Het Seizoen Van...
Seizoen 2010
Pim Vermerris
2010 begint koud…zeer koud, en blijft dat ook zeer lang. Menig gewone sterveling heeft de frustraties vrij hoog zitten, laat staan ons karpervissers. Door mijn ontzettende beun seizoen het jaar ervoor (gemiddeld 2 nachten per week aan het water) en de fantastische afsluitsessie heb ik nog geen haast om weer aan de slag te gaan, dus dat komt goed uit. Bovendien liggen m’n prioriteiten momenteel ergens anders en heb ik nog niet echt een targetwater. Enkele dagen voor de voorjaarsvakantie krijgen vismaat Frank en ik een briljant plan. We gaan op roadtrip! En dan niet met een fancy cabrio de Riviera afrijden, neen met een stationwagen vol peilmateriaal, de tent en genoeg eten en drinken voor de komende 6 maanden, waarvan niks op de schijf van vijf staat. Op de kaart worden twee mooie wateren geselecteerd en die gaan we eens nader onderzoeken. Zo krijgen we immers al een goed beeld van het water, de stekken en wat het bodemverloop doet. Scheelt op een toekomstige trip een hoop verkenningswerk en dus extra vistijd!
| Op verkenning! Brrrr… |
Zo gezegd zo gedaan en enkele dagen later rijden we rond een water behoorlijk veel zuidelijker- en hoger gelegen dan we gewend zijn. Uiteraard verdwalen we nog een aantal keer en zo sta je even straatje te keren op een modderpaadje met een rotswand aan de ene kant en een steile afgrond aan de andere kant. Frank is die dag redelijk wat haar door stress verloren… Ook stond de hele omgeving bezaaid met bordjes “verboden te kamperen” en het aanzienlijke aantal bordjes wordt gecompenseerd door de absentie van ook maar 1 camping! We gokken er maar op dat er geen controle komt en kamperen aan een roofvis haventje met de tent sneaky weg gestoken tussen de bootjes. Alles gaat goed en tussen de ijsschotsen door (het was nog koud) krijgen we een leuk beeld van het water. Zeker een water waar we vaker gaan kijken.
Het tweede water, een stuwmeer, ligt wat dichter bij huis, maar spreekt zo mogelijk nog meer tot de verbeelding. Wat een wonderschone natuur! Een groot deel van het water wordt verkend en we kunnen concluderen dat het bodemverloop zeer grillig is. Ons vermoeden dat het niet eenvoudig gaat worden hier zal tot op heden nog vele malen bevestigd worden!
De eerste vissessie is eind April. Uit vaderlandsliefde ontvluchten we op Koninginnedag het land om onze eerste sessie echt serieus aan de slag te gaan. De geplande stek ligt op de grens tussen het diepe deel van het water en het ondiepe- paaigebied. De lente is nu echt begonnen en met nog een week zon in het vooruitzicht, moet het water toch al dusdanig opgewarmd zijn dat de vissen weer actief worden. Er zullen toch in ieder geval vissen langskomen die het ondiepe, warmere, water opzoeken.
| Frank heeft de eerste vastgemot. Prima! |
De week van te voren wordt er voor ieder onbenullig feitje of verandering van weerbericht gebeld, het is duidelijk, we hebben er veel zin in! De spoelen worden voorzien van verse gevlochten lijn en er wordt zeker 25 meter dikke voorslag gemonteerd. Dat laatste is een absolute noodzaak, want de bodem is bezaaid met boomstronken en rotsen.
Goed, het is zover! De Beamer van Frank wordt afgeladen met al het noodzakelijke materiaal en goedgemutst sluiten we even later aan in de stoet vakantiegangers richting het zuiden. Wanneer we aankomen, rijden we eerst eens een rondje rond het water of er andere vissers zijn. Het is uitgestorven en dat is niet de eerste keer. Dat is mooi, want we willen op een diepe zijarm van het meer nog een voerstekje aanleggen. Mocht het toch nog te koud zijn om de vis in het ondiepere deel op te wachten, hebben we altijd nog een optie achter de hand.
Even later liggen alle spullen op de stek, daaruit wordt de pomp gevist en vol goede moed wordt de boot volgestampt met lucht. Een voor een varen we de hengels uit naar de gevonden `hot spots` waarbij we verschillende dieptes proberen te bevissen. Ondanks het goede voorjaarsweer, geeft de dieptemeter nog steeds maar 11 graden aan, dus in de paaizone hoeven we nog geen vis te verwachten. Iets dieper zoeken dus. Ik vis langs de rotswand op 7 meter water en in de rivierbedding op 9 meter . Frank vist richting een talud op 4 meter. De hele sector wordt met 16 mm boilies licht aangevoerd en wat geconcentreerder op de stekken. De rigs worden ook vergezeld van een attractief grondvoertje (niet slim blijkt, want de brasem is erg goed vertegenwoordigd). Iedere vis die in of door de sector komt, gaat sowieso iets van aas vinden.
| Tijdens laag water komen behoorlijke obstakels tevoorschijn |
Inmiddels is het alweer donker en uitgeput trekken we een biertje open. Dat er maar een dikke vis uit mag komen! Helaas draait op dat moment de wind en een schrale harde noordenwind giert over de stek. Het is die nacht vies koud en levert ook alleen maar twee brasems op.
Ik word die ochtend wakker als Frank een beuk op m’n schouder geeft. “yoo, het water is behoorlijk aan het stijgen, het staat inmiddels tot aan de tenten!” Paniek! Uiteraard is er rekening gehouden met een stijgende waterstand (we zitten immers op een stuwmeer) maar dit ging de verwachting te boven. De haringen worden uit de grond geplukt en het hele zooitje wordt een eind hogerop opnieuw gepositioneerd om niet voor verdere verassingen komen te staan. Die dag komt er een vriend uit de omgeving langs en past even op de spullen terwijl wij snel even naar de diepe stek rijden, om nog een een keer te voeren. De 16 mm boilies en wat klein aas worden verspreid gevoerd en we beginnen onze kansen wat meer op deze stek te zetten. Het droevige voorjaar wat we tot nog toe hebben gehad, met de vooral nog koude nachten, maken de ondiepere delen van het water dan misschien toch nog niet geschikt om de vis (op) te vangen. De tweede nacht vissen we nog op de huidige stek, mocht dit geen goede resultaten opleveren, vissen we laatste nacht op het diepe stuk.
Later die middag krijg ik een run op de hengel in de geul. Zo snel mogelijk springen we in ons bootje en wordt er een zwaai aan de motor gegeven, op naar de vis! Helaas heeft de vis zich al vast gezwommen wanneer we erboven komen. We kunnen de montage lostrekken, maar een uitgebogen haak is de enige stille getuige. Balen.
| De eerste vis voor Frank is ook gelijk een plaatje |
’s Nachts herhalen we deze actie, alleen heeft Frank zijn hengel in handen. Het verloopt nu soepeltjes en ik kan het net onder de eerste vis schuiven. Het is een kleine spiegel, maar de eerste telt altijd dubbel! Vol goede moed varen we opnieuw uit en hopen op nog een run die nacht. Spijtig, die komt niet. Die ochtend werken we een flinke sloot koffie en ontiegelijk veel cholesterol naar binnen en beginnen dan aan de terugtocht met de hele bende richting de auto. Een aantal uurtjes later zitten we op het grasveldje aan het diepe gedeelte. Dit is precies groot genoeg om de hengels kwijt te kunnen en uit te gooien. De boot blijft in de auto, de stek is een belachelijk eind lopen over een steil bospaadje en de stekken zijn makkelijk aan te gooien. De tent staat 4 meter hoger tussen de bossen (wat zegt u, iets met stijgend water..?) En ja hoor, ’s avonds begint het water weer bizar te stijgen. De ruime marge genomen voor stijgend water blijkt wederom niet ruim genoeg en noodgedwongen moeten we ’s avonds alles randje-waadpak binnendraaien omdat we niet meer bij de hengels kunnen. Jammer! Alsof de trip nog een extra stempel moet krijgen regent het hard tijdens het opruimen die ochtend en zeiknatte spullen zijn ons deel. Verslagen maar wel een stuk wijzer stappen we in de auto.
| Gezelligheid tijdens het vissen! Zeer belangrijk! |
Ergens in mei belt een Belgische vriend van ons, het is al een tijdje geleden dat we samen gevist hebben, dus er moet nodig eens “bijgeklapt” worden. We worden uitgenodigd om eens een aantal keer op een privéwater te komen vissen. Een water waar onze kunsten behoorlijk op de proef gesteld worden. Het water is kraakhelder, staat barstensvol planten en het bestand is zeer klein. Dit bestand zijn overigens plaatjes van vissen en een blik in het fotoboek levert bij iedere pagina kreten als “oeeh” “wooow” en “hebbon!” op. Zeer interessant dus!
Het afgesproken weekend is zeer gezellig, maar levert helaas geen vis op. Helaas duurt het tot de zomervakantie voor ik weer tijd heb om te vissen wegens mijn eindproject, maar berichten over de vangsten van het water spreken tot de verbeelding. Er komen foto’s en gewichten langs waarvan ik toch nog even een paar keer met de ogen moest knipperen en ik kan niet wachten om hier weer aan de slag te gaan.
17 juni staat er weer een tripje richting het stuwmeer in de planning. Er moeten namelijk 2 dingen gevierd worden! Het eindproject heb ik met succes afgesloten en ik ben jarig! Er wordt voor deze trip voor mobiel vissen gekozen en we voeren meerdere stekken aan om beter de vissen te lokaliseren. Daarnaast is overdag vissen vragen om problemen, gezien de vele andere recreanten op en rond het water. ’s Nachts vissen we twee verschillende stekken aan op het stuwmeer, overdag ontspannen we een beetje aan een klein watertje in de buurt. Tijdens een verkenningsrondje met de boot, terwijl Frank de woorden “het zou toch mooi zijn als we eens wat vissen zagen draaien..” nog maar net heeft gemurmeld, stuiten we op een school karpers in een ondiep gebied en worden helemaal gek. Er zwemmen geen reuzen tussen, maar in het zeer heldere water kunnen we toch een vis of 10/15 waarnemen waar zeker een aantal dertigponders tussen zitten. Met 1 blik begrijpen we elkaar en gooien het plan om deze stek rustig op te bouwen, letterlijk, overboord. Er wordt wisselvallig weer afgegeven, dus wie weet of de vissen wel in het ondiepe zullen blijven. We voeren snel zo’n 4 kg boilies en pellets in de ondiepe zone en trekken ons dan stilletjes terug om de spullen te gaan halen. Het blijkt een goede keuze, want we vangen 3 prachtige spiegels, waaronder een verlaat verjaardagscadeautje (was 2 uur ’s nachts) voor ondergetekende van 16 kg. Hiermee maak ik ook gelijk kennis met drillen uit een boot en kom erachter dat je geen schijn van kans hebt een bootje van 2 meter tegen een kwade spiegel. Hopeloos wordt ik tientallen meters op sleeptouw genomen tot de vis zich vast zwemt. Ik heb die avond een engeltje op m’n schouder (mede door de gestalte van Frank, die aan boord is gekomen om te assisteren) en we krijgen de vis met succes los. Fantastisch! De volgende dag slaat zoals verwacht het weer inderdaad om. Toch krijgen we die avond nog 2 aanbeten waarvan we er helaas maar één kunnen verzilveren. Hierna besluiten we te verkassen. We slingeren wat kleine schubs op de kant op het andere watertje en vissen de volgende nacht op de andere voerstek. Dit levert tegen alle verwachting in niks op en we gaan voor de laatste nacht terug naar het ondiepe. De magie is er af en ik weet alleen nog een schub van 10kg te vangen. Helemaal gebroken van 4 dagen non-stop zeulen met de spullen, voeren e.d. (en dan vragen mensen nog “wat doé je dan eigenlijk de hele dag tijdens het vissen”…!) ploffen we weer in de auto. Een voorzichtig succesje.
| Ergens in mei belt een Belgische vriend van ons… |
Augustus keer ik weer een aantal keer terug naar het privéwater. Ik kom net aangewandeld op de stek. Onze Vlaming heeft er al een nachtje opzitten en ligt net even te tukken. Ik sta net m’n steunen in de grond te draaien als ineens één van zijn hengels afloopt! Ik vergeet even dat ik geen laarzen aanheb en grijp de boot en grits de hengels in een automatisme alvast uit de steunen. Fijn tot aan m’n knieën zeiknat wacht ik tot hij uit z’n rukbunker is geklauterd om de hengel over te nemen. Ik mag hem afdrillen en volgas wordt er koers gezet naar de vis! De dril gaat goed en mijn tegenstander is een schubkarper van zo’n 13 kg. Helaas blijft het geen feest , de vis lost recht op het netkoord! Als hij een middelvingertje had, zou hij die zeker hebben opgestoken en na een vergeefse snoekduik met het net achter de vis aan is het voorbij. Ik weet de neiging om hengel dwars door de boot heen te boren nog net de onderdrukken, zowel de boot als de hengel zijn immers niet van mij, maar wat voel ik me ontzettend beroerd hierdoor. Vaak zit je hier voor maximaal 1 run per sessie en ik heb de mijne al na 5 minuten verprutst. Waardeloos.
De volgende sessie zitten we weer met z’n tweeën en het ruikt naar herkansing! Het weer is goed, de sfeer is goed, we hebben er vertrouwen in! Ik kan die nacht nauwelijks slapen en lig helemaal in de startblokken te wachten op de verlossende run. Die komt net in het ochtendschemer en alsof m’n leven er vanaf hangt sprint ik naar de hengel. Gezien de vele wierbossen is het zaak om zo snel mogelijk bij de vis te zijn, eenmaal in zo’n bos wordt er uitkrijgen vrij lastig. Alles gaat goed en we zitten al snel boven de vis. De schim die 4 meter onder me buffelt doet me het angstzweet uitbreken. Wat een bak! Stijf van de adrenaline dril ik de vis af en zodra deze genet is ga ik helemaal door het dolle heen. Wat een fantastisch kapotbrute moeilijk grote schub! De weger bevestigd een verpulvering van mijn PB en er wordt meerdere malen ge-highfived. Na een succesvolle fotosessie wordt de vis weer in zijn element terug gezet en kan ik met een zeer triomfantelijk gevoel terug huiswaarts keren.
| Wat een fantastisch kapotbrute moeilijk grote schub! |
Die sessie betekent ook gelijk voor mij het einde van de zomervakantie en een nieuwe fase in mijn studie. Ik ga aan mijn master beginnen en dat betekent nog meer studeren en nog minder vistijd. In oktober keren Frank en ik een laatste keer terug naar het stuwmeer voor een driedaagse sessie. We kiezen voor een diepere stek centraal op het water en vissen daar richting een groot plateau op zo’n 200 meter uit de kant. Om brasemterreur te vermijden vissen we met 30mm boilies en we monteren poly-ballen om de lijn vrij te houden van alle obstakels op de bodem (hetgeen ons veel montages heeft gekost voorgaande keren) Dit is mogelijk aangezien er een flinke najaarsstorm over het water giert en er geen sterveling op of rond het water te bekennen is. Deze combinatie blijkt een goede keuze, want er wordt niks verspeeld en we kunnen drie zeer mooie spiegels verwelkomen, waarvan één dezelfde vis blijkt te zijn als de vis die ik in Juni ving! Bizar! Op een dusdanig groot water een vis dubbelen terwijl we er krap tien vissen in de boeken hebben kunnen noteren.. Gesprekken met andere karpervissers leveren gelijksoortige berichten op, de visserij is keihard en het bestand is zeer klein. Desondanks heeft het water me wel gegrepen en zal hier, ondanks de vele teleurstellingen, nog vaker naartoe gaan.
| Met windkracht 6 van 12 meter diepte omhoog gepeuterd |
In November vis ik nog een weekend samen met de Belgen en ben getuige van de vangst van nog een schitterende schub van 20 kg, maar helaas zit voor mij nog een verzilverde aanbeet er niet meer in. Ik krijg een run, maar de kostbare minuut die het koste om met de Zodiac boven de vis te komen is genoeg voor mijn tegenstander om in een wierbed te boren en zich te ontdoen van de montage. Helaas, een mooie afsluiter had erg leuk geweest, maar ik heb voorlopig m’n grote schub om nog een tijdje op door te teren…
Tot volgend jaar!
Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox




































