Home  |  Contact  
 

Het Seizoen Van...


Seizoen 2007 deel III


Pim Vermerris

Wanneer ik dit schrijf zit ik lekker rieleeeekst in de zon op een in stukken gesneden matras (we hebben geen stoelen buiten…sloeber studenten dat we zijn) op ons balkon van die eerste week echt lekker weer. Waar vorig jaar ik al een aantal sessies in de korte broek en een t-shirtje had gedraaid zijn de laatste dagen van de meivakantie 2008 pas de eerste met ècht lekker weer. Tijdens een driedaagse sessie is er weer voldoende inspiratie opgedaan om nog eens wat moois neer te pennen over mijn vorige visjaar.
Geen zon, geen balkonnetje, dikke regenbui op je giechel...
Geen zon, geen balkonnetje, dikke regenbui op je giechel...

Ik leef nog steeds in een roes door al dat moois van laatste sessie wanneer er samen met Ramon serieuze plannen gesmeed worden voor ons Belgische watertje. Er worden twee dagen uitgetrokken om hopelijk eens wat bewoners onder de loep te nemen. We kiezen een nieuwe stek op een ander deel van het water en gaan pal naast de hengels zitten, aan alles is gedacht…er moet nu vis verschalkt kunnen worden met als uitgangspunt: anders doen dan de rest. Alle vissers vissen hier met zeer grote vismeel boilies, snaarstrakke lijnen en hele grote haken. Wij gaan het dus met kleine vlijmscherpe gecoate haakjes, korte combirigjes, backleads..alles om de presentatie optimaal te maken. De lijnen half slap en de slippen pot dicht. Piepen is hangen.

Uit de trukendoos wordt de snowman presentatie gegraaid. Een zoete 20mm bal met een fluorgele pop-up erboven. Ik heb totaal geen vertrouwen in dit systeem en hoewel hij al lang bewezen is, ik vind het maar een raar ding. Ik ga het met pillows van eigen hand proberen. Na een uur kijken we verbaasd naar de hengel van Ramon die opeens ligt te stuiteren op de steunen. De hengel wordt tot aan de molen krom getrokken en met zijn volle gewicht in de hengel, kan Ramon de vis uit de takken houden. De eerste vis is voor hem een feit..een ruime 9 kilo wegende uberdonkere schubkarper heeft de snowman iets meer bewezen. Kort hierna mag ik in mijn hengel gaan hangen, maar die verspeel ik omdat mijn onderlijn breekt. Die dag zal Ramon nog 2 runs op de snowman uitlokken, wat voor mij de presentatie definitief bewijst. 3 keer kan geen toeval zijn.

Enige dagen later zitten we dus beiden gewapend met snowman-rigs op dezelfde stek. Het is erg rustig deze dag en ik heb weer lekker alles meezitten. Ik vis nog maar met één hengel, omdat er een stuk uit het topoog van mijn tweede is gebroken. Daar kwam ik pas achter nadat ik twee volledige montages de bomen in stuurde aan de overkant (hè…waarom breekt m’n lijn toch…ooh vandaar..). Aan het eind van de ochtend sta ik net een boom te besprenkelen, wanneer de langverwachte run volgt…Gelukkig zit Ramon een meter naast mijn hengels, dus hij kan de vis aanslaan..alleen de run stopt niet… Onder hoge druk loos ik de restanten en draai me om, om daar een heerlijk slapende Ramon naast de hengels te zien... (en die pieper stond toch écht niet zacht). Ik sla aan en krijg de vis, verrassend, zonder veel moeite uit de takken en kan dolblij mijn eerste vis van het water landen. Een schub van net geen acht kilo..op een Snowman.. maakt mijn dag weer goed. Tot nu toe nog geen monsters, maar de eerste successen zijn er!

De er op volgende weken worden nog wat sessies op het thuiswater gevist, en nog een dagje naar Belgie. Ik ga het eens met tijgernootjes proberen, misschien willen ze die wel sneller pakken. Of de karper ze lekker vind weet ik tot op heden nog niet, maar na 2 brasems en een zeelt in minder dan een uur kan ik wel concluderen dat de witvis ze wel lekker vind. 26 mei heb ik eindelijk succes! De witte Ibiza van Frank wordt als vervoersmiddel gekozen en we zitten nog voor het licht wordt al weer op ons vertrouwde stekje. In het ochtendzonnetje zitten we lekker in te dobbelen, we hebben beiden een redelijk zware, vooral korte, nacht achter de rug, als daar plots een pieper voor mijn voeten tot leven komt. In een reflex doe ik mijn ogen open, sla aan en sta tegelijk op…en nog voor de vis op gang komt, heb ik de hengel al vast en staat deze tot de molen krom. Een log gewicht komt rustig op gang en wil vol enthousiasme de takken induiken. Ik weet hem net op tijd te stoppen en de bewegingen worden omgezet in parallel aan de oever heen en weer zwemmen. Aan het tempo te voelen is dit een betere vis! In het heldere water zien we een dikke schub buffelen en na nog enkele uitvallen richting de takken kan Frank het net onder een hoge hangbuik schub steken. Wojoooow..zou het…? Dat helaas net niet, maar met 27 pond komt ie aardig in de richting. Kijk dat zijn vissen waar je al de moeite voor doet!

De Frenk heeft tot nu toe nog geen karper weten te verleiden op dit water. Hij claimt voor het gemak maar even mijn stek, dat mag hij, ik ben toch al in de zevende hemel, en nog geen halve minuut later hoor ik weer gepiep. “Frank kap nou eens, zet die dingen dan uit als je je swinger er aan hangt” “Nee man dat ben ik helemaal niet!” .. Ooh…uhh…BEET! Frank slaat aan en gebruikt de inmiddels redelijk succesvolle “uit de takken sleur-methode”, maar hij wil de vis wel erg graag en ik hoor zelfs enig gekraak bij de molenhouder. Gelukkig blijft alles intact en er komt een klein schubje naar boven. Maar wanneer ik het net optil, voelt het toch ietsje zwaarder. Ietsje veel zelfs. We leggen de vis op de mat en zien daar een een tonnetje ronde vis liggen, wat een dikzak zeg. Bij een lengte van 67 cm haalt deze vis de 20 pond gewoon! Eindelijk resultaat!
Vlaams succes!
Vlaams succes!

We spoelen even door naar de zomervakantie. We lezen altijd verhalen van weken lang kilo’s boilies storten en dikke vissen vangen. Tot nu toe, voerden we niet, of één dag van te voren een halve kilo boilies op ons thuiswater. De vriezer moet leeg, ik wil nieuwe bollen gaan draaien en wil van m’n pellets af, dus besluiten Mathieu en ik dit ook eens op ons water te proberen. We gaan een week lang iedere dag een paar kilo boilies en pellets storten in een hoek van het water. Dit doen we op een halve cirkel, met een straal van 30 meter Zo gezegd zo gedaan, en na een dag of 3 zie ik in de voersector al zeker 10 aasplekken, en op het moment dat ik gevoerd heb komen er steeds meer bij. Op het moment van vissen is het weer slecht, heel slecht.

De vis is goed los, dat wel. ’s Middags treffen al zo’n 5 vissen het net, maar kunnen we ook 3 keer onze rodpod verplaatsen vanwege het stijgende water. Ook onze tenten komen wel akelig dicht aan het water te staan. En het regende vrolijk door… Rond middernacht gaan we slapen, en op dat moment staan mijn voorste haringen al in het water. Geen fijn idee, en wie weet hoeveel gekker het nog wordt! De conclusie wordt getrokken, tenten verplaatsen. Gelukkig verzin je zoiets net als het keihard gaat regenen, en dus wordt er snel één tent afgebroken en het materiaal in de andere gesmeten. Hetzelfde geldt voor de andere, en zo kunnen we ons materiaal nog redelijk droog houden.

Zoo, de tenten staan 10 meter verder naar achter, de rodpods staan nu op de plaats waar de tenten eerst stonden, tukken maar. Net als ik goed en wel weer lig, krijg ik weer een run. De vis heeft braaf gewacht tot we uitverhuisd waren. Alleen, een uur later en 3 vissen verder, vind ik het toch wel leuk geweest, ik wil nu eigenlijk wel slapen! Na onze nachtelijke verhuizing, gevolgd door 7 vissen in 4 uur ben ik aardig kapot. Het is inmiddels al licht aan het worden, dus ik draai even m´n hengels binnen. De vissen zijn tot nu toe allemaal hetzelfde formaat en het zijn leuke, maar geen bijzonder grote vissen, dus dat risico durf ik te nemen. Eerst even een paar uurtjes tukken! Rond 11uur word ik door visite weer wakker gebruld en gooi ik mijn hengels weer in, Helaas was de vis toen inmiddels uitgekeken op de stek, en bleven de piepers stil. Maargoed, met negen karpers en Mathieu die vier aanbeten wist te verzilveren, gaan we toch met een voldaan gevoel naar huis!
Nathan zit klaar voor de nacht
Nathan zit klaar voor de nacht

Zo vang ik gestaag mijn vissen van de zomer op het thuiswater, maar de uitdaging zuidelijk van onze landsgrens roept weer. 4 vruchteloze sessies later keer ik zonder vis, met een lege tank èn lege tacklebox (fijn al die obstakels) terug. Ik heb er even genoeg van, dit is niet mijn water. Echt, de locatie is schitterend, de vissen zijn allemaal oude vissen, plaatjes van spiegels en beresterke schubs, die het klappen van de zweep maar wat goed kennen ten gevolge van jarenlange drukte wat karpervissers betreft. De beperking van het niet hebben van een voerboot en gebrek aan tijd om te voeren is dusdanig groot dat de vissen bijna onvangbaar zijn.

Frank S en ondergetekende beginnen aan een nieuwe uitdaging, we gaan de resterende 3 weken van onze vakanties aan te slag op de baai. Even genoeg van dat precisie werpen, frutseltje dit, millimetertje daar, en op de centimeter nauwkeurig voeren. Het is tijd voor groot water, niet te moeilijk, het voer wordt subtiel als een boer die aan het zaaien is, op een lange strook rondgeknikkerd. Je geen zorgen maken over die ene boilie die misschien wel een meter te ver van het obstakel ligt. Neen, de uitdaging is om op dit gigantische water een school vis (karpers(!!!!), witvis is totaal geen probleem om te lokken zo is gebleken) in je sector krijgen en daar hopelijk van profiteren.

Het afzoeken van de bodem heeft op zo’n 80 tot 100 meter uit de kant een brede mosselbank opgeleverd en we besluiten daar onze voercampagne te houden. Het is een ruime meter diep, dus tot daar is uitlopen nog net mogelijk. En zo gaan we een week voor de eerste visdag iedere dag met een flinke ton gekookt duivenvoer een stukje wandelen (eerst een kilometer naar de stek gevolgd door 100 meter in het water. We voeren een strook van 40 meter duivenvoer, zo’n 10 kilo, met daarop verspreid 2 kilo boilies en pellets. De tactiek is om twee hengels op die strook te vissen, en één aan iedere kant er iets buiten.

Eindelijk is dan het moment aangebroken om er te vissen. De wekker dreunt me om half 6 uit mn bed en een uur later sta ik bij Frank voor de deur. De spullen worden ingeladen en de stevenen gewend richting het water. Nog geen half uur later staan de hengels van Frank al weer tegen de shelter, de oorzaak: een winde en een brasem. Net wanneer hij weer een winde staat binnen te draaien komt ook mijn hengel stotterend op gang en wanneer ik aansla schiet de vis er als een speer vandoor. Na een tijdje stoeien (wat gaan ze hard op open water!) zit de vis vast achter de mossels. Het is mijn eerste op dit water, dus geen risico en ik ga de vis halen. Gelukkig komt hij als ik tot 20 meter genaderd ben los. Een nieuwe belevenis voor mij: Drillen tot je middel in het water zo’n 40 meter uit de kant, heel stoer om die vis zo om je heen te zien zwemmen! De vis wordt succesvol geland en de eerste karper is binnen, met 8 kilo geen reus, maar dat smaakt naar meer!
Beetje boilies op het duivenvoer strooien…
Beetje boilies op het duivenvoer strooien…

Een uur later is het weer raak op deze hengel, na enige losse piepen dendert de vis er vandoor, schiet de lijn razendsnel van de spoel af, alleen wanneer ik aansla voel ik helemaal niks meer, de lijn is afgeschuurd op de mossels. Wie riep er van te voren ook al weer dat hij voorslag wat overdreven vond..?! Ik viste alleen met anderhalve meter leadcore (safety montage hoor!), meer dan genoeg dacht ik. Nu wordt er toch ook maar 10 meter voorslag gemonteerd, en een meter leadcore..dat schuurt hopelijk niet zomaar af! Tot nu toe word ik nog redelijk met rust gelaten door alle witvis, Frank heeft inmiddels al 4 windes en 3 brasems te pakken en gaat met 28 mm knikkers vissen om het te verminderen. Vervelend maar waar, waarschijnlijk hangt er een school rond de stek, want iedere keer binnen 10 minuten worden we geconfronteerd met een dansende waker. Nu is het op zich niet erg om af een toe een witvisje te vangen, maar op deze manier moet de karper er wel heel snel bij zijn om het aas te pakken. Ook het wandelingetje van 100 meter met water tot de rand van het waadpak wordt steeds minder plezierig. Na een uur en 3 brasems en een winde later ga ik ook iets anders proberen. De oplossing: een rig met een dubbele 20mm bol onder elkaar, met veel ruimte tussen haak en boilie! Daar kunnen ze zeker weten niks mee. Met een gevoel voor euforie leg ik mijn net uitgelopen anti-brasem hengel op de rodpod, alleen dit gevoel verdwijnt als sneeuw voor de zon, nog geen 10 seconden later (dit is geen grapje!), omdat er een brasem aanhangt…. K*t hè! Wat we ook proberen, die rotbeesten pakken alles.

Tijdens het eten is het even rustig, totdat ik Frank ineens hoor zeggen: hoor jij ook iets? Automatisch richten we de blik op de hengels en zien daar de swinger van Frank verticaal hangen, en daarna omhoog knallen met een dikke fluiter als gevolg. Ja ik hoor nu ook iets! Hij springt uit z’n stoel en ik roep hem nog na dat hij z’n waadpak niet aan heeft, maar in een automatisme (we hebben de hele dag ons waadpak aangehouden, maar we hebben ze nu vanwege absentie van gepiep even uitgedaan) springt hij zo het water in! Terug de kant op, waadpak aantrekken, de pieper fluit rustig door, en aanslaan maar. Gelukkig gaat alles goed en de karper kan geland worden. Geen grote, maar gelukkig na 6 windes en 4 brasems toch ook een karper.
Onze baai..
Onze baai..

Later op de avond is Frank even bij een collega-visser gaan buurten even verderop, wanneer hij weer last krijgt van een overactieve winde. Ik draai de hengel maar even in, want dat gepiep de hele tijd wordt je ook niet vrolijk van en de vis ook niet. We spreken over een win-win situatie hier! Ik zit net weer goed en wel in m’n stoeltje te lezen als ik ook een zakker krijg op m’n antibrasem-rig (die nog 3 brasems opleverde ’s middags) Zucht, ik trek m’n waadpak weer aan om die ook binnen te halen, maar ineens knalt de top naar beneden en giert de pieper het uit! Binnen een seconde zit in ik m’n pak en ren het water in. Nadat hij 3 hengels finaal in de knoop heeft gezwommen kan ik nog een vis van 7,5 kilo landen. Het is al aan het schemeren, we besluiten de hengels nog 1 keer uit te lopen en houden het dan voor gezien, we hebben het nu wel een beetje gehad. Ik besluit nog maar 1 hengel uit te lopen omdat, en dat komt écht weinig voor, ik het helemaal gehad heb vandaag met al die brasems. 10 minuten later staan we allebei een winde te onthaken en is de moeite voor niks geweest. Tijd om naar huis te gaan.

De tweede sessie is twee dagen later, alleen deze keer blijft het stil…heel stil, doodstil. Uit pure verveling ga ik met m’n 3e stok met een dobbertje tussen het riet een beetje op rietvoorntjes vissen. Natuurlijk kunnen wij de dag niet witvis-loos sluiten en eindigen we ook met beiden een stuk of 4 lappen.

Maar…we hebben wel lekker gebarbecued!

Mooie momenten in het najaar.


Na een helaas ook derde visloze sessie op de baai besluiten we deze even vaarwel te zeggen om eerst alles eens op een rijtje te zetten, zodat we volgend jaar wel goed voorbereid kunnen gaan vissen. De nazomer en najaar kenmerken zich voor mij vooral in werken en studeren. M’n laptop loopt op z’n laatste benen en we willen graag een boot voor volgend jaar, dus dat wordt werken geblazen. Om toch een beetje bezig te blijven ga ik in de weekenden af en toe in een poldersloot niet ver van mijn ouderlijk huis pennen. Ik vis dan vooral op 2 duikers, waar ik 4 stekjes aanvoer en deze kort bevis. De ervaring heeft geleerd, dat er toch binnen een kwartier een vis te vangen moet zijn als hij in de buurt is. Duurt het langer, dan probeer ik het volgende stekje, krijg ik beet, dan ga ik door tot er geen vis meer komt. Hartstikke leuk, ondanks dat de vissen niet vaak groter dan 60 cm zijn, kun je op enkele uurtjes pennen toch 4 a 5 visjes vangen. Echt een leuke sport. Ik gebruik een lichte spinhengel van 2.70 meter, in combinatie met een spinmolentje met 0.22mm lijn. Een penhengel van 3.90 vind ik onzin, wat moet je ermee? De sloot is maar zo’n tien/vijftien meter breed, makkelijk aan te gooien dus. Bovendien, het vervoert alleen maar lastig. Ik beperk me zoveel mogelijk in materiaal, zodat je lekker mobiel kunt vissen. Een hengel, een potje mais, een klein landingsnet met lange steel (handig op de duikers) en wat klein materiaal in mijn broekzak, meer heb ik niet nodig, ideaal!
Het domein voor het najaar...
Het domein voor het najaar...

De resterende daagjes van het gaan voorbij zonder dat de hengels echt noemenswaardig aan de slag moeten, wat dus betekent dat dit seizoen ook weer ten einde is. Niet echt een goed seizoen gedraaid, maar meer ook een jaar van zoeken en experimenteren. Het Belgische water heeft het van me gewonnen. Ondanks enige mooie vissen is het toch niet mijn ding. Ik ben er nu wel achter dat ik een groot water visser ben en niet echt van de dressuur- en obstakel- putjesvisserij. Ieder zijn ding en dit water laat ik over aan de enthousiastelingen die zo’n water wel geweldig vinden. Maargoed, zoiets weet je niet voordat je het geprobeerd hebt!
Alleen, als ie ijs- en ijskoud is!
Alleen, als ie ijs- en ijskoud is!

Ik heb dit jaar weer veel nieuwe mensen ontmoet, erg leerzaam om in plaats van zelf te gaan vissen eens bij andere wateren en personen te gaan kijken. Al deze vers verkregen informatie en veel voorbereiding tijdens de wintermaanden ga ik samen met Frank S. toepassen op de wateren die we voor het komende seizoen in het vizier hebben. Hopelijk betaalt dit zich uit volgend jaar,

Yours faithfully,

Pim

Voor reacties, aanvullingen of vragen kunt u een bericht plaatsen in de reactiebox


 
Naar top van pagina
© 1999-2007 Karperwereld Online. Alle rechten voorbehouden.      Disclaimer