Dankzij of ondanks het voeren? – Joachim Stelma

Favoriet Favoriet
Dankzij of ondanks het voeren? – Joachim Stelma

Begin 2018 gooit Joachim Stelma het roer totaal om! Samen met zijn vrouw Mellaney vertrekt hij naar het zuiden om daar een nieuw leven te beginnen. Niet zomaar ergens in het zuiden, nee! Een schitterende locatie vlakbij de rivier de Lot, mooier kan eigenlijk niet! Lot Of Carp loopt als een trein, en Joachim is inmiddels groot fan van SAGA en zet deze bollen vol vertrouwen in op de Franse rivieren. Lees hier zijn verhaal:


Wat als…

Joachim aan het woord: Karpervissers… Het meest eigenwijze volk ter wereld. Sinds ik zelf visboten verhuur in Zuid-Frankrijk is me dat wel weer duidelijk geworden. De een denkt het verschil te kunnen maken met een speciale rig, de ander met een boilie die absoluut beter vangt. Laat ik voorop stellen dat ik dit zeker niet negatief bedoel, want veel karpervissers hebben hierdoor wel een soort onderzoekende houding. Het mooie aan vissen is dat je nooit 100% zeker kunt zijn dat iets wel of niet werkt. Heb je die bak nou gevangen dankzij of ondanks die enorme hoeveelheid voer en had je misschien wel veel meer kunnen vangen? Het antwoord weet je nooit, er zijn zo ontzettend veel variabelen die meespelen.

Wat als ik dit of dat anders had gedaan?

Achteraf heb ik altijd na een sessie altijd de gedachte: ‘wat als ik dit anders had gedaan, wat als we die stek hadden geprobeerd?’ Weer mooie ervaringen om mee te nemen voor de volgende keer, maar dat is aan de ene kant ook gevaarlijk, want de keer erna kan alles anders zijn! Het weer, de luchtdruk, noem maar op…

Er zijn zoveel verschillende soorten aas…

Het mooiste vind ik altijd: AAS! Loop een hengelsportwinkel in, wat zeg ik, een beurs, en je weet wat ik bedoel. Waarom zijn er zoveel soorten? Zou het echt uitmaken? Ik geloof er niks van! Een karper is toch maar een dom beest dat gewoon wil eten. Toch zullen ook vissen een voorkeur hebben. Kijk bijvoorbeeld naar je huisdier, die heeft toch ook een voorkeur? Mijn kat hoeft bepaalde dingen niet, terwijl ze helemaal wild wordt wanneer ik een zakje met kattensnoepjes pak. Dat wil je ook met karpers, dat ze helemaal los gaan wanneer jij die ene zak karpersnoepjes te water laat.

Ok, dus welk aas moet je nou meenemen (en hoeveel)?

Goede vraag! Vismeelbollen zijn bijvoorbeeld erg populair, maar is dit wel terecht? Allereerst moeten we denk ik onderscheid maken in de verschillende seizoenen, wateren en voedingswaarden van boilies.

Ondanks of dankzij, dat is altijd de vraag.

Voedingswaarden

In het beginsel dient er volgens de goeroes rekening gehouden te worden met de componenten van een boilie, te weten eiwitten, vetten en koolhydraten. Karpers hebben alle drie de grondstoffen nodig, anders gaan ze dood. Vitamines en mineralen laat ik gemakshalve even buiten beschouwing.

Eiwitten

Natuurlijk voedsel zoals mosseltjes en kreeftjes zijn behoorlijk eiwitrijk. Eiwitrijk voedsel is daarom ook in overvloed aanwezig, zeker in de zomermaanden. Eiwitten zijn de bouwstenen  in het voedsel maar ze kosten de karper ook veel energie om af te breken. Hiervoor hebben dus weer koolhydraten en vetten nodig! Je hoort ook wel eens dat de kleinere vissen meer eiwitten nodig hebben, in theorie zou je met eiwitrijk aas dus meer kleinere vissen vangen?

Koolhydraten & vetten

Koolhydraten komen veel minder voor in natuurlijk voedsel. Het  geeft de karper veel energie en het verteren van koolhydraten gaat sneller dan eiwitten. Ook vetten geven de karper energie. Zelf ben ik zeker geen aasgoeroe dus ik zal er niet al te diep op ingaan. Wel is het natuurlijk belangrijk om bij je keuze stil te staan. Feit is dus dat eiwitrijk voedsel al voldoende aanwezig is. Maar, kies je dan juist voor eiwitbollen of voor koolhydraten? Beide keuzes zijn tenslotte te motiveren.

Weinig voerwerk is nodig als je instant op de juiste plek vist!

De eiwitrijke (bijvoorbeeld vismeel) boilies komen overeen met het natuurlijk voedsel. Aan de andere kant zijn er al eiwitten genoeg te krijgen dus zal een karper eerder koolhydraten pakken? Zelf denk ik dat beide theorieën naar de vuilnisbak kunnen, want een karper kan (net als mensen!) helemaal geen onderscheid maken tijdens de aasopname. Wél is het zo dat karpers koolhydraten makkelijk verteren en ze flink wat energie geven aan de vis. Dit is in de zeker in de zomermaanden geen overbodige luxe en kan ertoe leiden dat ze ook nog eens meer gaan azen.

De conclusie

… is dus dat je, kiest voor goed aas met verse ingrediënten. Of een karper echt verschil merkt weet ik niet maar hoe meer je kunt uitsluiten hoe beter. Maar, wanneer is iets vers? Is een freezerbait bijvoorbeeld wel echt vers? Als je als kleine thuisdraaier zo nu en dan wat gebruikt van je ingrediënten, kun je dan nog spreken van verse boilies?

Vers aas is goed voor het vertrouwen.

Ten tweede denk ik dat je er goed aan doet om de verschillende werelden van eiwitten en koolhydraten te combineren. Zelf kies ik het liefst voor zoete koolhydraatboilies in combinatie met vismeelboilies. Door vissers vaak genoemd: ‘zoet of vis’. Des te warmer het water des te groter het aandeel zoete boilies. Echt warm bedoel ik dan, dus als er veel natuurlijk voedsel aanwezig is. In de winter, als het water koud is en de karpers weinig zwemmen (en dus weinig energie gebruiken) kun je vismeel beter thuis laten. De karpers hebben meer moeite met het verteren en zullen er dus minder van eten.

Karpers houden van attractief aas.

Mixen is dus het sleutelwoord. Je spreekt dan ten alle tijden alle karpers aan. Een combinatie die mij erg aanspreekt is de Tunana en Mulberine van SAGA. Beide bollen zijn naast echt goede ingrediënten flink geflavourd wat ik echt een groot voordeel vind. Niet  de voedingswaarde, maar de smaak laat een karper door schranzen. Wil je snel brokken maken dan moet een boilie gewoon extreem attractief, lekker en niet te weigeren zijn voor een karper. Natuurlijk trek je met attractief aas ook witvis aan, maar dus ook karper. Die paar kopvoorns neem ik voor lief.

Wat Joachim betreft kan het niet attractief genoeg!

Met de zomer in aantocht schroef ik het aandeel vismeelboilies toch wat terug. Zeker op de rivieren waar ik veelal vis en het al barst van het natuurlijk voedsel. Mijn favoriete combinatie is dan wederom Mulberine, samen met de Xsomnia. Deze bevat weer wat minder vismeel maar is minstens zo attractief. Wat je vervolgens nog ten alle tijden moet toevoegen zijn wat handen tijgernoten. Met tijgernootjes blijft er altijd wel voer liggen, zelfs al is een school brasems over je stek gezwommen. Op kleinere putjes waar de karpers al zeker gewend zijn aan vissersaas doen vismeelboilies het bij mij opvallend beter. Maar zoals ik al eerder schreef, is dat ondanks of dankzij ik veel attractieve vismeel boilies gebruikte?

Joachim zijn persoonlijke favoriet!

Experimenteren met hoeveelheden

De hoeveelheid boilies die ik meeneem hangt af van het jaargetijde en natuurlijk de duur van de sessie. Het te bevissen water speelt bij mij niet mee in de keuze want het kan zomaar zijn dat ik in een week zowel rivieren als putjes bevis. Meestal beperk ik het voer tot boilies en tijgernoten.

Op de Rhône kun je niet snel teveel voeren.

Wat me wel duidelijk is geworden is dat je eigenlijk niet snel te veel kunt voeren. Dan heb ik het dus wel specifiek over vóórvoeren. Instant vissen is een ander verhaal. Dan is het gewoon zaak dat je op de juiste plek ligt te vissen. Enkele boilies om je haakaas is dan voldoende, tenzij je natuurlijk op een grote school vis zit waarbij je wilt proberen de grotere vissen te vangen. Ik heb echter nooit bewijs kunnen zien van de correlatie tussen veel voer en grotere vissen.

De grotere vissen kwamen wel van buiten de voerstrook.

Voorvoeren, wat nu?

Oke, mijn visie over voorvoeren ga ik nu uitleggen met behulp van twee kleine flashbacks. Het eerste experiment was op de Rhône, in het najaar. Er moet gezegd worden dat er een groot bestand aan karper zwemt, maar wel met een zeer groot aandeel aan kleinere vissen. Vaak is het zo dat het stil valt nadat je enkele vissen uit een school hebt gevangen.

De X-somnia van SAGA, echt een zomer topper!

Vis vast houden en duurzaam blijven vangen is er zelden bij, dus wilden wij wat proberen. We hadden al een dagje gevist, met een stuk of zes karpers tot een kilo of vijftien als resultaat. We zagen nog steeds activiteit op de stek maar wilden nu eens kijken of we met veel voer vis vast konden houden en de grotere vissen konden ‘selecteren’, zoals je regelmatig in de boekjes leest. Hengels uit en 80 kg boilies erin, verspreid over een zone van ongeveer 50 bij 100 meter, niet eens heel groot dus.

Binnen een half uur lag de eerste vis al op de mat, prachtig!

80kg lijkt best veel, zeker als je weet hoeveel aas opnames een vis dan wel niet moet doen. Het is nou ook weer niet zo dat ze opgestapeld liggen. De nacht visten we op een ander stuwstuk, maar de volgende ochtend kwamen we vroeg terug. Het voer had er toen een uur of acht in gelegen. Binnen een half uur lag de eerste vis al op de mat, prachtig!

De SAGA bollen stelden niet teleur!

De hele dag bleef het lopen, achter elkaar, met als topper een spiegel van ruim 24 kg. Zou het geholpen hebben? We herhaalden ’s avonds dezelfde voertactiek en kwamen weer de dag erna terug. Blank…

Heeft voeren dan wel zin?

Hoewel er dus een flinke topper bij zat was het gemiddelde gewicht van de vissen zeker niet groter dan voorheen. Wel kwamen de grotere vissen meer van buiten de voerstrook. Iets wat je vaker hoort en ik dus bij dit experiment kan bevestigen.

Het tweede experiment was op de Lot, hoogzomer. Temperaturen van meer dan 30 graden en stilstaand water met zeer inactieve karpers. Het bestand op het stuk waar ik ging experimenteren is niet heel groot te noemen. Er zit wel redelijk wat karper maar zeker niet zoveel als op de Rhône. De zone was een ondiepe plaat met veel wier, een absolute safe holding voor de karpers. Overdag was er dan ook veel vis waar te nemen. Omdat ik geen stretcher etc. bij de hand had was ik op het dagvissen aangewezen. En dat met hoge druk en vissen hoog in het water. Ik had nog behoorlijk wat voer over dus besloot ik er de eerste avond 50 kg boilies in te gooien. De oppervlakte van de zone was slechts zo’n 25 bij 50 meter waardoor werkelijk de hele bodem bezaaid was.

Altijd een chod mee!

Het water was glashelder waardoor ik de volgende ochtend goed kon zien dat alles weg was. Het gekke is dat ik nog maar zo’n vijf tot tien karpers zag zwemmen. Deze kreeg ik ook niet gevangen met dezelfde boilies als waar ik mee viste. Die avond herhaalde ik het voerritueel, maar nu voegde ik ook nog een emmer tijgernoten toe. Wéér alles weg de volgende ochtend. Weer legde ik hengels uit met tijgernoten en boilies, deze leverden niks op. De hengel met chod bleef echter achter elkaar lopen. Totdat ik alles had weggevangenen de stek verstoord was. Die avond ging alles wat ik nog over had te water, en weer was alles weg de ochtend erna. Helaas was het toen tijd om naar huis te rijden…

Met de chods ving ik ze wel!

Eigenlijk kan je maar weinig conclusies trekken uit alles wat je doet aan de waterkant, maar wat je wel altijd moet doen is dingen proberen. Van experimenten kun je zoveel leren! Ik zie vaak vissers die klakkeloos overnemen wat iedereen al doet. Dag van te voren wat voer erin en dan gaan uitzitten. Maar heeft voeren wel echt zin? Zorg in ieder geval dat het aas wat je meeneemt goed is en altijd een hengel met de chod 😉.

Succes dit najaar!

Joachim Stelma

De Karperwereld Online redactie is altijd op zoek naar het laatste karpernieuws en de mooiste verhalen. Heb je zelf iets interessants wat je wilt delen? Stuur het dan naar info@karperwereld.nl