Zo snel als ik kan loop ik door het met struiken dichtgegroeide pad, en zie hoe de laatste rimpels het aanwezige leven verraden. Geen twijfel in mijn gedachte, hier gaat het gebeuren.

Dit maal kies ik positie op een kaal stukje grond. Vanaf hier kan ik rechts voor een in het waterhangende struik vissen. Deze stek wordt zeer regelmatig bevist, hierdoor is grondbegroeiing geen lang leven beschoren. De stek wordt echter structureel met mos "bekleed".
Bancksticks verdwijnen in de grond, hengels uit het foedraal, schepnet in elkaar, plu uitgeklapt voor de snel naderende wolken en hoppa we kunnen. De eerste pop-up wordt uit het sap gehaald. Voorzichtig gaat deze op de hair en wordt zeer gevoelig uitgelood. 12 Lbs. Nylononderlijntje met een flinterdun elastiekje en een TMC nr. 6 met net onder het oog een loodhageltje vormen het gevoeligste deel van deze hengel. De witte kleur is iets verandert door de soak maar dat mag de pret niet drukken. Een PVA-stringetje met 3 gebroken boilies eraan, zwiep, plons, en klaar is kees. 15 Meter rechts van mij, nog wat gebroken boilies erover en de eerste val is gezet. Mijn tweede hengel wordt echter voorzien van een liggende boilie. Onderlijntje van 8 cm. En een klein klauwhaakje nummertje acht met een redelijk lange hair moet het doen.
Tuut….. mijn fox geeft een teken van leven. Tergend langzaam zie ik de top verder naar rechts buigen. Binnen een seconde hang ik in de hengel en voel ik onder toenemende druk dat de eerste karper voor mij aan mijn haak hangt.

Mijn hart slaat als een bezetene in zijn beperkte ruimte. Langzaam kruipt hij in mijn keel. Ik, de grote dwaas sta hier aan het tot dan toe meest geheimzinnige water bij mij in de buurt een van zijn illustere bewoners te drillen. Oh laat de haak goed grip houden. Zie je wel Frank, die witte poppers zijn echt fantastisch. Ik wist het wel. Waarom deze zich zo onderscheiden ten opzichte van andere weet ik ook niet. Zicht? Nee, ik beweer altijd dat een vis weinig op zicht doet, maar daar waar er enigszins toch licht in het water doordringt maakt dit terdege onderscheidt. Hier, op 1 meter water blijkbaar ook. Fantastisch. Zonder het door te hebben sta ik op sokken en met mijn broek aan, tot aan mijn ba….. in het water. Oen, je lieslaarzen liggen nog in de kruiwagen.

Kip Kerrie Yes, na 4x gedraaid te hebben ligt de eerste karper van het water in mijn net. Een schub van iets meer dan 22 pond. Ik voel me de koning te rijk. Wat nu. Mijn statief en camera liggen nog in de auto, en om nu al te zakken en zodoende misschien meerdere karpers te verjagen welke onder de kant door zwemmen, daar voel ik weinig voor. Ok jongen je hebt geluk. Een laatste blik wordt hem nog gegund en zijn vrijheid is zijn deel.

Twee uur en een Kip Curry maaltijd later sta ik wederom met een kromme hengel. Nu is het mijn linkerhengel. Deze is op de schuine kant van het "talud" links naast mij gelegd. Bodem verschil hooguit 50 cm. maar ja tussen de oren moet het ook kloppen en als je dan denkt iets gevonden te hebben wat interessant kan zijn dan moet dat maar uitgeprobeerd worden. Wederom een schub 21 pond. Het gaat lekker. Reeds 2 mooie schubs en dat als enige aan het water. Hooguit 3 uur heeft mijn aas in gelegen. Ik moet nog een hele nacht, wat gaat dit brengen?

Die nacht vliegen de meest bizarre dromen door mijn gedachte. Lichtelijk opgegeild kom ik geheel…..wakker wanneer ik mezelf wederom zie met een tot aan het handvat gebogen hengel. Zoals zovaak bemerk ik dat het "wakker" worden en de hengel grijpen in een grote roes gebeurd. Ik heb zelfs mijn slippers aan. Deze worden na jarenlange ervaring verruild voor lieslaarzen en de strijd barst los. Het schepnet heb ik over mijn hoofd gelegd en zo loop ik langs de kant om zoveel mogelijk lijn te winnen welke ik reeds verloren heb. Zonder enige aanwijzing komt er een 40 grams lood mijn kant opgezwiept.

Na inspectie van de haak, bemerk ik dat de punt lichtjes gebogen is. Dit heb ik eerder meegemaakt, maar de oorzaak moet ik tot op heden altijd nog vinden. Er wordt gezegd dat je op het bot gehaakt hebt. Bullshit volgens mij, maar ja ik heb wel een vis verspeeld. Alhoewel ik mij altijd voor hou de kleinste met de grootste staart en vinnen van het water te hebben verspeeld, bekruipt mij nu toch een ander gevoel. Hier in het paradijs en dan een vis verspelen. Ik kan me niet heugen wanneer ik voor het laats iets verspeeld heb. Moet zeker twee jaar geleden zijn. Ik zie verspelen dan ook als een klein beetje falen in de perfectie. Mensen die 2 op de 5 of zelfs 3 op de 5 vissen verspelen doen bij mij veel kwaad bloed zetten. Een paar jaar geleden kwam er in een enquête over haken binnen de KSN naar voren dat er ongeveer 40% tot 50% van alle beten werden verspeeld. Ongelooflijk. Ik wist niet wat ik las. Stel je voor dat dat zo is. Wat verspelen we dan? Als dat waar is, dan hoeven we niet naar Frankrijk, als we met z'n allen een x-aantal 40-ers vangen per jaar, dan is dit aantal misschien wel vele malen hoger en de gewichten misschien ook wel van dat gene wat we verspelen. Ach, ik wil er helemaal niet aandenken.

Tot en met heden heb ik ook een blamabel gemiddelde. 33 % verspeeld. Na het aflopen van een van de meest onmenselijke attributen, de wekker, weet ik dat het plezier voor mij ophoudt en de dagelijkse plicht roept. Terug bij de loods kleed ik mij uit en trek aan het koord van de aan het plafond hangende gieter. De "douche" doet zijn werk en na een vluchtige opfris beurt, begeef ik mij met een stukje bakkerswit achter het stuur. Ik weet het zeker, vanavond zullen mijn banden dezelfde weg weer moeten trotseren.

Na thuis weer wat boilies te hebben opgehaald en mijn vriendin op de hoogte gebracht te hebben van mijn belevenissen heb ik de fiat om weer te mogen gaan. Ja en je vriendin 's nachts het rijk alleen zeggen de jongens. Nee als er een fanatiek is, is zij het wel. Echter deze tijd van het jaar is haar iets te vroeg,, maar het zal niet lang duren of ze heeft weer een kromme hengel in d'r handen.

Eindelijk, we hebben het gehaald. Op de momenten dat het rustig moet zijn op de weg is het altijd druk. Die hufter met zijn lelijke eend maakte het wel heel bont. Midden op de autobaan 60 km/u. rijden. Als ik toch een brik van een autootje had, dan lag hij binnen een minuut aan de kant.

De adrenaline vliegt door mijn lijf. Kruiwagen gepakt en sjouwen maar. Shit band lek. Kruiwagen van Marc gepakt en weg ben ik. Alles is identiek aan gisteravond, echter er hangt een raar gevoel in de lucht. Het is stiller dan normaal.

De geweekte boilies vinden hun weg door de lucht en bereiken onder een licht gerommel het water. Een PVA zakje moet het geheel compleet maken. High lekkage pallets + chopped boilies met een rig erin.

Quasimodo, een toekomstige dertiger Genieten van en dampend bakkie zie ik de top van mijn hengel iets trillen. De lijn springt uit de clip en meer lijn krijgt hij niet. Alles staat potdicht, echter de vis heeft ook niet meer kans om iets te pakken. Onder enorme druk pomp ik het geheel naar mij toe. De spanning neemt toe. Zingend snijdt de lijn door de lucht. Net op het moment dat ik denk dat Goliath zich overgeeft moet ik mijn meerdere erkennen. Niet lang hou ik mij voor. De Tournament doet zijn werk en geeft op een monotoon getik de lijn cm. voor cm. af. Alles wat hij wint heb ik verloren. De hand gaat op de spoel. Zijn "ouderlijk" huis doemt op. De struik, korte metten maken Frank. 5 min. Later ligt hij in het net. Een snelle glimp op zijn flank doet mij beseffen dat het om Quasimodo gaat. Een toekomstige 30-er. Na alle rituelen blijkt dat hij aan de verwachtingen heeft voldaan. 30,3 pond. Het statief wordt neergezet met de camera erop en het balletje doet zijn werk als afstandsbediening.

Kijkend naar de sterren bedank ik het lot dat ik dit heb mogen meemaken. 100 uur per vis? Ik draai nu een paar door de weekse nachten, en swa ik heb reeds de nodige aanbeten gehad. Geweekte boilies of de korte onderlijnen doen hun werk. Dezelfde nacht wordt er nog een schub van 23 pond gevangen. De blinde zoals hij heet kon het wel eens heel ver schoppen. Deze vis heeft zich reeds 3x laten verschalken dit jaar. Een vreetmachine in spe. Als de natuur ontwaakt zit ik op de rand van mijn stretcher te genieten. Heel in de verte hoor ik de boten razen over de rivier. Woem woem woem, het machtige leven van 100.000 ton staal. De haan van de boer naast de steenfabriek doet zijn plicht en geeft acte presance. Nog 1 ½ uur en het hectische leven zal weer van start gaan. Helaas moet ik deze dag op klanten bezoek wat inhoudt dat ik geen vervolg kan geven aan mijn succes. Nog net voor ik ga verdwijnt er 2 ½ kg. boilies in het illustere water.

De blinde schub Vrijdagavond ben ik weer present. De stekken zijn redelijk bezet, nadat deze week is besloten de "rota" op te heven. Maximaal 8 man kunnen nu het water bevissen. Aankomend bij de steenfabriek begint het ritueel. Ik zie dat het wagenpark aardig gevuld is, het lijkt erop dat iedereen er is. "Het hek" is bezet evenals "de sloot", verder zitten er 2 man op "de punt". Onder "de wilg" wordt door Marcel gevist, en bij "de drie hoge bomen" zitten er ook twee.

Het geluk is dat men wist dat ik op de struik bezig was en gevoerd had. Hierdoor is de stek nog vrij. Op de automatische piloot wordt alles weer gereed gebracht. Zittend op de rand van mijn bedchair, doet de coleman zijn uiterste best om mij te voorzien van een bakkie warm zwart goud. In de verte hoor ik de eerste piepen. Marc is in. "Haulin" galmt over het water. In no time staan we met een paar man in Marc zijn stek en zien we hoe een goudgele flank het water doet exploderen. 7 man, 7 gedachten. Voor het eerst dit jaar gaat hij eruit komen. De prijs waar we eigenlijk allemaal voor zitten. De Spiegel. De hele wereld wordt vergeten, alles lijkt onbelangrijk. Met mijn lieslaarzen aan steek ik een helpende hand toe. Net voor het riet vindt de koningin van Het Hek zijn waterloo in het grote net. Vol bewondering en met grote zorg wordt ze voorzichtig neergelegd, wetende dat een vrouw graag zoveel aandacht verwacht. 36,3 pond. Duidelijke taal voor zo'n kleine prop, echter iets terug in gewicht ten opzichte van haar vangst vorig jaar. Alsof het een modellenwedstrijd betreft wordt ze op de gevoelige plaat vereeuwigd.

De "koelkast" in de keet wordt leeggehaald en het goudgele vocht vloeit die avond. Vissen wordt even "vergeten" en ergens midden in de nacht strompel en struikel ik terug. Onder het gevoel alsof ik aan de Olympische spelen turnen meedoe klim ik in de slaapzak. Lang duurt het niet voordat de adrenaline de alcohol doet vergeten. Met een lange onderbroek aan, begeef ik mij naar achteren. Hier geldt maar 1 ding, naar achteren zover als het kan. Ik denk te doen te hebben met een monster. Een zeelt van 9 pond brengt me echter weer met beide benen op de grond. Na 3 brasems en nog een zeelt besluit ik maar eens een ontbijtje te maken.

Medebewoners van Het Hek Buigend over een lange tak zie ik ze verschijnen. De illustere bewoners van Het Hek. Schransend en rustig vertoevend liggen ze op ongeveer 2 mtr. afstand van mij. Niet wetende dat ze worden bespied, neem ik alles in me op. Hoe ze azen en de manier van benadering. Zo voorzichtig als ik kwam ga ik weer.

10 min. Later lig ik met m'n Nikon om de nek boven op de tak. Enige chum-mixers verdwijnen als lokkertjes tussen de takken. Geen kringel, geen kolk nee helemaal niks. De vis blijft rustig liggen. Enige boilies worden gebroken en ook 1 voor 1 te water gelaten.

De grote tak over het water doet dienst als stoel. Comfort is wat anders, maar een positie op de eerste rang is ook niet weg. De eerste arriveren, de Blinde, langzaam buigt ze naar beneden. Op een afstand van zeker 10 cm. wordt er geaasd. Nee dat zie ik niet goed. De camera is voorzien van een UV-filter en doet zijn dienst als verrekijker. Ja wel, de vis hangt boven de grond en zuigt van een afstand het aas op. Ongelooflijk. "Gedresseerd"? Ik probeer een paar plaatjes te maken. 4 stuks zwemmen nu rond. De Pukkel, de Spiegel, de Lange en een kleinere spiegel van een pondje of 12. Ongelooflijk 3 30-ers op mijn aas. Het azen gebeurd met enige vertrouwen naarmate ik steeds meer voer. Het frappante is dat ze bijna allemaal vanaf een afstandje het aas inspecteren.

De eerste toeter doorbreekt het oppervlak. Ook worden nu de mixers gepakt. Enige foto's worden gemaakt. Meer en meer mixers gaan tussen de takken. Dat het vertrouwd is blijkt wel uit het pakken van het aas. Enige mixers die buiten de takken zijn gedreven blijven liggen en worden nog niet eens aangekeken. Het vertrouwen in de stek is aanwezig. Dat de vis op zicht kan azen hier wordt bevestigd. Zodra er een stukje aas op de bodem belandt, dan duurt het niet al te lang alvorens hij wordt gegeten door een voorbij zwemmende vis. Ik kan me niet voorstellen dat het water rondom de boilie al is voorzien van de attractiviteiten van het balletje. De introductie was hooguit een minuut geleden Ze moeten wel vernemen dat er iets ligt, maar hoe? Ik denk ten eerste als iets te water raakt wordt dit hoe dan ook vernomen. (Als iemand je aankijkt merk je dit ook.Rara) Het is nieuw op de bodem en wordt zodoende opgemerkt. Bij een langer verblijf zal het zich onderscheiden door de ingredienten de oplossen en over een smaak beschikken. Tevens zal het op deze ondiepte op zicht moeten opvallen. De bodem is hier zo schoon gevreten, dat zelfs een vismeel opvalt.

Ik besluit om de witte pop-ups nu nog dichter onder de struik te vissen. Overdag moet ik ze verleiden. 's Nachts wordt er iets meer uit de struiken geaasd. Waardoor ik iets veiliger kan vissen.

's Avonds ben ik er weer. Overdag was het tijd om te schilderen. Het huis wat vorig jaar verbouwd is moet dit jaar netjes in de kleur gezet worden. Met 1 hengel onder de punt van de takken, en 1 op een route ervoor, heb ik mijn vallen op scherp staan. Net voordat ik vanochtend naar huis ging heb ik het gehele gebied voorzien van boilies. Her en der een handje daar waar ik er zeker van ben dat ze azen. Met voldoening heb ik vernomen dat alles weg is. Het aas voor deze nacht is in een emmer met water van Het Hek gelegd.

Slurpend aan mijn mok, en babbelend met Ivo zien we het eerste teken van leven. Net zo hard als wij onze koekjes opeten, wordt mijn voer gegeten. Echter zonder enig teken van leven aan mijn lijn. Minuten worden uren en ik besluit om in te draaien. Voor de struik wordt de rig veranderd in een schuivend systeem van 40 cm. Lood van 60 gram en een onderlijntje van 10 cm met een hair van 2 cm.

01.30 uur en ik wordt beloond. Bijna harder hijgend dan het ademen van 15+ Kg. schubben op de mat wordt het mij allemaal haast te veel. HAULIN. De stilte is verstoord voor enige minuten. The Mugman does it again. De vis wordt netjes gezakt en de ketel gaat op het vuur.

Onder belangstelling van 5 "fotografen" voel ik mij de koning te rijk. Mijn buit is binnen. De Pukkel kan ook op het lijstje van gewonnen goud. Qua vangsten vs. uren weet ik dat het goed werk is wat ik verricht. Wederom waren er enige brasems de pisang waardoor mijn ogen als zandzakken in hun ruimte zitten. Vlug probeer ik nog bij te slapen. Helaas zoals later blijkt. Een spiegel van 12 pond doet een poging mij een haak armer te maken. Echter ik weet de strijd in mijn voordeel te beslechten. Na ook deze op de gevoelige plaat te hebben vereeuwigd, begin ik met het meest vervelende werk van de sessie. Wetende dat ik spoedig weer terug zal keren voor een paar korte uurtjes rij ik vol gas naar huis onder de pakkende beat van Sonique's : It feels so good.

Yes it does, fucking good.